Besturen klagen dat ze ongeschikte leraren moeten aannemen

DEN HAAG, 25 MAART. De verplichting bij vacatures een werkloze leraar aan te nemen, zadelt de openbare en bijzondere scholen op met veel ongeschikte leraren en vergroot “de immobiliteit in het onderwijs”, zo menen de besturen van deze scholen. De onderwijsvakbonden zien in de verplichting die sinds 1 januari geldt, echter de laatste mogelijkheid om werkloze leraren nog aan een baan te helpen. Dit bleek gisteren tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer over de verplichting, die inmiddels al veel werkloze leraren aan een baan heeft geholpen.

Er zijn ongeveer 30.000 wachtgelders in het onderwijs, die het rijk zo'n 900 miljoen per jaar kosten. Volgens de Tijdelijke wet arbeidsbemiddeling onderwijs (TWAO), die tot 1996 geldt, moet een school bij een vacature verplicht kiezen uit een lijstje wachtgelders dat het arbeidsbureau samenstelt. Als de school vervolgens geen wachtgelder benoemt, kan ze een boete opgelegd krijgen van 65.000 gulden. Volgens Hulscher-Slot van de protestantse schoolbesturenraad staan echter op het lijstje van het arbeidsbureau veel ongeschikte personen. “Het is vreemd, maar als laatste staat vaak op het lijstje iemand die eerder bij de zelfde school of een school met het zelfde schoolbestuur is ontslagen wegens ongeschiktheid.” De school is dan soms gedwongen die man of vrouw weer aan te nemen omdat de anderen op het lijstje de betrekking afwijzen of soms niet eens meer werkloos zijn.

Het Kamerlid Van Gelder (PvdA) reageerde verontwaardigd op deze kritiek “alsof op die lijsten alleen maar leraren staan met twee hoofden en zes vingers die altijd achteruitlopen”. Maar Kamerlid Tuinstra (CDA) zei te betreuren dat er nooit sancties werden toegepast bij werkweigering door werkloze leraren.

De vakbonden betoogden tijdens de hoorzitting dat zonder sanctie van buitenaf schoolbesturen niet bereid zijn om werkloze leraren aan te nemen die niet eerder op hun scholen hebben gewerkt. “De nood is te hoog” aldus F. Dijk van het NGL, “en daarom hebben we geaccepteerd dat het tijdelijk moeilijker wordt voor net afgestudeerden en herintreders om een baan te vinden”.

In de eerste maand na invoering van de verplichting zijn ruim 3.300 vacatures gemeld bij de arbeidsbureaus, terwijl dit van januari tot en met september 1992 in totaal zo'n 4.700 waren. In de eerste 9 maanden van 1992 zijn zo'n 500 wachtgelders geplaatst, in januari 1993 zijn dat er al bijna 400 geweest, die overigens allen in een tijdelijke betrekking werden geplaatst.