Samen timmeren aan Politiewet wekt agressie

Onder al het rumoer over de bestrijding van criminaliteit, begonnen met enige opmerkingen van premier Lubbers vorige week in Almere, zou het de Nederlandse burger bijna ontgaan dat in de Tweede Kamer de afgelopen en de komende week alweer een historisch debat plaatsvindt over de toekomst van het politiebestel.

Na decennia discussies en stammenstrijd tussen de departementen van binnenlandse zaken en justitie is de afgelopen drie jaar een eind gemaakt aan de versplintering van het Nederlandse politie-apparaat. De 149 korpsen van gemeente- en rijkspolitie zijn gefuseerd tot één soort politie, met één rechtspositie, één uniform en één logo.

Zowat het enige dat nog even moet gebeuren is dat de Tweede Kamer de nieuwe Politiewet goedkeurt. In feite had de Kamer tijdens een hoofdlijnendebat twee jaar geleden al ingestemd met het doel van de reorganisatie; een efficiënte politie die meer boeven vangt. Tijdens het debat vorige week werden bittere woorden van de oppositiepartijen VVD en D66 gesproken over de manier waarop de Kamer door coalitiepartijen en kabinet wordt behandeld.

De VVD-er Dijkstal toonde zich geschoffeerd door de schriftelijke behandeling van de wet. “Er is sprake van een arrogante, studentikoze en respectloze toonzetting. Daarin worden allerlei vragen en opmerkingen van de niet-regeringsfracties genegeerd, gebagatelliseerd en geridiculiseerd.” Ook D66 woordvoerder Kohnstamm meldde dat “het cynisme en de minachting” van de schriftelijke voorbereiding bij hem “een wrange smaak” had achtergelaten.

Degene die de woede van de beide oppositiepartijen had gewekt, werd door de CDA'er Van der Heijden juist geprezen. En dat was niet een van de politieministers maar, de Leidse historicus prof.mr.dr. C. Fasseur, die door justitie was ingehuurd om de Politiewet te schrijven. Hirsch Ballin bood indirect excuses aan voor de toonzetting: “Wanneer wij soms wat kortaf waren, is dat niet onheus bedoeld”.

Dijkstal haalde uit naar de innige samenwerking tussen de woordvoerders van CDA en PvdA, Van der Heijden en Stoffelen. “Zij zijn het vleesgeworden, ingekapselde, wederzijdse wantrouwen,” aldus Dijkstal, die wees op de “reeksen moties en de bosschages piketpalen en amendementen” afkomstig van deze “Siamese tweeling van de Politiewet”. “Zelfs de kleinste details zijn tussen beide heren en het kabinet in de achterkamers van het ministerie geregeld en daarmee is het politieke debat voorbij,” zo concludeerde de liberaal.

Later in de week laste de Kamer een extra vergaderdag in om nog eens afzonderlijk te kijken naar de ruim 60 wijzigingsvoorstellen die zijn ingediend. Deze week moet tijdens een derde termijn blijken of kabinet en regeringspartijen het nodig vinden de oppositiepartijen alsnog het gevoel te geven dat er echt naar hen is geluisterd. (FV)