"Milieubeleid mislukt over de hele linie'

DEN HAAG, 25 MAART. Hoogleraar L. Reijnders van de stichting Natuur en Milieu was gisteren pertinent. “Als dit zo doorgaat” raken de steden “hopeloos verstopt” en zal Nederland de meeste van zijn bossen moeten afschrijven. “Daar staan dan alleen nog brandnetels.” Slechts “als het kabinet de bakens verzet” is er volgens de hoogleraar nog hoop.

Dit geluid, door het NOS-journaal aan Reijnders ontlokt als commentaar bij uitgelekte prognoses over de effecten van het milieubeleid, viel ook te beluisteren toen het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne vier jaar geleden "Zorgen voor Morgen' uitbracht, het geruchtmakende stuk waarop minister Nijpels het allereerste Nationaal Milieubeleidsplan baseerde. De omineuze titel "Zorgen voor Morgen' is inmiddels vervangen door het neutralere "Nationale Milieuverkenningen', maar de prognoses zijn er niet minder onheilspellend om.

Sterker nog, als de gisteren uitgelekte cijfers ook in het definitieve rapport zullen staan, en dat is waarschijnlijk, zal de nieuwste Nationale Milieuverkenning nog somberder uitvallen dan de vorige, die waarop minister Alders zijn aangescherpte Nationaal Milieubeleidsplan Plus baseerde. Daarin stond nog de hoop verwoord dat het de uitstoot van kooldioxyde, het energiegebruik, het vrachtverkeer en de vervuiling door de landbouw zouden verminderen. In het nieuwste rapport zal slechts staan dat het voorspoedig gaat met de uitstoot van zwaveldioxide, een van de stoffen die bijdragen aan de verzuring.

Het RIVM schrijft in zijn voorlopige prognoses dat de tegenvallende effecten van het milieubeleid voor een belangrijk deel aan lage energieprijzen zijn te wijten. Inderdaad behoort Nederland in West-Europa wat dat betreft tot de goedkoopste landen. Alleen in Groot-Brittannië kost het gas nog minder dan bij ons. Voor elektriciteit worden we slechts verslagen door Griekenland, zo blijkt uit cijfers van de vereniging van energiebedrijven, EnergieNed. Deze prijzen zijn inclusief alle heffingen, waaronder een in de wereld unieke milieuheffing die de schatkist jaarlijks 1,5 miljard gulden oplevert.

Maar de invoering van een energieheffing zit al jaren in het slop. De Europese Gemeenschap wil de heffing slechts invoeren als ook de andere rijke landen dat doen en Nederland wil het pas als de EG het doet. In het kabinet is minister Alders de enige die pleit voor nationale invoering, vanuit de gedachte dat als één schaap over de dam is, de rest vanzelf volgt. Pas nu in de Verenigde Staten president Clinton een bescheiden "ecotax' heeft aangekondigd, is er weer enig licht in de zaak gekomen: binnen de Europese Gemeenschap wordt overlegd over invoering in desnoods Noordeuropees verband.

Toch zijn de lage energieprijzen niet de enige oorzaak van het falende milieubeleid. Het Nationaal Milieubeleidsplan Plus is door vier ministers ondertekend; niet alleen de minister van milieu, maar ook die van economische zaken, van verkeer en waterstaat en van landbouw moeten maatregelen nemen, wil er iets van een milieubeleid terechtkomen. Maar zoals Andriessen al jaren een verklaard tegenstander van energieheffingen is, zijn onder Maij-Weggen de prijzen van het openbaar vervoer sneller gestegen dan die van het autogebruik en is de noodwet over mest die een paar weken geleden werd aangenomen, de zoveelste overwinning van de landbouw op het milieu.

Eigenlijk is het allemaal niets nieuws. Al in 1989 werd het Nationaal Milieubeleidsplan zelfs door de milieubeweging met scepsis ontvangen. Het politieke draagvlak voor de financiering ontbrak en waren de doelstellingen niet te hoog gegrepen wanneer ze werden vergeleken met de voorgestelde maatregelen? Goede bedoelingen waren het, zo viel de kritiek samen te vatten, maar of er een trendbreuk zou komen stond nog te bezien. Pikant detail hierbij was dat minister Nijpels het Nationaal Milieubeleidsplan presenteerde als lid van het toen demissionaire kabinet-Lubbers II. De regering was gevallen op een autoremmend onderdeel in de financiering van het NMP: afschaffing van het reiskostenforfait, een belastingvoordeel voor de automobilist die tussen huis en werk pendelt, mocht van Nijpels' partij, de VVD, niet doorgaan.

Tot nu toe is een trendbreuk inderdaad uitgebleven, zoveel is zeker. Voor de twee regeringspartijen CDA en PvdA staat vast dat de doelstellingen van het milieubeleid moeten worden gehaald. Naar aanleiding van door het Centraal Planbureau gepresenteerde cijfers over de uitstoot van kooldioxyde zei minister-president Lubbers vorige week zelfs dat het kabinet extra milieumaatregelen zal nemen. Invoering van een energieheffing in Nederland noemde hij echter “alleen wenselijk als vaststaat dat andere landen dit voorbeeld zullen volgen”. Volgens professor Reijnders is het simpel. “Drie van de vier ministers hebben zich er weinig of niets van aangetrokken dat hun handtekening onder het Nationaal Milieubeleidsplan stond. En nu mislukt het milieubeleid over de hele linie.”