Alle Mongolen zijn dol op aandelen ex-staatsbedrijven

ULAN BATOR, 20 MAART. Arts in ruste Batiyn Byambasuren (60) dringt zich door een drom Mongolen in bontjassen heen die het kantoor van een effectenmakelaar in het rokerige industriegebied van Ulan Bator vullen. Na enkele ogenblikken is hij terug met in zijn opgestoken hand een bundel toegriks - de Mongoolse munt. “Mijn eerste dividend”, verklaart hij trots. “Eind dit jaar hoop ik ook dividend te krijgen bij mijn vier andere ondernemingen.”

Byambasuren heeft maar 57 toegrik geïnd (zo'n 70 cent), maar voor hem en vele anderen betekent het de eerste opbrengst van de privatiserings-vloedgolf die het land heeft overspoeld.

Tientallen jaren was bijna alles in Mongolië van de staat, zelfs de levende have van nomadische herders ver weg op de steppen. Maar in 1990 nam democratie de plaats van de partijheerschappij in, en privatisering vormt nu de hoeksteen van de markthervormingen hier.

Het egalitaire privatiseringsplan houdt in dat iedere Mongoolse burger recht heeft op bonnen ter waarde van nominaal 10.000 toegrik (circa 120 gulden) waarvoor men aandelen in ex-staatsbedrijven kan kopen. Naar schatting 80 procent van 's lands 2.3 miljoen inwoners hebben hun bonnen afgehaald.

Twee weken geleden bestond het belangrijkste instrument voor de aanschaf van aandelen, Mongolië's eerste effectenbeurs, een jaar.

“We hebben nu tweemaal zoveel aandeelhouders als in Singapore en per hoofd van de bevolking twee keer zoveel als in Japan,” zegt de 28-jarige beurspresident Naidansurengiyn Zolzhargal.

Wat deze beurs mist aan omvang compenseert ze met bravoure. “Volgens mij wordt onze kapitaalmarkt beter dan die ginds,” snoeft Zolzhargal. De marktwaarde van de aandelen moet echter nog worden beproefd, want de aandelen in de 238 genoteerde ondernemingen zijn nog niet verhandelbaar. De handel in geld en onbeperkte buitenlandse investeringen laten nog enkele maanden op zich wachten. Belangrijk probleem is het gebrek aan goede communicatiemiddelen, waardoor post van het ene eind van het land naar het andere er soms twee maanden over doet, hetgeen snelle afhandeling van aandelentransacties bemoeilijkt.

De regering overweegt om op tal van plaatsen in Mongolië kleine voorraden contanten op te slaan om dit probleem op te lossen.

Niettemin was de jury op het World Economic Forum in het Zwitserse Davos onlangs van oordeel dat Zolzhargal voldoende vorderingen had geboekt om een plaats te krijgen op hun lijst van 200 “mondiale leiders van morgen”.

Een buitenlandse econoom in Oelan Bator prijst het systeem hier als zijnde “mijlenver voor op wat er in Oost-Europa gebeurt”.

En inderdaad lijkt het of er geen uithoek in dit uitgestrekte land tussen Siberië en China is of de privatisering is er merkbaar, ook al maakt die voorlopig nog gebruik van symbolisch geld.

Op de begane grond onder Zolzhargals met veel pluche ingerichte kantoor bewondert een groep dorpsburgemeesters die een maand in de stad zijn om een cursus privatisering te volgen de moderne beursvloer met zijn rijen commissionairs-terminals.

“Deze operatie valt werkelijk bij ons in de smaak,” zegt Damdinsurengiyn Byambaa (54) terwijl hij met grote ogen de vroegere kinderbioscoop in zich opneemt. “We zijn diep onder de indruk.”

“Honderd procent van de mensen in mijn district heeft aandelen,” pocht Yadamyn Khuree (47).

Later, in het makelaarskantoor, licht Bizya Chuluun-erdene (26) toe: “Eerst besefte eigenlijk niemand het belang van aandelen. Maar nu mensen dividend ontvangen neemt hun belangstelling toe.”

Slechts een handjevol genoteerde ondernemingen heeft tot dusverre dividend uitgekeerd. Nog een flink aantal zal dat naar verwacht doen na hun eerste aandeelhoudersvergadering. Maar in deze tijd van economische crisis valt er weinig geld uit te delen.

Mongolië's economie krimpt al sinds twee jaar met 10% per jaar, en doordat de inflatie meer dan 10 procent per maand bedraagt, hebben veel bedrijven moeite het hoofd boven water te houden. De secretaris van het privatiseringscomité, Y. Gerelchuluun, erkent dat het plan wordt vertraagd door management-praktijken van vroeger. “Bij negen van de tien geprivatiseerde ondernemingen hebben nog dezelfde mensen het voor het zeggen,” geeft hij toe.

Het lijkt erop dat sommige delen van de opgesplitste vroegere staatsbedrijven weer willen fuseren. Kort geleden moest Zolzhargal ingrijpen om te voorkomen dat de grootste toeristische onderneming aandelen kocht in een kampement in de zuidelijke Gobi-woestijn dat ze vroeger had bezeten.

De jonge president deed dat niet om trustvorming tegen te gaan, maar omdat het kamp in strijd met de wet probeerde nieuwe aandelen uit te geven zonder toestemming van de aandeelhouders.

“Mijn probleem is niet langer hoe je het publiek naar de beurs toe krijgt,” zegt Zolzhargal niet zonder voldoening. “De mensen worden steeds slimmer, proberen goedkoop aan aandelen te komen en te zwendelen. Dat is een goed teken.” (Reuter)