Er zijn hardlopers, doodlopers en doorlopers

AMSTERDAM, 24 MAART. Hardlopers zijn doodlopers, hebben de bestuurders van de Duitse Bundesbank jongstleden donderdag ongetwijfeld gedacht. Weliswaar werd - min of meer conform de verwachting - het disconto verlaagd met 0,5 procentpunt, doch teleurstellend was dat geen wijziging werd aangebracht in de beleningstarieven. Dit betekent dat de effectieve vloer in de Duitse geldmarktrente niet werd veranderd.

Dat de Bundesbank geen haast heeft met het verlagen van deze vloer, bleek begin deze week, toen zij bij de speciale beleningen overstapte van een zogenaamde "Zinstender' op een "Mengentender'. Bij een Zinstender worden door de Duitse centrale bank middelen toegewezen tegen een vast tarief voor alle banken. Dit vaste tarief is momenteel 8,25 procent. Bij de Mengentender wijst de centrale bank middelen toe tegen tarieven die kunnen oplopen, al naar gelang de behoefte van banken. Bij de nieuwe Mengentender werd het grootste deel van de middelen toegewezen tegen een tarief van 8,27 procent, fractioneel hoger dan de vervallende faciliteit van 8,25 procent. De financiële markten reageerden hierop met teleurstelling. Het tarief voor driemaands interbancair geld noteerde hierop 0,05 procentpunt hoger en zette de opgaande lijn voort, die werd ingezet na de tegenvallende monetaire verruiming van vorige week. Ook de negatieve toonzetting op de kapitaalmarkt werd aldus versterkt. De Duitse mark boekte koerswinst ten opzichte van de dollar, in weerwil van de uitermate instabiele situatie die zich in Rusland aftekent.

De Nederlandse geldmarkt kan zich aan deze tendensen niet onttrekken, ook al hield De Nederlandsche Bank het tarief voor de speciale belening onveranderd op 8 procent en werd alle vraag van banken naar middelen (voor de derde keer in successie) gehonoreerd.

Dat de financiële markten nogal teleurgesteld op het beleid van de Bundesbank reageren, wekt enige bevreemding. Dat de Zentralbankrat niet zal hardlopen, wil nog niet zeggen dat zij niet zal doorlopen. Anders gezegd, de richting blijft zonder twijfel verlaging van officiële tarieven. Door te opteren voor kleine beleidsverruimingen realiseert de Bundesbank echter wel de belangrijke doelstelling dat haar geloofwaardigheid behouden blijft. Indicatoren daarvoor zijn de blijvend sterke Duitse mark, alsmede de blijvend omgekeerde rentestructuur. Wat dit laatste betreft geldt dat de Bundesbank graag ziet dat een verlaging van de officiële tarieven gepaard gaat met koersstijging op de kapitaalmarkt. In dat opzicht is de reactie op de kapitaalmarkt voor de Bundesbank een teleurstelling, die tot bescheiden uitstel van een verdere verlaging van de korte rente kan leiden. Wat derhalve nodig is, is enig slecht nieuws over de conjuncturele ontwikkeling van de Westduitse economie en meevallende inflatie- en geldgroeicijfers.

Voor de kapitaalmarkt is dat immers ammunitie om de weg van verdere rentedaling weer in te slaan.

Bron: Economisch Bureau ING Bank