Miljarden onzinvarianten

Ik ben u nog de oplossing schuldig van Lenins lievelingsstudie, die hier drie weken geleden stond afgedrukt.

Zie diagram 1

V. en M. Platov, 1909. Wit begint en wint. De oplossing is 1. Le7-f6 d5-d4 2. Pg1-e2 a2-a1D 3. Pe2-c1! De mooiste zet van de studie. Wit kon de dame winnen met 3. Lxd4+ en vervolgens met de koning naar pion h7 lopen, maar zwart houdt dan remise, omdat hij met zijn koning, na eerst pion d3 te hebben geslagen, net op tijd op f7 komt. Na de gespeelde zet dreigt wit 4. Lg5 mat. 3...Dxc1 kost zwart de dame door 4. Lg5+, 3...Kd2 kost de dame na 4. Pb3+ en na 3...h6 wint wit met 4. Le5. Blijft over 3...Da1-a5 , maar nu komt wel 4. Lf6xd4+ en na 4...Ke3xd4 wint wit met de paardvork 5. Pc1-b3+.

In het laatste nummer van New in Chess schrijft Jan Timman dat het nog steeds een open vraag is of Lenin werkelijk de regels van het schaakspel kende. Toen Timman in 1981 het voorrecht had om Lenins werkkamer in het Kremlin te bezoeken, viel het hem op dat er geen schaakbord was. Lenin geen schaker? Is dan niets meer heilig? Er zijn in de Sovjet-Unie verschillende boekjes gepubliceerd over Lenin en het schaken en in de Poolse schaak-encyclopedie van Litmanowicz en Gizycki krijgt Lenin bijna een hele bladzij. Op tal van schilderijen is Lenin schakend afgebeeld, en ik meen me ook een foto te herinneren van Lenin en Gorki, schakend op Capri. Hoeft ook niets te betekenen; met knippen en plakken was ook al voor de tijd van de computer-animaties veel bedrog mogelijk. Van Stalin is een schitterende partij tegen KGB-chef Jezjov gepubliceerd, hoewel het vrijwel zeker is dat Stalin de regels niet kende. Moeten we nu, in navolging van Timman, ook Lenin opgeven? Ik ben er nog niet toe bereid.

Die studie van de gebroeders Platov is er echt een naar mijn zin: licht, elegant en toch moeilijk. Goed herinner ik me mijn tevredenheid toen ik haar, lang geleden, na hard werken wist op te lossen. Die voldoening zal voor de jongere generatie schakers moeilijker te bereiken zijn. Het valt niet mee om stug door te zetten als je beschikt over een schaakcomputer die de oplossing in een paar minuten kan geven. Ik had gedacht dat voor iedere behoorlijke schaakcomputer een studie met een kort oplossingsverloop een kleinigheid zou zijn, maar dat blijkt nog tegen te vallen. Het blad Computerschaak drukte een paar maanden geleden de volgende studie af:

Zie diagram 2

A. Goeljajev, 1940. Wit begint en wint. De oplossing is 1. g6-g7 f3-f2 2. Lf8-e7 f2-f1D 3. Le7-f6 Df1xf6 4. g7xh8D+ Df6xh8 5. d3-d4 en zwart moet de dame geven en verliest daarna het pionneneindspel. Volgens Computerschaak konden een paar van de beste schaakcomputers deze studie niet oplossen. Oude aftandse computers, veel slechter, slaagden er merkwaardig genoeg wel in. Ook bleek dat sommige computers de studie wel konden oplossen als ze op een laag niveau waren ingeschakeld, maar op een hoger niveau weer niet. Raadselachtig.

Een oude vriend die we lang gemist hebben, is weer terug: Deep Thought, nu met nieuwe software en een nieuwe naam, Deep Blue. Deep Thought was altijd de sterkste schaakcomputer, maar de afgelopen jaren steeds afwezig op de computerschaaktoernooien. De ontwerpers werkten aan een nieuwe versie, die duizend keer zo snel zou worden als de oude. Zo ver zijn ze nog niet. Kort geleden speelde Deep Blue in Kopenhagen een match van vier partijen tegen Larsen en een aantal partijen tegen andere Deense topschakers. Een nieuw programma liep op een gewone computer en kon nu twee miljoen stellingen per seconde bekijken. Ten opzichte van Deep Thought was de snelheid ongeveer verdubbeld. Maar de kracht van Deep Thought was altijd dat software en hardware geïntegreerd waren.

Deep Thought was niet een schaakprogramma, maar een computer, speciaal geschikt voor schaakprogramma's. Over een tijdje zal Deep Blue dat ook zijn. Als de nieuwe software in de chips is ingebouwd, zal Deep Blue volgens projectleider dr. Feng-hsiung Hsu 200 miljoen stellingen per seconde kunnen berekenen. Ik moet bekennen dat ik een zekere walging voel bij de gedachte aan de miljarden onzinvarianten die door de computer gaan. Drukke nering, weinig opbrengst, zei de koopman vroeger.

Volgens een verslag in Schachwoche was heel Denemarken een week lang in de ban van het schaken en werd er opgelucht ademgehaald toen de mens gewonnen had. Larsen won de eerste partij en speelde daarna drie remises. Prestatierating voor Deep Blue: 2445. Daarna speelde Deep Blue een match tegen het Deense Olympiadeteam (niet simultaan, volgens gewone toernooiregels). Groot succes: Deep Blue won met 3-1. Zijn prestatierating was hier 2560. Maar tegen een aantal aanzienlijk zwakkere Deense spelers verloor het programma met 4,5-2,5, wat een prestatierating van slechts 2320 betekende. Van topgrootmeester naar zwakke meester, in een paar dagen. Mensen zijn ook wisselvallig. Soms winnen ze, soms niet. Maar computers toch veel meer. Ze moeten hun stellingen krijgen en of dat gebeurt, lijkt van volstrekt toeval afhankelijk. De opmerking in Schachwoche dat Deep Blue nu al bij de eerste honderd schakers van de wereld hoort, is in ieder geval onjuist.

Wit Larsen-zwart Deep Blue, eerste matchpartij.

1. e2-e4 e7-e5 2. Pg1-f3 Pb8-c6 3. Pb1-c3 Pg8-f6 4. Lf1-b5 Lf8-b4 5. 0-0 0-0 6. Lb5xc6 d7xc6 7. d2-d3 Dd8-e7 8. Pc3-e2 Lc8-g4 9. Pe2-g3 Pf6-h5 10. h2-h3 Ph5xg3 11. f2xg3 Lb4-c5+ 12. Kg1-h2 Lg4-c8 13. g3-g4 Lc8-e6 14. Dd1-e2 f7-f6 15. Lc1-e3 Lc5xe3 16. De2xe3 h7-h6 17. a2-a4 De7-b4 18. b2-b3 b7-b6 19. Tf1-f2 c6-c5 20. Kh2-g3 Db4-a5 21. h3-h4 Da5-c3 22. Ta1-f1 Ta8-d8 23. g4-g5 Le6xb3 Strategisch staat hij verloren, hij moet geweld gebruiken. 24. c2xb3 Td8xd3 25. De3-e2 h6xg5 26. h4xg5 f6xg5 27. Tf1-d1 Td3-e3 28. De2-b2 Dc3xb3 29. Db2xb3+ Te3xb3 30. Td1-d5 Tb3-a3 31. Td5xe5 g5-g4 32. Kg3xg4 c5-c4 33. Tf2-d2 Ta3xa4 34. Td2-d7 Tf8-c8 35. Pf3-g5 Ta4-a2 36. Td7xc7 Tc8-a8 37. g2-g3 Ta2-f2 38. Te5-e7 Kg8-h8 39. Te7xg7 Tf2-h2 40. e4-e5 Ta8-d8 41. Tg7-h7+ Th2xh7 42. Pg5xh7 Td8-g8+ 43. Ph7-g5 Zwart gaf op.