Componeren bij twaalf graden Celsius

In het Musée Ravel komen veel Japanners. Die weten alles van Ravel, zegt de gids. In tegenstelling tot de Fransen. “Die kennen alleen de Boléro.” In het voormalige woonhuis van componist Maurice Ravel staan meubels, grammofoon en vleugel er nog net zo bij als zestig jaar geleden. Wie alleen door de woning dwaalt, denkt zijn muziek te kunnen horen. Deze week de eerste aflevering van een serie over huizen van beroemde mensen.

Geopend za en zo 9u30-11u30 en 2u30-17u ('s zomers 18u) ma t/m woe 2u30-17u. Het is verstandig om van te voren te bellen. Inl 34860089.

In het Musée Ravel, het huis Belvédère in Montfort l'Amaury buiten Parijs, worden geen briefkaarten en gidsen verkocht; ook is er geen achtergrondmuziek, geen Boléro en Daphnis et Chloé, om de bezoeker tijdloos te stemmen. Er is een mevrouw van het dorp die op bepaalde uren van de week de voordeur ontsluit als er gebeld wordt, en een andere mevrouw die haar als rondleidster vervangt wanneer zij met vakantie wil. Maurice Ravel kocht Belvédère in 1921, en tot zijn dood in 1937 is het zijn vaste adres gebleven, waar hij componeerde; zijn appartement in Parijs gebruikte hij alleen als hij optrad en uitging. Sinds de dood van zijn moeder in 1917 leefde hij alleen. Zijn broer Edouard, zijn enige naaste, heeft zijn nalatenschap intact gelaten. De manuscripten en de grammofoonplaten zijn ondergebracht in de Bibliothèque Nationale; in het huis is veel gebleven zoals het zestig jaar geleden was. De meubels zijn er nog en de grammofoon; en de vleugel, een lichte houtkleurige Érard.

De familieportretten hangen aan de wand, de bibelots staan op de schoorsteenmantel, en Ravels smaak kan bestudeerd worden in de vloerkleden en het behang. Het huis ligt op een helling boven het dorp, en dankt zijn naam aan het uitzicht op het zuiden vanuit alle kamers van het woongedeelte. Een benarde trap voert naar beneden, naar de slaapkamer en de badkamer, met een grappige, bladderende oude badkuip. De kamers waren al niet groot in de tijd van de oorspronkelijke bewoner, een architect die Belvédère bouwde in 1902. Ravel heeft ze nog iets kleiner gemaakt in een nieuwe indeling; hij was maar 1 meter 55 lang, en hij paste zijn omgeving aan. De kleinste van alle lijkt de werkkamer, doordat de vleugel er veel plaats inneemt en ook door een gebouwtje in de tuin, dat het uitzicht tot de helft beperkt. Dat stond er niet in de tijd van Ravel.

Na zijn dood ontstond behoefte aan een kleine zaal voor uitvoeringen en bijeenkomsten. Dus nu steekt een stuk blinde muur omhoog, enkele meters achter Ravels pianostoel. Wat een vandalisme! De gemeente, die nota bene het huis zelf onderhoudt, heeft het zo geregeld. Niet naar buiten kijken uit de werkkamer is maar het beste. Ik mocht even aan de piano zitten, die nog voor concerten gebruikt wordt; en ik mocht een paar maten spelen uit de Tombeau de Couperin. Het stuk was al klaar in 1914, en de meeste van zijn bekende werken componeerde Ravel voordat hij naar Belvédère kwam. Maar de Boléro en de twee pianoconcerten moeten in deze kamer ontstaan zijn. In ieder geval speelde de grote kleine man op deze piano, en hij kon platen draaien op de grammofoon die erachter staat. Soms als het mooi weer was, zat hij op het balkon dat aan de zuidkant langs het hele huis loopt. In de winter rilde hij op koude dagen, wanneer de logge radiatoren de temperatuur niet boven de twaalf graden konden brengen.

Ook in deze kamers heeft hij in zijn laatste vier jaar met het besef geleefd dat hij aan het aftakelen was door een aandoening in zijn hersenen. Sommigen dachten aan een tumor, maar het was een andere kwaal, niet operabel. Hij werd er geleidelijk vager en onzekerder van, met onderbrekingen van helderheid wanneer hij wist hoe het met hem ging; en hij heeft na 1933 niets meer gecomponeerd. Tussen de familieportretten aan de wand hangen twee tekeningen door Luc-Albert Moreau van hem in zijn laatste jaren, vermagerd en ongelukkig. In de keuken hangt van dezelfde portrettist een profiel van hem op zijn sterfbed. De kunst voor een bezoeker is om voor het afscheid even weg te dwalen bij de vriendelijke rondleidster, en alleen langs de kamers te lopen met Ravel in gedachten. Dan raakt het huis vervuld van zijn muziek, niet hoorbaar, maar denkbaar.

Montfort l'Amaury ligt 45 kilometer buiten Parijs, voorbij Versailles, in de richting van Rambouillet en linksaf door Pontchartrain. Aan het einde van de route wordt de omgeving groen, en dan verschijnt het dorpje op de heuvel. Van het kerkplein gaat een straat omhoog waar naar links de rue Ravel afslaat; daar komt Belvédère meteen in het zicht. Er gaat een trein van het Gare Montparnasse naar Montfort l'Amaury; van het station is het een half uur lopen, wat Ravel ook wel gedaan zal hebben als hij niet de dorpstaxi nam.