Wederopbouw als systeem

Als het zover met een politicus is gekomen dat hij moet worden gered door met zijn grote broer op de televisie te verschijnen, is het eigenlijk al met hem gedaan. Of hij wordt door dit optreden gered en dan heeft hij zich een schatplichtigheid op de hals gehaald, of hij wordt niet gered en dan is ook zijn redder beschadigd waardoor alle verhoudingen nog ingrijpender veranderen.

Is het op die manier ongeveer gesteld met de presidenten Jeltsin en Clinton? Bij grote gebeurenissen in de wereld mogen we ons gelukkig prijzen dat we in sommige delen van Nederland CNN nog op de kabel hebben - dat om te beginnen. Dit station, in ieder geval met één oog op de wereld, heeft gisteravond de persconferentie van Clinton direct uitgezonden; zijn debuut op dit gebied, wat de vertoning nog meer de moeite waard maakte. Als er iets nog eens duidelijk is geworden, dan is het dat hij een binnenland-president is. Als het over de gezondheiszorg ging, de werkloosheid in Michigan, het rassenprobleem in Mississippi, het vraagstuk van de ontbossing wist hij onmiddellijk feilloos raad. Vragen over buitenlandse politiek beantwoordde hij voorzichtig hoewel niet onzeker en dat was op zichzelf al een opluchting voor wie, zoals schrijver dezes, bij voorbaat met gekromde tenen had gezeten. Immers: de president staat daar alleen, hij houdt geen ruggespraak meer met zijn deskundigen, ieder woord is ex cathedra, en wat men er verder ook aan mag dokteren, de eenmaal geschoten bok wordt niet gereanimeerd.

Na Reagan met zijn legendarische vergissingen en Bush met zijn onzekere handgebaren en onhandige zinsbouw veroorzaakte Clinton op zijn eerste ontmoeting met de pers de verademing van de vakman. Niettemin: wat hij over Jeltsin en de Russische crisis zei kan, zoals de zaken er in Moskou nu voorstaan, het probleem evengoed verergeren als nader tot een oplossing brengen. Wie goed luisterde kon wel ontdekken dat Clinton niet "met zijn volle gewicht' achter zijn bedreigde Russische collega is gaan staan.

Maar wie luistert goed in een tijd van crisis? Jeltsin is, "voor het eerst na duizend jaar', een president die door de Russen op democratische manier is gekozen en het referendum dat hij voorstelt is een democratisch middel. De Verenigde Staten hebben er belang bij dat de democratie in Rusland wortel schiet. En dus? Dus hoeft het niet per se zo te zijn dat Washington geen vrede zou hebben met een andere Russische president, maar het ligt wel voor de hand dat Washington voorlopig in hem zijn beste vriend ziet.

Is dat verstandig in de politiek? Vaak is het juist zo dat een vriendschap er niet beter op wordt naarmate de uitverkorene wankeler in het zadel zit. Bush heeft lang zijn steun beleden aan Gorbatsjov, ook nog toen Jeltsin al in de coulissen stond. Hij heeft toegelaten dat Jeltsin bij een bezoek aan Washington als een dronkaard in de pers kwam. Het had geen kwaad gekund als de gastheren Jeltsin toen tegen zichzelf hadden beschermd. Gorbatsjov verdween en zijn opvolger is niet haatdragend; dat kan hij zich trouwens niet veroorloven. Maakt Clinton nu aanstalten in de fout van Bush te vervallen?

De geschiedenis herhaalt zich niet. Voor de Amerikaanse president is een houding van strikte neutraliteit in het Russische conflict niet mogelijk, al was het maar om redenen van binnenlandse politiek. Een Russische president, democratisch gekozen, op de bres voor vrijheid van meningsuiting en de vrije markt, kan door de Verenigde Staten niet openlijk in de steek worden gelaten. Bovendien dient zich, anders dan in de tijd van Gorbatsjov, voor Jeltsin geen opvolger aan die dezelfde deugden vertoont. Daardoor kan Clinton er al niet aan ontkomen, de nog min of meer zittende president zijn geclausuleerde steun te geven.

Maar de geschiedenis herhaalt zich in ander opzicht wel. De redding van Rusland, wat men zich daarbij dan ook voorstelt, is niet afhankelijk van de persoonlijke verhouding tussen twee presidenten. Rusland is als een zeer groot gebouw dat langzaam in elkaar stort en dat proces kan niet worden gestopt als de hulpvaardigen er maar in slagen, vriendschap te sluiten met de conciërge. Het Russische vraagstuk waarvoor de nieuwe Amerikaanse regering zich in haar buitenlandse politiek gesteld ziet, is intussen wel ernstiger geworden maar in principe niet veranderd. De wederopbouw van de voormalige Sovjet-Unie is een systeem in beweging, zoals in de Koude Oorlog de bondgenootschappen een systemen in beweging waren, of nu de Europese Gemeenschap en de Verenigde Naties. Het succes van zo'n systeem staat of valt met de mate waarin de belanghebbende partijen erbij zijn betrokken en door een leiderschap op lange termijn worden gestuurd. De enigen die op relatief beperkte schaal zo'n systeem tot ontwikkeling hebben gebracht zijn de Duitsers. Hun praktijk bewijst hoe moeilijk het is en hoeveel geld het kost.

Onder Bush hebben de Verenigde Staten dit vraagstuk (waarin topconferenties incidentele, symbolische gebeurtenissen zijn), niet kunnen oplossen. Onder Clinton moet er weer een begin mee worden gemaakt. Hij heeft nog niets bedorven en staat nu op het punt iets te wagen. Het opmerkelijke daarbij is dat de Europeanen - voorzover we weten - niets is gevraagd. Ze hebben ook niets laten horen.

De wolk van publiciteit, het gedelibereer over de vraag of de "top' in Moskou of in Vancouver moet worden gehouden leidt de aandacht af. Maar van wat? Van een leegte. De wederopbouw van de voormalige Sovjet-Unie is een inter-Europees-Amerikaans systeem. Dat systeem is er niet en daar kan geen politieke vriendschap tussen presidenten iets aan veranderen.