"Gemeente moet woning op vuile grond opkopen'

DEN HAAG, 19 MAART. Minister Alders (milieubeheer) is bereid gemeenten te verplichten alle door bodemvervuiling onverkoopbare woningen op te kopen. Eerder wilde Alders de opkoopregeling alleen laten gelden voor woningen op door gemeenten uitgegeven grond.

De bewindsman deed zijn toezegging gisteren bij de hervatting van het debat over de Wet Bodembescherming, die wordt uitgebreid met een saneringsregeling. Vorige week meende Alders nog dat uitbreiding van de opkoopregeling de gemeenten handenvol geld zou kosten, maar inmiddels is hem gebleken dat het bij deze uitbreiding om niet meer dan zo'n tien procent van voor woningbouw uitgegeven grond gaat. Volgens schattingen van het ministerie zullen de kosten van de opkoopregeling voor gemeenten door de uitbreiding oplopen van 15 naar 16 miljoen gulden.

In de nieuwe saneringsregeling zal de eigenaar van een vervuild terrein voor de saneringskosten moeten opdraaien, ook als hij niet de vervuiler was. Alleen als hij onomstotelijk kan aantonen dat hij bij aankoop niet van de vervuiling op de hoogte was, hoeft dit niet. Hoewel CDA en PvdA deze regeling vorige week onrechtvaardig noemden, wilden zij niet zover gaan als de VVD, die de regeling wil schrappen. Het Kamerlid Te Veldhuis (VVD) noemde het “knettergek” dat “burgers nu moeten aantonen dat zij onschuldig zijn”. Volgens de VVD zullen met name beleggers in onroerend goed nu terughoudend worden bij de verwerving van grond.

Volgende week gaat de Tweede Kamer verder praten over een onderscheid tussen urgente en niet-urgente gevallen van bodemsanering, dat CDA en PvdA in de saneringsregeling willen vastleggen. Minister Alders voelt wel voor dit amendement, maar wil wel vastgelegd zien dat ook de niet-urgente gevallen op termijn moeten worden gesaneerd.