ROESLAN CHASBOELATOV; De peetvader van de kleinburger

MOSKOU, 25 MAART. Roeslan Imranovitsj Chasboelatov is misschien slecht. Maar gek is hij niet. De vermaledijde parlementsvoorzitter van Rusland beheerst de politieke cultuur van zijn vaderland tot in zijn linker kleine teen: de wijze waarop hij de politieke crisis in Rusland de afgelopen vijf dagen heeft behandeld getuigt van groot vakmanschap.

Het is dezer dagen geen populair oordeel, in binnen- noch buitenland. Roeslan Chasboelatov wordt door zijn tegenstanders immers afgeschilderd als de vooruitgeschoven post van de “rood-bruine coalitie” die het bolsjewisme in Rusland wil herstellen. “Jozef Stalin/Roeslan Chasboelatov: de beelden beslissen alles”, aldus het weekblad Stolitsa, dat begin januari zijn cover had opgesierd met een fotomontage van een pijprokende Chasboelatov tegen de achtergrond van een staatsieportret van Stalin.

Hoewel de vergelijking in het artikel niet erg goed uit de verf kwam valt niet te ontkennen dat de nationaal-communistische "reactionairen' en bureaucraten in de Tsjetsjeen Chasboelatov hoe dan ook een perfecte grafdelver hebben die altijd tot de rand gaat. Als geen ander ruikt hij de grenzen van het mogelijke. Hij gedraagt zich graag arrogant (“En nu stemmen, u begrijpt later nog wel waarover het gaat”), ongemanierd (de adviseurs van Jeltsin zijn “wormen”), extremistisch (“De media hebben een volledige oorlog tegen de staat ontketend”), zelfhatend (hij heeft een keer alle de Tsjetsjenen uit de Moskouse hotels willen laten verwijderen) en hypocriet (“Ik ben niet ambitieus”). Soms, als hij wil laten zien dat hij dapper is, steekt hij een voetje in het vijandelijke mijnenveld. Maar als het er op aankomt zorgt hij er altijd voor dat hij niet op zelfs maar één verkeerd geplaatste komma kan worden gevangen.

Met die ambachtelijkheid is hij nu bezig president Boris Jeltsin stukje bij beetje te fileren. Wraak is daarbij zijn drijfveer. Zelfs gistermiddag, toen Jeltsin door de knieën ging en een decreet zonder tanden publiceerde, is hij daarmee voortgegaan. Want als hij de druk van de ketel zou halen, zou Jeltsin wel eens kunnen ontsnappen. Papier betekent in Rusland immers niets. Alleen via de ijzeren regelmaat van provocatie versus contraprovocatie kan hij zijn greep op de president behouden.

Het was zaterdagnacht al te merken aan de vijftigjarige parlementsvoorzitter. Terwijl Jeltsin via de televisie zijn plebisciet aankondigde en voor de komende vijf weken “speciaal bestuur” afkondigde, dat wil zeggen voor het oog van de natie duidelijk maakte dat hij voortaan buiten de volksvertegenwoordiging om zou opereren, reageerden veel politici nogal opgewonden. Niet Chasboelatov, die vanuit Kazachstan slechts droog liet weten dat hij die nacht nog naar Moskou terugvliegen om er “wet en recht” te herstellen.

Zondag opende hij de speciale zitting van het parlement en begon aan de langzame opbouw van de afbraak van Jeltsin. Hij ging niet als een dolle te keer, maar liet eerst alle mannen uit het presidentiële kamp opdraven. De oogst was rijk. Vice-president Aleksandr Roetskoj distantieerde zich als eerste van Jeltsin. De ministers van defensie, staatsveiligheid en binnenlandse zaken zwoeren om het hardst trouw aan de grondwet. De procureur-generaal toonde zich bereid tot een strafrechtelijk vooronderzoek naar de individuele verantwoordelijkheid van de opstellers (meervoud) van het decreet dat een dag eerder zou zijn ondertekend, ook al bestond de bewuste oekaze formeel niet omdat hij nog niet was gepubliceerd. Waarna hij ook nog secretaris Joeri Skokov van de nationale Veiligheidsraad over de brug kreeg. Skokov verklaarde Boris Nikolajevitsj diens actie te hebben afgeraden. Met andere woorden: de eenheid van het presidentiële team lag op voorhand al aan diggelen.

Behoedzaam ging Chasboelatov de dagen daarop verder. Maandag deed hij niets. De Opperste Sovjet vergaderde wat over belangwekkende onderwerpen als het herstel van Sotsji als dé badplaats aan de Zwarte Zee. Dinsdag was de tijd pas weer rijp voor actie. In de nacht daarvoor had het Constitutionele Hof zich gebogen over het grondwettige karakter van Jeltsins daden. Met zijn televisierede had de president zaterdag de constitutioneel vastgelegde machtsbalans doorkruist, was de conclusie. Drie uur later gaf Chasboelatov een persconferentie. De uitspraak van het Hof bood alle mogelijkheden aan de volksvertegenwoordiging om Jeltsin af te zetten, orakelde hij. Maar nog geen etmaal later bleek daarvan geen sprake meer. Het woord impeachment kwam niet voor op de convocatie van het Congres van Volksafgevaardigden, dat vrijdag bijeen zou komen. Zo'n openlijk agendapunt zou immers het bewijs zijn dat het hem alleen te doen was om de scalp van Jeltsin en niet om de rechten van het parlement, zoals hij zelf steeds had beweerd. Het zou een provocatie zijn, die het Kremlin met finale maatregelen (een echte noodtoestand) zou kunnen beantwoorden.

De president begreep het signaal in deze phony war en publiceerde na vier dagen uiteindelijk het decreet dat hij zaterdag had aangekondigd. Geen woord meer over “bijzonder bestuur”, geen woord over een “referendum”. Nee, het bleek nu ineens om niet meer te gaan dan een “stemming”, een begrip dat de Russische wet niet kent en dus nog alle kanten op kan worden gebogen. Even toonde Chasboelatov een zwak moment. Zijn persdienst verklaarde dat er nu geen noodzaak meer was voor het voor vrijdag geagendeerde Volkscongres. In drie uur wist Chasboelatov dit defaitisme de kop in te drukken. Na een gesprek met Jeltsin, dat werd bijgewoond door premier Viktor Tsjernomyrdin en president Valeri Zorkin van het Constitutionele Hof, kwam hij de Opperste Sovjet tegen de avond uitleggen dat alle stappen gewoon zouden moeten worden gezet. Want er stonden, ondanks de concessie van Jeltsin, nog een paar rekeningen open. Zoals die oekaze waarmee Jeltsin eergisteren de media naar zich toe heeft getrokken, en de beledigende “campagne” die is ontketend tegen rechter Zorkin, en de verantwoordelijkheid van de opstellers van dat “beruchte appel” aan het volk van zaterdag. “Ik zal mijn best doen om de president terug te krijgen in het raamwerk van de grondwet. Buiten de grondwet is er geen president”, aldus Chasboelatov. “Sinds de uitspraak is de legitimiteit van de presidentiële macht dalende. Dat wordt ondersteund door de informatie die ik in de regio heb ingewonnen”. Doelde Chasboelatov daarmee op het feit dat de lokale volksvertegenwoordigingen op zijn hand zijn? Wellicht. Maar dat was niet opmerkelijk. Of suggereerde hij met deze bluf ook te weten dat de gewapende machten in het land niet stonden te springen om echt partij te kiezen? En zo werd er besloten om Jeltsin vrijdag in zijn eigen Kremlin door het vijandige parlement weer eens onder vuur te laten nemen. Het bal werd weer geopend.

De dansers zwieren nu weer langs de rand van de afgrond. Maar Chasboelatov heeft nog geen punt verloren. Hij heeft tot nu toe alleen maar geïncasseerd. Hij loopt het risico met één stap te ver alles te verliezen. Maar dat deert hem kennelijk niet. Want Chasboelatov is pyromaan uit noodzaak, het is zijn wraak voor z'n afkomst. Als zoon van een Tsjetsjeense boer uit Grozny, die in 1944 op tweejarige leeftijd door Stalin werd gedeporteerd omdat ook hij als baby verantwoordelijk zou zijn voor de collaboratie met de nazi's, heeft Roeslan Imranovitsj altijd een stap harder moeten lopen. Hij heeft altijd harder moeten schelden om gehoord te worden. Hij heeft het daarmee tot Moskou geschopt, waar hij, voordat hij in de politiek ging, elf jaar lang professor in de economie was. Maar tot de Russische elite heeft hij ook als geleerde nooit echt behoord en zal hij ook nooit kunnen behoren.

Uiteindelijk is die rancune een defensieve positie. Als Tsjetsjeen wordt hij hoe dan ook onmiddellijk geassocieerd met mafia en corruptie, omdat Tsjetsjenen in Russische ogen per definitie niet deugen. Het feit dat Chasboelatov zich in een koninklijk appartement van Leonid Brezjnev heeft ingekwartierd en er trots op is dat de pers zijn liaison met de leerling-journaliste Dasja breed uitmeet, maakt dat er niet beter op. Als een mede-Tsjetsjeen bij een Moskouse krant komt melden dat hij Chasboelatov kan maken of breken (“Het lot van Roeslan Imranovitsj wordt niet in Moskou bepaald, maar in Grozny”) is dat dus meteen een half feit.

Roeslan Chasboelatov compenseert dit alles met een verwoestend politiek instinct. Hoewel hij op persoonlijk gewin uit is, staat hij niet alleen. Hij heeft zich opgewerkt tot dé peetvader der middenklasse. In hem komt de kleine bureaucratie samen, al die provinciale ambtenaren met de pet die in Moskou altijd met twee woorden hebben moeten spreken en nu weer worden gekleineerd door de Jeltsin-jongens. Chasboelatov is de politicus van de Sovjet-kleinburgers die het systeem decennia lang hebben geschraagd en nu worden geschoffeerd door snelle "democraten' die, toen ze nog "communist' waren, ook al over hen heenliepen. Hij is daarom een geduchte tegenstander. Want kleinburgers, die zijn er in Rusland in overvloed.