Hooman draagt bij aan zege op België in finale superliga

VERVIERS, 18 MAART. De officiële beker was ergens tussen de post uit Moskou blijven steken, maar dat mocht de pret niet drukken. Want al in het tweede jaar van de superliga voor vrouwen veroverde de Nederlandse ploeg de Europese titel. Ondanks de turbulente voorgeschiedenis hadden de pupillen van bondscoach Vlieg ook in de tweede wedstrijd weinig problemen met België (4-1).

Vorige week dinsdag ging Mirjam Hooman boos naar huis omdat ze niet was opgesteld in de eerste wedstrijd tegen de Belgen (4-2 in Groningen) en zondag haalde Bettine Vriesekoop vernietigend uit naar Hoomans coach Kantebeen. Desondanks was Mirjam Hooman er gisteravond bij alsof er niets was gebeurd. De verklaring van Kantebeen dat hij niet zou meegaan naar de wereldkampioenschappen in Gothenburg, een diepgaande conversatie maandagavond onder leiding van bondsvoorzitter Tempelaars en gesprekken van Vlieg met zijn speelsters hadden een enigszins werkbare situatie geschapen. Het Nederlands team kon in Verviers in ieder geval in de sterkste samenstelling in actie komen. Dus mèt Mirjam Hooman in het enkelspel, en Emily Noor in het dubbel naast Vriesekoop.

Na de spanningen van de afgelopen week viel het optreden van Hooman niet tegen. Tegen de derde Belgische speelster, Els Billen, kweet ze zich met een degelijke 2-0 overwinning van haar taak. Ondanks een lichte handblessure en met weinig rust in haar spel, zorgde ze voor de 1-1 tussenstand. De belangrijkste rol speelde weer Bettine Vriesekoop, die in de hele Europese competitie ongeslagen is gebleven.

De Oranje-ploeg had op een gelukkige wijze de Europese eindstrijd bereikt. Een onnodige 4-3 nederlaag tegen Duitsland leek het team vroeg in het seizoen kansloos te maken. Verrassend Duits verlies in Frankrijk stelde de finaleplaats alsnog zeker. Gezien de individuele kwaliteiten hoorden Vriesekoop, Hooman, Keen en Noor zeker in de slotwedstrijden thuis.

Dat gold op voorhand beslist niet voor tegenstander België, dat in de groep met sterker geachte landen als Zweden en Roemenië boven kwam drijven. Hoewel het Belgische team met routinier Bogaerts en het grote talent Ozèr een interessante toekomst voor zich heeft, was Oranje over twee wedstrijden gezien veruit de sterkste formatie.

Dit eerste grote team-succes dient in de visie van de Nederlandse Tafeltennis Bond een begin te zijn voor een nieuwe periode, waarin triomfen voor de verandering eens niét vrijwel automatisch samengaan met onsmakelijke rellen. Bondsvoorzitter Tempelaars: “We werken aan een nieuwe structuur, waarin wat mij betreft het principe zal zijn: de juiste man op de juiste plaats.”

Nog voor de wereldkampioenschappen in mei dient er duidelijkheid te komen over de manier waarop de technische staf zal zijn samengesteld. Er zijn officieel drie mogelijkheden. Tempelaars: “We kunnen beslissen om op de huidige voet door te gaan met Jan Vlieg als technisch directeur. We kunnen ook een nieuwe TD aantrekken. Een reële mogelijkheid is ook dat we gaan werken met een aantal part-time trainers met daarnaast een professionele organisator.”

Hoewel Tempelaars het niet uitspreekt, lijkt de laatste optie de meest logische. In dat geval blijft het licht voor Vlieg, die als TD zijn langste tijd gehad heeft, toch nog op groen staan. De Groninger, wiens contract in augustus afloopt, zal wel genoegen moeten nemen met een "degradatie' naar de positie van trainer/coach voor de vrouwen. Anderzijds krijgt hij wellicht de kans zijn tafeltenniscentrum in Groningen aan de bond te gaan verhuren voor trainingskampen.

Over de mogelijk nieuwe topsport-functionaris, die de tafeltennisbond met steun van de subsidiegevers hoopt te kunnen bekosten, zegt Tempelaars: “Dan denk ik aan een soort duizendpoot, die naast de organisatie van de selectie ook de externe p.r. gaat verzorgen, de spelers gaat begeleiden in hun contacten naar buiten toe en tevens een stuk sponsorfinding op zich gaat nemen.”