Vastgoedfonds VIB waardeert 173 miljoen gulden op panden af

AMSTERDAM, 18 MAART. VIB, nummer drie op de ranglijst van grootste Nederlandse vastgoedfondsen, heeft haar onroerend-goedportefeuille vorig jaar als gevolg van de voortdurende malaise op de vastgoedmarkt in de VS en Europa met 172,5 miljoen gulden (9,4 procent) afgewaardeerd. In 1991 bedroeg de afwaardering 150,3 miljoen gulden. Dit heeft VIB gisteren bekendgemaakt.

De afwaardering overtrof de huuropbrengsten ruimschoots waardoor het totale beleggingsresultaat per aandeel op 2,64 gulden negatief (1991: 2,50 negatief) uitkwam. VIB handhaaft het dividend per aandeel op 4,80 gulden, maar sluit niet uit dat het dividend over 1993 lager zal uitvallen door steeds fellere concurrentie tussen de eigenaren van kantoorpanden. De laatste vijf jaar keerde VIB onveranderd 4,80 gulden uit. “Dit jaar wordt wederom een moeilijk jaar”, aldus directeur ing. H.J.N. Rozemeijer bij de toelichting van de jaarcijfers.

Rozemeijer denkt dat het herstel van de vastgoedmarkt nog wel even op zich zal laten wachten. “Zelfs als het economisch herstel vervroegd inzet en de rente inderdaad structureel omlaag, blijven er de problemen van het overaanbod op de meeste markten en een geschokt vertrouwen in onroerend goed bij veel beleggers.”

VIB dat in Nederland, de VS, Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Canada en Spanje bijna 1,7 miljard gulden in commercieel onroerend goed (kantoren, winkelcentra en bedrijfsruimten) heeft belegd, vond de omstandigheden op de verscheidene verhuurmarkten nog slechter dan in 1991. “Ondanks dit gegeven stegen de huurinkomsten met 16,3 procent tot 140,6 miljoen gulden”, aldus Rozemeijer. Hij weet dit onder andere aan het gereedkomen van enkele projecten.

VIB lijdt net als andere vastgoedfondsen onder de matige economische groei, waardoor de vraag naar extra kantoorruimte laag is. Door een toename van het aantal fuserende en inkrimpende bedrijven kwam bovendien relatief veel ruimte vrij. Als gevolg hiervan nam de concurrentie tussen de verhuurders toe die steeds meer concessies (lagere huren, huurvrije periodes en vergoeding van de inrichtingskosten) doen aan de huurders. Verhuurders moeten ook meer geld uitgeven om huurders aan te trekken. Deze problemen op de kantorenmark hebben ertoe geleid dat taxateurs de waarde van de panden in de VIB-portefeuille naar beneden hebben bijgesteld.

De netto inkomsten uit de exploitatie (huren minus exploitatiekosten) namen toe met 16,5 procent tot 113 miljoen gulden. Het batig saldo van rentebaten en -lasten zakte van 20 miljoen in 1991 tot 12,5 miljoen gulden vorig jaar. Ondanks de stijging van het directe beleggingsresultaat (netto winst) met negen procent tot bijna 118 miljoen gulden, daalde het directe resultaat per aandeel met bijna zes procent tot 4,82. Hiervoor was de toename van het gemiddeld aantal uitstaande aandelen met ruim 30 procent door een aandelenemissie vorig jaar verantwoordelijk.