Praten leren in zwart-wit

De fototentoonstelling in het Amsterdamse Muziektheater/Stadhuis is vrij toegankelijk en duurt tot 5 april. Stichting De Moor zal over enige tijd een boekje uitgeven van de foto's en de bijschriften. Inlichtingen: 020-6263010.

Op de bovenste verdieping van de Jan Ligthartschool voor moeilijk lerende kinderen is de leukste fototentoontelling van Amsterdam te zien. In de smalle, ouderwets betegelde gang voor de klas van meester Harry Brokamp hangen foto's die de kinderen zelf hebben gemaakt en van korte onderschriften hebben voorzien. De expositie geeft een beeld van het leven dat de leerlingen leiden buiten school. De galerij van de flat met het buurjongetje, een portret van de boksclub, moeder die gymnastiekoefeningen doet op de hometrainer, de poes die opspringt naar een propje, een broertje dat in de slaapkamer een computerspelletje speelt, vader die de kratten frisdrank uit de kelder de winkel intilt. Op de eerste foto die Makram (12) laat zien staat hij zelf met zijn kleine broertje op de arm voor een wand met televisies. ""We zijn bij de Maxis'', legt hij uit. De plek heeft hij uitgekozen omdat hij van televisies houdt: ""Het staat mooi.'' Ook op de andere foto staat zijn broertje: hij zit in een badje midden in de kamer, zijn moeder gooit water over hem heen. In het onderschrift vertelt Makram dat zijn broertje de pap op zijn hoofd en zijn buik heeft geknoeid. Perihan (12) heeft haar vriendin gefotografeerd, die altijd eerst door het raam naar beneden kijkt voordat ze de deur opendoet. Op de andere foto staat haar neefje voor een behang met raceauto's. ""Donderdag was ik bij mijn neefje'', schrijft Perihan eronder. ""Dat is omdat ik bij mijn grote zus ging slapen. Toen heb ik hem tegen de muur gezet. Ik heb hem gezegd dat hij zo moest blijven staan tot ik klaar was.''

Sinds 1985 fotograferen de kinderen van de Jan Ligthartschool. Met allerlei kleine subsidies heeft de school een goed voorziene doka bij elkaar gesprokkeld waar de kinderen hun eigen foto's kunnen afdrukken. ""Het was in het begin wel even wennen'', zegt Harry Brokamp, ""fotograferen deed je niet met kinderen.'' Al snel merkte hij dat deze kinderen, die moeite hebben met het beschrijven van situaties en het onder woorden brengen van hun gevoelens, veel steun hadden aan de foto's. ""Ze gingen erdoor praten'', zegt Brokamp. Moeilijk lerende kinderen - vroeger heetten ze "zwakbegaafd' - lopen ongeveer twee jaar achter bij hun leeftijdgenootjes, hun geheugen en woordenschat zijn beperkt. Het fototoestel biedt hun een extra mogelijkheid zich te uiten en iets over hun leven te vertellen. ""De kinderen weten weinig van elkaar'', zegt directeur Mariet Brouwers van de Ligthartschool, ""ze komen uit alle delen van de stad hierheen.'' Het project dat uitmondde in de tentoonstelling werd geleid door Stichting De Moor, die twee fotografen en een taalspecialist inzette. In groepjes werd er met de kinderen gepraat over hun dagindeling: ze vertelden over eten, naar school gaan, spelen met vriendjes, televisie kijken, naar familie gaan, slapen. Laat maar eens wat van die momenten zien, luidde de opdracht van de medewerkers van De Moor. Ze gaven de kinderen een fototoestel mee naar huis waarmee ze 36 zwart-wit foto's konden schieten. Nadat deze afgedrukt waren begonnen ze aan de hand van de beelden te vertellen. Daardoor kwamen ze vaak op nieuwe ideeën: de een wilde de bakker gaan fotograferen, de ander zijn vriendjes op straat, een derde de poes. In de tweede ronde stelden de kinderen zichzelf een opdracht: dat wil ik gaan fotograferen. ""Mustafa wilde graag zijn vader op de foto'', vertelt Harry Brokamp, ""maar die wilde eerst niet. Uiteindelijk is het hem gelukt. Vader op de bank en Mustafa gaf hem instructie hoe hij moest gaan zitten.'' De meeste foto's zijn door de kinderen in scene gezet, weet meester Brokamp, maar omdat ze door intimi zijn genomen geven ze een heel bijzonder beeld van hun dagelijks leven. Dat zou een buitenstaander nooit lukken.

""Je ziet ook ineens heel andere kanten van de kinderen'', vindt Mariet Brouwers. ""Een van die jongetjes zag ik altijd als een echt straat-survivertje, maar die had alleen foto's genomen van zijn kleine broertje en zusje.'' Ook de foto's van de tweede ronde werden uitgebreid besproken. De beste werden geselecteerd en door de kinderen met vakkundige hulp afgedrukt. In de kringgesprekken is naar aanleiding van de foto's gesproken over onderwerpen als eten, vriendschappen en familie. Veel kinderen zijn van allochtone afkomst en ""zij hebben vaak moeite om over zichzelf te praten'', heeft Brokamp ervaren. ""Dat hangt samen met hun culturele achtergrond. Het zijn dingen die een ander niet aangaan. Maar deze kinderen vormen de tweede en derde generatie van buitenlandse afkomst, ze zullen hier blijven. Daarom is taal zo belangrijk voor ze. In onze maatschappij moet je kunnen vertellen wat je wilt. Je moet weerbaar zijn en voor jezelf kunnen opkomen.''

Het fotoproject heeft wat meester Brokamp betreft een prachtig resultaat opgeleverd. ""Je ziet dat deze kinderen het kijken niet verleerd zijn.'' Ook directeur Brouwers is enthousiast. ""Wij merken vaak dat veel projecten op het gebied van kunstzinnige vorming niet geschikt zijn voor deze groep van moeilijk lerende kinderen. Het gaat ze te snel en dan raken ze de kluts kwijt. Maar fotografie is bij uitstek een manier om ze iets met beeld en taal te laten vertellen.'' Behalve in de gang van de school heeft Stichting de Moor ook een expositie van de foto's ingericht in de kassahal van het Muziektheater. Bovendien reizen de foto's in de loop van het jaar naar Boston in de Verenigde Staten, waar een vergelijkbaar project wordt uitgevoerd. Foto's uit Boston komen op hun beurt naar Amsterdam.

Duidelijk verhaal