OVERHEIDSTEKORT

Het lijkt het ei van Columbus, het idee van de commissie-Zijlstra om de overheidsuitgaven te bevriezen, maar het is het niet.

Het maakt niet veel uit of men volgens de ene of de andere methodiek bezuinigt of ombuigt, alleen het resultaat telt. De kabinetten-Lubbers gaan uit van het "volgens het tijdpad' terugbrengen van het financieringstekort. Daar komt niet veel van terecht. Er is door (kas)verschuiftrucs en onttrekkingen uit pensioen- en sociale fondsen heel wat miljarden aan uitgaven gecamoufleerd, in tijden van hoogconjunctuur is nagelaten bezuinigingen door te voeren en nu, bij economische tegenwind, is men niet meer in staat het geplande bezuinigingstempo te handhaven.

Ook als de overheidsuitgaven worden bevroren zal men zogenaamde "tegenvallers' (in werkelijkheid verkeerde inboekingen en te optimistische schattingen) tegenkomen en zal de politieke moed ontbreken om deze ongedaan te maken.

Ook is het "bevriezen' van de uitgaven (geïndexeerd met de prijsstijgingen!) onvoldoende om op de lange termijn een compleet debâcle en een totale chaos in de overheidsfinanciën te voorkomen. In dit geval wordt de terugdringing van het financieringstekort volledig afhankelijk gemaakt van de reële economische groei en het ligt voor de hand dat deze de komende decennia in West-Europa niet overweldigend zal zijn.

Wie de Miljoenennota bekijkt over de ontwikkeling van de financieringsbehoefte (= het te lenen bedrag, thans ca. ƒ 47 miljard per jaar ofwel ƒ 125 miljoen per dag) en de overheidsschuld (omstreeks ƒ 400 miljard) komt met enig extrapoleren al snel tot de conclusie dat de overheidsfinanciën, ook bij bevriezing van de uitgaven, bij gematigde economische groei in de jaren 2010 à 2020 volledig vastlopen. Dit betekent in concreto dat de financieringsbehoefte en de rentelasten exponentieel zullen blijven stijgen en dat de laatstgenoemde de overheidsfinanciën volledig zullen ontwrichten.

Om het karwei van Lubbers ongedaan te maken zullen er hardere en ingrijpender keuzen nodig zijn dan bevriezing van de uitgaven. Dat weet dr. Zijlstra overigens ook heel goed; in zijn boek "Per slot van rekening' kan men het tussen de regels door lezen, want hij is te tactvol en te netjes om ronduit tegen het insolide financiële beleid van de Lubbers-kabinetten te fulmineren.