Winnaars Franse verkiezingen onthouden zich van elk triomfalisme

PARIJS, 23 MAART. Na de historische afgang van de Franse socialisten in de eerste stemronde van de parlementsverkiezingen - de partij van president Mitterrand kreeg slechts 17,59 procent van de uitgebrachte stemmen - onthielden de grote winnaars, de gaullistische RPR en de liberale UDF, zich gisteren van elk triomfalisme. Edouard Balladur, de gaullist die het meest wordt genoemd als de toekomstige premier, zei gisteravond dat “rechts zijn overwinning moet beheersen” en dat het “open en tolerant” moet zijn.

De twee conservatieve partijen die na de tweede stemronde aanstaande zondag over een enorme meerderheid - tachtig procent van de zetels - in de Nationale Vergadering zullen beschikken, “dragen een zeer zware politieke en morele verantwoordelijkheid op hun schouders”, aldus Balladur. De oud-minister van financiën zei dat de komende maanden “stopzetting van de toenening” van de werkloosheid het belangrijkste doel wordt van de rechtse regering die volgende week zal worden gevormd.

Dat zal nog moeilijker worden dan verwacht omdat het begrotingstekort dit jaar nog veel hoger zal uitvallen dan de circa 200 miljard francs die de regering nog maar enkele weken geleden zei te verwachten. Volgens nieuwe nog onofficiele berekeningen waarvan het dagblad Libération meldig maakte, loopt het tekort tot 350 miljard francs op als er niet snel wordt ingegrepen. De lagere belastingopbrengsten als gevolg van de aanhoudende recessie worden als de belangrijkste oorzaak van deze ontwikkeling genoemd.

De zwaar aangeslagen socialisten stelden gisteren onderlinge afrekeningen nog even uit in de hoop de electorale schade in de tweede stemronde de schade alsnog enigszins te beperken. In de huidige Nationale Vergadering hebben socialisten 276 zetels. In het nieuwe parlement kunnen ze hoogstens op 80 afgevaardigden rekenen, mits ze in de tweede ronde steun krijgen van een "republikeins front', bestaande uit kiezers die zondag thuisbleven of op kandidaten van de twee milieupartijen, de communistische partij en alternatieve groeperingen stemden. Talrijke ministers, zoals Roland Dumas (buitenlandse zaken) en leiders zoals voormalig partijsecretaris Lionel Jospin, dreigen hun zetel kwijt te raken. Hetzelfde geldt voor oud-premier Michel Rocard.

Van president Mitterrand - na aanstaande zondag ongeveer de enige socialist in een belangrijke gekozen functie - werd niets vernomen. Het staatshoofd speelde maandagochtend zoals gewoonlijk een partijtje golf. Maar zegslieden in het Elysée lieten doorschemeren dat de electorale dreun hard is aangekomen. De Parti Socialiste verloor in vergelijking tot de algemene verkiezingen in 1988 vier miljoen stemmen (op een totaal van 26 miljoen uitgebrachte stemmen) en verloor daarmee meer dan de helft van haar electoraat. Partijleider Laurent Fabius was van alle PS-kopstukken de grootste verliezer: in zijn Normandische kiesdistrict verloor hij 37 procentpunten in vergelijking tot 1988.

De aandacht richt zich in Frankrijk voorlopig op de tweede stemronde, waarin RPR en UDF opnieuw gemeenschappelijk optrekken. Het extreem-rechtse Front National van Jean-Marie Le Pen besloot besloot al zijn 101 kandidaten die de eerste ronde hebben gehaald (minimaal 18 procent van de stemen kregen) te handhaven om RPR en UDF zoveel mogelijk dwars te zitten. Het FN dat landelijk 12,5 procent van de stemmen kreeg en vooral in het zuidoosten van het land een trouwe en omvangrijke aanhang heeft, neemt op de koop toe dat dit besluit soms ten voordele van links kan uitwerken.

Zo lijkt voetbalmiljonair Bernard Tapie, kandidaat voor de linkse beweging MRG, een goede kans te maken de tweede ronde te zullen winnen ondanks zijn magere score (25,6 procent) in de eerste ronde in een district nabij Marseille. De FN-kandidaat die 19 procent van de stemmen kreeg, blokkeert waarschijnlijk de gaullistische tegenstander van Tapie die 24 procent van de kiezers achter zich kreeg. “Tapie lijkt ons niet erg belangrijk”, zei Le Pen gisteren. Een jaar geleden, in de campagne voor de regionale verkiezingen noemde Tapie de FN-kiezers “smeerlappen”.

De communisten die afgelopen zondag 9,2 procent van de stemmen kregen (ruim twee procent minder dan in 1988) hopen in de tweede ronde in totaal twintig zetels te halen, wat het recht geeft in de Nationale Vergadering een eigen fractie te vormen. Ze zijn afhankelijk van de stemmen van socialistishe en groene kiezers. Dat geldt in het bijzonder voor secretaris-generaal George Marchais die in Villejuif, in de zuidelijk Parijse banlieue in een duel is gewikkeld met een gaullist, die hem in de eerste ronde 34 stemmen voor bleef. De aanhang van de communisten in Seine-Saint-Denis, de noordelijke banlieue van de hoofdstad, is onder de grens van 20 procent gezakt. De "rode gordel' rond Parijs is aan gestadige slijtage onderhevig.