Voor Haagse wethouder werd het "etentje à deux' een "etentje adieu'; Van den Berg bekeek met stijgende verbazing tekorten bij Fuchs' museum

DEN HAAG, 17 MAART. Voor de derde keer viel haar kerstpakket bar tegen. In december 1990 kreeg ze een dossier mee waarin de "oude tekorten' van de gemeente lagen opgestapeld, die uiteindelijk een optelsom lieten zien van ruim 260 miljoen, een schuld die de gemeente op de rand van het failliet zou brengen en B en W dwong te bedelen bij de rijksoverheid. Een jaar later - op 20 december - had de vorige week donderdag teruggetreden Haagse wethouder A. van den Berg een lunchafspraak met de directeur van het Haagse gemeentemuseum R.H. Fuchs, die haar had uitgenodigd voor een "etentje à deux'. Bij deze gelegenheid maakte de inmiddels naar het Amsterdamse Stedelijk Museum vertrokken directeur bekend dat de begroting over 1990 met een miljoen was overschreden. Het "etentje à deux' zou ruim een jaar later als een "etentje adieu' worden uitgelegd. Deze kerst bleek dat de tekorten van het museum over '91 fors waren overschreden. Samen met die van '92 in totaal 4,2 miljoen. Van den Berg heeft haar conclusies getrokken en is opgestapt.

Na vijftien jaar raadslidmaatschap en achteneenhalf jaar wethouder gleed ze naar eigen zeggen uiteindelijk uit over een "bananeschil'. Haar interesse voor de politiek ontstond in 1965 toen er nog stemplicht bestond en zij voor het eerst het rode potlood moest hanteren. Kort daarop werd ze lid de van de liberale jongerenorganisatie JOVD en niet veel later van de VVD. “Wat een logische keus was. Ik kom uit een liberaal middenstandersgezin.” In 1973 werd ze gevraagd lid te worden van de raadsfractie van de VVD in Den Haag. Ze hield de boot af wegens haar studie. Van den Berg deed haar financiële kennis op bij een Canadese boerenleenbank en na terugkeer in Nederland als werknemer bij de Utrechtse Raiffeissenbank. In 1978 gaf ze wel toe. Ze was tweeëneenhalf jaar raadslid en volgde in 1981 de naar Utrecht vertrokken wethouder Vos-van Gortel op. In 1986 werd de VVD in de oppositie gedwongen toen PvdA, D66 en wat nu Groen Links is het college vormden. Sinds 1989 was ze weer wethouder van financiën, cultuur en mediabeleid.

Twee jaar geleden speelde ze ook al met de gedachte af te treden, toen de gigantische tekorten zich opstapelden. “Maar de vergelijking met toen gaat niet op,” zegt ze. “Die tekorten waren wel veel groter dan nu, maar veroorzaakt in een periode dat ik geen wethouder was. Dan kun je natuurlijk wel een politiek gebaar maken door op te stappen, maar wie schiet daar iets mee op? Het lag meer voor de hand om meteen de schouders er onder te zetten. Nu lag dat anders. De overschrijdingen bij het gemeentemuseum zijn gebeurd in een periode dat ik politiek verantwoordelijk was.

“De kiezer heeft er recht op om te zien dat dergelijke zaken niet zonder gevolgen blijven en je mag hopen dat er ook een zuiverende werking van uitgaat voor het ambtenarenapparaat. Als de politiek verantwoordelijke ondanks alles wat er gebeurt blijft zitten, zullen ook de ambtenaren er van hoog tot laag een potje van gaan maken. Wat er nu is gebeurd zou wel eens een signaal kunnen zijn voor de verantwoordelijken dat dit dus echt niet kon. En ook daar heerst een pikorde, dus ik hoop dat het doorsijpelt.”

“Ik geef toe dat het een uiterst zure ervaring is. Na die ellende van twee jaar geleden hebben we de zaak stevig op de rails gezet en worden vorderingen gemaakt en dan word je zó in je zij gereden.”

Direct na het bekend worden van de tekorten - nog niet de precieze omvang daarvan - liet Fuchs vanuit Amsterdam weten dat mevrouw Van den Berg allang op de hoogte was. “Ik heb de heer Fuchs toen onmiddellijk een briefje gestuurd, waarin ik hem heb gevraagd opheldering te geven over het moment waarop ik dat dan van hem vernomen zou hebben.”

Fuchs antwoordde, maar kon niet hard maken dat hij over die tekorten duidelijker is geweest dan naar aanleiding van zijn financiële zorgen te vragen om een "etentje à deux'. “En bij de werklunch die daarop volgde heb ik Fuchs zeer duidelijk te verstaan gegeven dat ik een overschrijding van één miljoen zeer hoog opnam. Ik heb hem verzocht mij in de loop van het volgende jaar op de hoogte te houden van de financiële sanering. Daarbij ben ik tot twee keer toe volledig verkeerd voorgelicht. Tot in december, om precies te zijn op de 22-ste, de eerste duidelijke signalen kwamen van de overschrijdingen die er in 1991 op zijn gevolgd. Begin dit jaar pas werd duidelijk hoe de tekorten er over het afgelopen jaar uit zouden zien. Naar ik nu begrijp was mijn collega Bakker tijdens het sollicitatiegesprek er deze zomer wel van op de hoogte.”

Het college heeft inmiddels in navolging van de PvdA-fractie besloten om te onderzoeken in hoeverre Fuchs persoonlijk kan worden aangesproken op de overschrijdingen. “Het is natuurlijk onzin om daarbij uit te gaan van 4,2 miljoen gulden,” zegt mevrouw Van den Berg. “De kosten van de verbouwing aan het museum zijn bijvoorbeeld uit de hand gelopen. Dat kun je Fuchs niet aanrekenen. Maar het is de vraag in hoeverre hij op andere punten verwijtbaar voorbij is gegaan aan het mandaat. Dat zal het accountantsonderzoek moeten uitwijzen. Ik neem aan dat de declaraties nauwkeurig zullen worden doorgenomen.”

Een eerste onderzoek heeft al uitgewezen dat in '91 de kosten aan reis en verblijf waren geraamd op 39.000 gulden, maar uiteindelijk 159.000 gulden bleken te belopen. “Dit is vooral terug te voeren op de reizen die de directeur heeft gemaakt.” De telefoonkosten werden dat jaar met een ton overschreden. In '92 is dat alles niet verbeterd. De post representatiekosten werd toen met een ton overschreden. Aan uitbesteed drukwerk werd 90.000 gulden te veel uitgegeven, de uitgaven aan publiciteit beliepen 134.000 gulden meer dan mocht. Aan reizen werd vorig jaar 157.000 gulden meer uitgegeven dan toegestaan. “Je gaat er vanuit dat Fuchs bij zijn reisplannen belangrijke afwegingen heeft gemaakt,” zegt mevrouw Van den Berg. “Maar op basis van de nota's zal wel blijken of dat inderdaad zo is. Ik geef toe dat ik die posten met stijgende verbazing heb zitten bekijken. Als je dit ziet tegen de achtergrond van een stad die blut is, wat voor een perceptie heeft iemand dan van de werkelijkheid?”

Van den Berg: “Wat dat verhalen betreft is er natuurlijk sprake van een andere situatie dan twee jaar geleden. Toen werden we met oude tekorten geconfronteerd die door een eerder college waren veroorzaakt, maar die wel waren gefiatteerd door de gehele raad.”

Van den Berg wordt weer raadslid. Maar of ze, zoals vorige week in de raadsvergadering werd gesuggereerd, in een volgende periode weer wil terugkomen als wethouder weet ze nog niet. “Ach, vijftien jaar raadslid, waarvan zo'n periode als wethouder is misschien wel mooi geweest. Het wethouderschap vind ik in elk geval de mooiste politieke functie die je kunt bekleden. Je staat heel dicht bij de burger. Het is heel concreet en direct werk. Dus alleen persoonlijke overwegingen zouden me van zo'n wethouderschap kunnen afhouden. Ik voel me in politiek opzicht bepaald geen aangeschoten wild.”