ROZENSNOEI

In NRC Handelsblad van 18 maart schrijft Marion van Eeuwen dat het snoeien van rozen “vakkundig moet gebeuren” en dat “nogal wat ervaring vereist” is. “Niet iedere tuinier zal weten of hij een polyantharoos, struikroos of grootbloemige roos of een combinatie daarvan in de tuin heeft en elke genoemde soort vergt een iets andere snoeiwijze.”

Nu behoren polyantharozen (meestal trosrozen genoemd) en grootbloemige rozen beide tot de groep van de struikrozen. Struikrozen worden in het voorjaar kort gesnoeid en veel auteurs doen daar inderdaad nogal moeilijk over.

In dit verband is het onderzoek interessant dat door de Engelse National Rose Society onlangs werd uitgevoerd. Het bevestigt wat ik al enkele jaren in mijn tuin heb vastgesteld. Een groep struikrozen werd in Engeland met de heggeschaar zonder meer op 10 cm boven de grond afgeknipt. In de zomer was de bloei van deze rozen zelfs nog iets rijker dan van de controlegroep, die volgens de orthodoxe wijze werd gesnoeid (3-5 ogen, naar buiten wijzend, niet te veel gesteltakken en meer van dat gedoe).