Dreiging handelsoorlog blijft na overleg VS-EG

WASHINGTON, 19 MAART. De ontmoeting tussen de voorzitter van de Europese Commissie, Jacques Delors, en de Amerikaanse president Clinton over de verslechterende handelsrelatie tussen beide blokken, gisteren in Washington, heeft geen concreet resultaat opgeleverd.

Delors zei na afloop bezorgd te blijven over de dreiging van een transatlantische handelsoorlog. Clinton liet zich in optimistischer bewoordingen uit. Volgens hem zullen er geen “vijandigheden” uitbreken en zullen er geen storingen optreden in de handelsstromen tussen de EG en de VS. “Ik wil geen handelsoorlog met de EG en ik denk ook niet dat we er één zullen krijgen”, aldus de president na afloop van het vijftig minuten durende onderhoud met Delors. Clinton heeft Delors uitgenodigd voor een nieuwe ontmoeting in mei, samen met de Deense premier Rasmussen, de huidige voorzitter van de EG

Het onderhoud was, wat de EG betreft, bedoeld om helderheid te krijgen over de stroom van tegengestelde aanwijzingen in de afgelopen twee maanden over het handelsbeleid van de nieuwe regering. De spanningen variëren van fricties over Amerikaanse anti-dumpheffingen op Europees staal en kritiek op de Europese subsidie voor Airbus, tot de meest recente dreiging van Washington om vanaf aanstaande maandag Europese bedrijven uit te sluiten van Amerikaanse overheidsorders in bepaalde sectoren.

Delors zei na afloop van het gesprek dat hij “bezorgd blijft omdat het mijn taak en mijn functie is om elke lidstaat van de EG te overtuigen van de goede afloop van de Uruguayronde (van de wereldhandelsbesprekingen in het kader van de Gatt)”. De sanctiemaatregelen die de Amerikaanse regering wil nemen staan lijnrecht tegenover mijn functie, aldus Delors, die tevens zei dat hij de Amerikaanse president had gewezen op de “slechte gevolgen” van het besluit van de Amerikanen om Europese bedrijven uit te sluiten van overheidsaanbestedingen.

Delors zal tijdens zijn tweedaags bezoek aan Washington op ministerieel niveau nog praten over onderwerpen als de oorlog in Bosnië en de hulp aan Rusland. (Reuter)