Oeverloze Adelheid Roosen overheerst in De Goedkeuring

Voorstelling: De goedkeuring, door Moniek Kramer en Adelheid Roosen. Begeleiding: Titus Tiel Groenestege. Gezien: 21/3 in theater Bellevue, Amsterdam. Aldaar t/m 18/4, 12.30 uur.

Moeder ligt, opgebaard in een opengeslagen kist, te wachten op de begrafenisondernemer, maar de twee dochters hebben nog wat te bespreken: er is een parel nagelaten “voor mijn dochter” - en wie heeft daar nu recht op? Die ene in haar mantelpakje waarschijnlijk, want zij ging steeds bij moeder op bezoek en bewaarde de lieve vrede, terwijl die andere daar, met haar confronterende aard, absoluut geen heil in zag.

Dat is een mooie uitgangspositie voor zo'n lunchpauzedialoog als De goedkeuring, geschreven en gespeeld door Moniek Kramer en Adelheid Roosen: de één die altijd onmiddellijk geneigd is de schuld bij zichzelf te zoeken, en de tweede die nu juist gruwt van zulk aangepast gedrag. Was het gesprek nu maar helemaal toegespitst op de kernvraag wie van de twee die parel het meest toekomt - dan had de voorstelling mij, afgezien van de geestige momenten, óók nog aangezet tot actief meedenken. Ja, misschien zelfs tot het bepalen van een standpunt.

Maar al spoedig waaiert de dialoog uit tot een oeverloze stroom “gedachtengangen” die danig doen denken aan de publieke persoonlijkheid van Adelheid Roosen zelf. Zij overheerst, met haar aanvallende gedrag en haar dwang tot het formuleren van levensvragen op ieder gebied, zelfs als het gaat om het kopen van een brood bij de bakker. De rol van Moniek Kramer is veel passiever; ze zit er vaak wat aangeslagen bij en komt niet veel verder dan sputterende tegenwerpingen in onafgemaakte zinnetjes. “Lieve schat,” luidt haar felste repliek, “we zitten niet op jou te wachten als messias.” Maar daarna kruipt ze al gauw weer in haar schulp. Daardoor ontstaat een eenrichtingsverkeer van Roosen, met onvoldoende ruimte voor de ontnuchterende Kramer-stijl.

En toen na een half uur toch de parel weer ter sprake kwam, was ik al bijna vergeten dat die de aanleiding was geweest.