Schaatser Jansen bijna door magische barrière

CALGARY, 22 MAART. De Amerikaanse schaatser Dan Jansen heeft met zijn in Calgary gereden wereldrecord op de 500 meter, 36,02 seconden, een nieuw tijdperk ingeluid. De volgende recordhouder neemt waarschijnlijk de magische 36-secondenbarrière.

Die grens is de inzet van de weddenschap, die de schaatser uit West-Allis met zijn trainer Peter Müller heeft afgesloten. “Hij denkt dat ik nog dit seizoen onder de 36 seconden kan rijden”, vertelde Jansen enige weken geleden in het Japanse plaatsje Ikaho, waar hij tijdens het WK als vijfde eindigde. “Zelf geloof ik er nog niet zo in. Een opening van 9,7 is dan een must. Een volle ronde van 26 seconden zit er in.”

Jansen legde de eerste 100 meter op weg naar het record af in 9,84. In de daaropvolgende hele ronde bleef Jansen nog enige tienden van de begeerde perfectie verwijderd. Voor de Olympic Oval Final waren naar schaatsbegrippen forse geldprijzen beschikbaar. Het wereldrecord van Jansen werd beloond met een bedrag van 10.000 Canadese dollar, ongeveer 15.000 gulden.

De snelste 500 meter stond sinds 26 maart 1987 op naam van de Amerikaan Nick Thometz (36,23), die de 500 meter afraffelde in 36.23 seconden. Die prestatie, gereden op de wonderbaan van Medeo, werd nooit als wereldrecord erkend. Het officiële record stond op naam van Jansen: 36.41.

Op de eerste dag van de recordwedstrijden evenaarde de Amerikaan zijn eigen toptijd. De Japanner Hamamichi smaakte op de tweede dag het genoegen het nieuwe record heel even in handen te hebben. Jansen reed de Aziaat een half uur later al weer uit de recordboeken.

De combinatie met twee sterke kilometers (1.13,14 en 1.13,16) leverde de Amerikaan het wereldrecord sprintvierkamp (145.580 punten) op. Het oude record was sinds vier jaar in bezit van de in Calgary afwezige Witrus Igor Zjelezovski.

Christine Aaftink verbeterde het Nederlandse record op de 1000 meter. Op de derde en laatste dag in Calgary reed ze 1.21,20. Dat was éénhonderdste seconde sneller dan Yvonne van Gennip op 12 februari '89, ook in Calgary. Aaftink scherpte ook nog via een serie van 40,62, 1.21,36, 40,52 en 1.21,28 het nationale sprintrecord van Ingrid Haringa met ruim een punt aan.