Twee-snelhedenmarkt is illusie

Dat de vaart eruit is bij de EG na de Deense en Franse referenda is voor ieder duidelijk. Het eenwordingsproces stagneert weer eens, maar nu nadat in korte tijd de interne markt zo goed als verwezenlijkt is en het vervolg erop, Maastricht, door tien van de twaalf lidstaten is geratificeerd. Er wordt gezocht naar uitwegen uit de impasse. Terwijl het Verenigd Koninkrijk en Denemarken nog bezig zijn met de goedkeuringsprocedures voor Maastricht gaan steeds meer stemmen op voor een meer-snelhedenspoor. "Europa van twee snelheden is betere basis dan Maastricht', luidt het artikel van Frits Bolkestein in NRC Handelsblad van 12 maart.

Het heeft weinig zin hier nogmaals de discussie over het verdrag van Maastricht te voeren. We kunnen het erover eens zijn dat een beter verdrag denkbaar is. Toch heeft ook het Nederlandse parlement, inclusief de VVD, het voldoende acceptabel geacht om het goed te keuren. Niet in de laatste plaats omdat het tal van afspraken bevat, de EMU voorop, die tot versterking van de interne markt kunnen leiden. In dat licht baart het anti-impassebeleid van verschillende snelheden mij grote zorgen. De meer-snelhedenbenadering lijkt het medicijn bij uitstek om af te breken wat Bolkestein onafbreekbaar acht: de interne markt.

De interne markt is voor de Nederlandse economie, die voor een belangrijk deel op export drijft, van vitaal belang. Transport, diensten, groenten en bloemen, tal van sectoren hebben een direct belang bij het goed functioneren van die ene markt. Formeel mag die markt dan per 1 januari 1993 zo ongeveer tot stand gekomen zijn, in de praktijk zal nog enige tijd nodig zijn voordat ze goed functioneert.

In de recente discussies over de Europese staalcrisis zagen we hoe weinig - om welke redenen dan ook - het mededingingsbeleid van de EG nog greep heeft op overheidssubsidies aan de nationale industrie. De aangekondigde verhuizing van Hoover van Frankrijk naar het Verenigd Koninkrijk toonde de gevoeligheid van dergelijke beslissingen van het bedrijfsleven, als de indruk ontstaat dat er op het gebied van vestigingsvoorwaarden geen "level playing field' bestaat. De monetaire schokken van het afgelopen jaar deden een oud-directeur-generaal Landbouw van de Commissie onlangs spottend opmerken dat we voor goederen en diensten ook maar met monetair compenserende bedragen moesten werken.

Dat de politieke macht nog steeds wordt uitgeoefend - en op hoofdzaken zal blijven worden uitgeoefend - op basis van nationale mandaten, maakt dat in buitengewoon moeilijke nationale situaties, door werkloosheid bijvoorbeeld, de formeel opzij gezette nationale grens informeel of formeel kan worden hersteld. Dat we daar in Nederland, met een na de veranderingen in het kartelbeleid nog opener economie, weinig behoefte aan hebben hoeft anderen niet te weerhouden.

Daarvoor zullen we in de EG verder moeten, met het door Nederlanders weinig geliefde cohesiebeleid, met milieu- en sociaal beleid en boven alles met een EMU zoals afgesproken in Maastricht. Dat kan tijdelijk tot meer snelheden leiden, het is fundamenteel anders dan de mini-EMU-zone, zoals voorgesteld door Bolkestein. Hij creëert een Europa met aan de ene kant een groep landen met een harde ecu en daaromheen een groep met zwevende munten, die met devaluatie op z'n minst tijdelijke concurrentievoordelen kunnen behalen.

Het sociale protocol bij Maastricht, dat het Verenigd Koninkrijk van het sociale beleid van de andere elf uitsluit, is een ander voorbeeld. Premier Major heeft de Britse uitzondering uitdrukkelijk aangeprezen als de veiligstelling van een comparatief voordeel voor de Britse industrie.

Zelfs Schengen is niet zonder problemen. Met hun interpretatie van de uit het EG-verdrag voortvloeiende verplichting tot het instellen van een volledig vrij personenverkeer binnen de Gemeenschap hebben de Schengenlanden juist de concurrentiepositie van de luchthavens in de niet-Schengenlanden, het Verenigd Koninkrijk en Denemarken, binnen de EG versterkt ten koste van bijvoorbeeld Schiphol.

Ik zou niet durven beweren dat we aan de twee-snelhedendiscussie ontkomen. En schade is in Maastricht al aangericht door het afzien van de derde fase EMU en het sociaal protocol. In beide gevallen kan van de lagere snelheid nog in de hogere geschakeld worden. Met de meer snelheden van Bolkestein is dat, niet alleen door het versterkte intergouvernementalisme, dat er onvermijdelijk het gevolg van is, als het al in de bedoeling ligt, veel minder waarschijnlijk. Er is daarom geen reden om de Duitsers, de sterkste voorstanders van het communautaire proces à twaalf, van hun goede weg af te brengen en ze op het spoor te zetten van een Frans-Duitse EMU, een Frans-Duits veiligheidsbeleid of andere intergouvernementele mini-oplossingen.

De interne markt - kerntaak van de Gemeenschap volgens Bolkestein - en meer snelheden? De idee dat de grote interne markt een bodem is waarop men voort kan bouwen zonder discipline en solidariteit met alle leden van de Gemeenschap is een illusie. Door te menen dat het wel kan gooit de fractieleider van de VVD met het badwater het kind weg.