ZAND

Hartverwarmend van NRC Handelsblad om zo nu en dan, behalve van Zomerens impressies, aandacht te besteden aan eenvoudig natuurbeleven, zoals in de rubriek Te Voet, van redacteur Kees Caljé.

Waar het onze restjes natuur betreft, is desinformatie echter uit den boze. In "Zand, zand, zand' (16 maart) gaat Caljé op twee punten te ver. De bewering dat het steken van heideplaggen "ook al niet bevorderlijk was voor een florissante flora', geeft elke florist acute maagklachten. Had het natuurbeheer geld en invloed, dan werden alle werklozen met spades de heidevelden opgejaagd om plaggen te steken, zoals van oudsher de boeren plachten te doen. Aanwaaiende voedingsstoffen (vooral stikstof, uit de landbouw, auto's, ook stuifmeel!) "verrijken' de heidezode dermate dat buntgrassen de zeldzame heidekruiden overwoekeren. Oude, dikke humuslagen zijn eveneens funest. Zonder beheer komt er bos.

De "oerbanken' die hij waarnam moeten bloot zijn gekomen door het wegstuiven van de (uitgeloogde) bovengrond. Oerbanken ontstaan door de werking van fulvozuren. Deze ontleden mineralen; ondermeer ijzer(hydr)oxide zet zich af in een inspoelingslaag - de oerbank. Mistig is de uitspraak dat oerbanken laten zien dat regen de mineralen "nog niet heeft weggespoeld'. De oerbanken leverden de grondstof voor lokale ijzergieterijen, tot, ik meen, in de jaren zestig. Menig juspan stamt van de hei.