J. HENDERSON; Eigenwijze wethouder

Het afscheid van wethouder Johan Henderson (48) was is in stijl: met vuurrode stropdas en rode roos in het knoopsgat. Toen hij, afgeschermd door een cohort PvdA-fractieleden, met het hoofd tussen de schouders de raadszaal verliet, heerste daar een droeve en licht schuldbewuste stemming over het vertrek van deze koppige, soms wat stuntelige, maar altijd openhartige wethouder.

Johan Henderson is kind uit een arbeidsgezin uit Rotterdam-Zuid. Hij begon zijn loopbaan als opbouwwerker in de wijk Het Oude Westen. Ondanks zijn radicale stellingname koos hij voor de PvdA. De "volksjongen' bleek een stemmentrekker voor de partij. Zijn ster steeg snel: in 1978 werd hij gemeenteraadslid, vier jaar later voorzitter van de gemeenteraadsfractie, in 1986 wethouder van sociale zaken en volksgezondheid. Maar in 1990 bleek zijn ster al even snel gedaald: Henderson stond zevende op de kieslijst en keerde ternauwernood terug in het college. Zijn progressiviteit paste niet binnen de "nieuwe flinksheid' van zijn partij.

Aan de portefeuille die hij in 1990 kreeg, viel weinig politieke eer te behalen: sociale zaken, ziekenhuizen en drugsbeleid. De wethouder kon zo echter blijven waken over het sociale gezicht van de gemeente tegenover de vaak ronkende taal over het "Nieuwe Rotterdam'. Hij was architect van het tolerante Rotterdamse drugsbeleid en zorgde op het gebied van sociale zaken ondermeer voor een minimafonds.

In de ruim zes jaar van zijn bewind verslechterde de relatie met burgemeester Peper. In 1984 nam hij de burgemeester, in moeilijkheden geraakt door boude uitspraken over zijn machtspositie, in bescherming tegen de woede van de PvdA. Peper kon blijven, maar Henderson liet hem een week in onzekerheid. Dat nam Peper hem kwalijk. Vooral de laatste jaren volgde incident op incident: zo nodigde Peper minister Hirsch Ballin uit voor een bezoek aan de gedoogzone voor drugsverslaafden, Perron 0, zonder de wethouder in te seinen. Ook deed de Rotterdamse korpschef Hessing met rugdekking van de burgemeester voortdurend tegendraadse uitspraken over het drugsbeleid. In een interview in deze krant bleek Peper begin deze week bereid de in grote moeilijkheden verkerende wethouder nog een zetje te geven richting politieke afgrond.

Toch lijkt duidelijk dat Henderson het laatste jaar niet meer naar behoren functioneerde. De wethouder kampte met gezondheidsproblemen, die volgens bronnen leidde tot slordigheid en gebrek aan sturing. Dat de raad hem ten val kon brengen, wijst op een cultuuromslag in Rotterdam. In 1990 was de PvdA voor het eerst zijn absolute meerderheid kwijt. Henderson is daarvan het slachtoffer.