Spanning in Israel na nieuwe golf van geweld

TEL AVIV, 23 MAART. De spanning tussen Israeliërs en Palestijnen begint hysterische vormen aan te nemen, nu de berichten aanhouden over Palestijnse aanvallen op Israeliërs en er meer Palestijnse doden blijven vallen als gevolg van botsingen met Israelische troepen.

Een Israelische kolonist schoot vanmorgen nabij een nederzetting bij Hebron een Palestijn dood nadat die reeds was overmeesterd. De Palestijn werd aangehouden nadat hij zich op verdachte wijze bij de nederzetting ophield en de veiligheidsofficier van de nederzetting met een mes licht had gewond. De kolonist is door de politie voor ondervraging aangehouden.

Eerder op de ochtend werden twee Israeliërs nabij Ashkelon door Palestijnen beschoten en licht gewond. Drie Palestijnen zijn naar aanleiding van dit incident gearresteerd.

Tijdens ernstige incidenten in de Gaza-strook werden gisteren vier Palestijnen, onder wie twee kinderen, door Israelische soldaten gedood en tientallen gewond. Een met een plastic pistool spelend Palestijns jongetje van twaalf jaar werd nabij een militaire positie in Rafiah gedood. Volgens Radio Israel maakte het kind op de soldaten een verdachte indruk.

PLO-leider Yasser Arafat heeft gisteren via radio Monte Carlo de Palestijnen in de bezette gebieden opgeroepen de strijd tegen de Israelische bezetter op te voeren. “Laat de aarde onder de voeten van de bezetters branden”, zei hij.

Het doodschieten van na terroristische aanslagen gevangengenomen Palestijnen, werd vanmorgen door ex-opperbevelhebber Rafael Eitan, leider van de Tsomet-partij, in een radiovraaggesprek aangemoedigd. “Deze terroristen moeten weten dat ze er niet levend van af komen”, zei hij. “Een kogel door de kop”, viel het vrouwelijke Likud-parlementslid Livnat bij. “Er zijn geen slechtere beesten dan Arabieren”, zei rabbijn Ovadia Josef, de geestelijke leider van de Shas-regeringspartij.

Pag.6: "Bloed vloeit als water'

Ovadia Josef sprak tijdens een van de vele gebedsbijeenkomsten in Jeruzalem gisteren die waren georganiseerd wegens de moeilijke binnenlandse veiligheidssituatie. Bij de Klaagmuur kwamen ook duizenden joden bijeen voor een bijzondere, door de opperrabbijnen geleide gebedsbijeenkomst.

Jossi Sarid, de minister van milieuzaken, veroordeelde vanmorgen in een radio-vraaggesprek in de scherpst mogelijke bewoordingen het doden van gevangengenomen Palestijnen. Hij waarschuwde dat dit tot anarchie en “libanisering” van Israel zal leiden.

De spanning onder de Israelische bevolking ontlaadde zich gisteravond tijdens gewelddadige anti-regeringsdemonstraties in het centrum van Jeruzalem. Daarbij vielen zes gewonden en werden 32 demonstranten gearresteerd. Volgens de politie heeft Jeruzalem in jaren niet zo'n mate van geweld bij een demonstratie van joden gezien.

De sfeer waarin gistermiddag de Knesset een motie van wantrouwen tegen de regering-Rabin wegens het falende binnenlandse veiligheidsbeleid verwierp weerspiegelde eveneens de zenuwachtige stemming in Israel. Moshe Katsav, die uit naam van Likud de aanval op premier Yitzhak Rabin lanceerde, schreef de toename van de Palestijnse terreur op rekening van de vredespolitiek van de regering. “Moeders zijn bang hun kinderen naar school te sturen. Stop die moordpartijen. Wij zullen de meest extreme maatregelen steunen om Israels burgers te beschermen.”

Terwijl over Rabins gezicht zenuwtrekken gingen zei Zvulun Hammer van de NRP “dat er bloed als water vloeit”. “Hoor je de angst van de mensen dan niet? Wij zijn evenals de buurlanden op weg naar anarchistische toestanden. Heel Israel is een front. Er is geen veiligheid meer in ons land”, zei hij.

In zijn antwoord schreef Rabin de problemen deels toe aan het door elkaar wonen van Israeliërs en Palestijnen en de steun die de Palestijnse terroristen van de Palestijnse bevolking krijgen. Rabin riep het Israelische volk op tegen de Palestijnse terreur stand te houden zoals het in het verleden deed. “Een land dat weet dat de zege van de huidige confrontatie gaat naar degene die niet moe wordt of door vrees wordt bevangen. We moeten weer een strijdend volk worden.”