Bouwleningen eerder afgelost dan verwacht; Opbrengst vier à zes miljard

DEN HAAG, 18 MAART. Woningbouwverenigingen zijn bezig rijksleningen vervroegd af te lossen. Naar een globale schatting van het ministerie van financiën komt er daardoor zowel in 1993 als in 1994 vier tot zes miljard gulden extra bij het rijk binnen.

Van een meevaller voor minister Kok is overigens niet echt sprake. Hij zal het geld niet gebruiken voor vermindering van het financieringstekort op korte termijn. Daardoor zal de "meevaller' niet leiden tot vermindering van de bezuinigingen. Het geld zal worden benut om de staatsschuld extra te beperken, hetgeen in latere jaren een voordelig effect voor de aflossingen en rente-uitgaven van het rijk heeft. Verlaging van de staatsschuldquote is bovendien van belang met het oog op de toekomstige Economische en Monetaire Unie (EMU). Daar staat tegenover dat er minder inkomsten aan aflossingen van woningbouwverenigingen binnen zullen komen.

De corporaties maken gebruik van de heersende lage rente om hun rijksleningen om te zetten in leningen met een lagere rente op de kapitaalmarkt. Ze kunnen dat boetevrij doen. Het gaat om leningen die voor 1988 zijn gesloten. Sinds dat jaar kunnen woningbouwverenigingen geen geld meer lenen van het rijk voor de nieuwbouw van sociale huurwoningen. In totaal staat er nog voor zo'n 47 miljard gulden aan rijksleningen aan de corporaties uit. Eind jaren tachtig maakten zij eveneens gebruik van de lage rente en losten in totaal voor zo'n 34 miljard gulden vervroegd af. Ook toen werd dat geld door het kabinet gebruikt om de staatsschuld te verkleinen.

De woningbouwverenigingen hopen dat voor de herfinanciering van hun leningen het Waarborgfonds Sociale Woningbouw borg mag staan. Dit fonds, waarvan de corporaties medebestuurder zijn, staat nu alleen garant voor leningen voor sociale nieuwbouw of renovatie. Over de uitbreiding van de taken van het fonds onderhandelen de overkoepelende organisaties van de corporaties met diverse ministeries.