Scholier wil liever een taal erbij dan een lesje discipline

Premier Lubbers denkt dat “orde en discipline binnenkort wel eens het belangrijkste vak op school kan worden”. Leraren, leerlingen en onderwijspolitici reageren op de suggestie van de premier.

ROTTERDAM, 17 MAART. “We kúnnen wel rustig zijn, alleen we doen het niet.” Brugklasser Lennert (13) staat met een mountainbike aan de hand en een keurig rugzakje op de schouders bij de Comenius scholengemeenschap in Capelle aan den IJssel. “In discipline hebben we heus geen extra lessen nodig.”

Geerte (12), die net aan komt fietsen, is het onmiddellijk met hem eens: “We kunnen beter meer talen leren, vind ik.” Lennert ontdekte het afgelopen jaar al dat niet alle leraren even streng zijn. “Laatst hadden we bij biologie de deur op slot gedaan, zodat de lerares er niet in kon. Uiteindelijk kreeg ze hem van buitenaf open en ze was ontzettend kwaad. Maar niemand kreeg straf! Kijk, dat vind ik nu te mild. Maar bij onze leraar wiskunde krijg je gelijk een 1 als je een vraag niet invult. Dat vind ik weer te streng.”

In een donker hoekje bij de ingang van de school schuilen Francesca (17) en Corike (15) voor de harde wind. Een leraar moet geen discipline opleggen, zegt Francesca, hij moet gezag hebben, dan gaat het verder vanzelf. “Discipline is een eng woord” vindt ook Corike, “een leraar moet uitstraling hebben, dan leren we wel. Als leraren te streng worden omdat ze onzeker zijn, dan krijg je opstand. Kinderen onder de duim willen houden slaat nergens op. Als je niet in je waarde wordt gelaten leer je toch niks.” Dat iemand die te laat op school komt wordt gestraft vinden ze, als ze er over nadenken “wel redelijk”. “Want stel dat iedereen het zou doen? Dat zou een soepzootje worden”, zegt Francesca, die "puur voor zichzelf' wel vindt: “hoe losser hoe beter”.

Rector A. Roggema van het Kamerlingh Onnes College in Groningen (850 leerlingen) deelt de mening van de premier al evenmin. “Orde en discipline betekent dat je leerlingen gaat drillen, en dat werkt in de praktijk gewoonweg niet.” Belangrijker op een school, zegt zij, zijn “duidelijkheid en respect”. “Dat betekent dat je regels moet uitleggen in plaats van opleggen: een brugklassertje moet doorhebben waaróm hij eruit wordt gestuurd als hij de leraar een grote mond geeft.”

“De school staat al zo veel als mogelijk aan de kant van orde en tucht”, zegt rector M. Sjamaar van het Niels Stensen College in Utrecht (960 leerlingen). “In de grote steden komt de politie vaak juist naar de scholen omdat ze bij de ouders geen gehoor vinden. Als je nog meer aan discipline wilt doen dan nu al gebeurt, moet je een groot deel van de ouderlijke macht en de kinderbijslag overhevelen naar de scholen, dan pas kun je echte tucht-instituten vormen.”

Pag 2: "Ik ben zo vaak geschorst, je went eraan'

Ook de organisaties van schoolbesturen reageren verrast op Lubbers' pleidooi voor meer tucht. “Met heimwee naar de burgermansmoraal komen we niet verder”, zegt B. Janssen van de katholieke schoolraad NKSR. “Wat is er gebeurd met het idee dat je een kind moet opvoeden tot een mondige burger?” Hij ziet meer in de discussie die de ministers Ritzen (onderwijs) en Hirsch Ballin (justitie) zijn begonnen over de plaats van normen en waarden in de school. “Lubbers' uitspraken sturen de discussie precies de verkeerde kant op. Een school is geen drilinstituut.”

In de onderwijspolitiek wordt bijna schouderophalend gereageerd op Lubbers' ordeverhaal. Alleen CDA-onderwijswoordvoerder K. Tuinstra is opgetogen. Meer discipline en meer zelfbeheersing zijn goed voor het onderwijs, zegt hij. Maar PvdA-Kamerlid T. Netelenbos ziet meer in aanpassing van het onderwijs aan de belangstelling van de leerlingen en in overtuigingskracht. En VVD-Kamerlid N. Ginjaar-Maas zegt: “Ik zou wat Lubbers zegt nooit voor mijn rekening willen nemen. Leerlingen moeten weten waar ze aan toe zijn op school, dat wel, maar dat is iets anders dan orde en tucht.”

Gisteren en vandaag houden de Verenigde Lerarenopleiders in Veldhoven hun jaarlijks congres. “Kinderen hebben meer psychische en sociale problemen. Ordehandhaving is moeilijker geworden”, geeft E.M.P. van Montfoort, docent aan de Academie voor Beeldende Vorming, toe. Maar strenger optreden is niet de oplossing. “Vroeger was het: dit zijn de regels en dit is de straf. Nu wordt er meer ingespeeld op individuen. Bij de ene leerling moet je strengere normen hanteren dan bij de andere.”

Maar niet iedereen is tevreden over de bestaande discipline-maatregelen. Vorig jaar behaalden Sancho (19) en Ramses (18) hun HAVO-diploma op het Comenius. Toevallig zijn ze nog even op hun oude school. Achteraf gezien had het allemaal wel wat strenger gekund, vinden ze. Ramses: “Nu vind ik het stom dat ik toen niet meer gedwongen ben om bijvoorbeeld natuur- en scheikunde goed te leren.” Zijn vriend Sancho valt hem bij: “Ze waarschuwen je op school wel: je moet beter leren en zo, maar er wordt nooit een consequentie aan verbonden.”

Een paar minuten lopen van het Comenius ligt in Capelle de openbare scholengemeenschap De Glopper. Op het bordes van een bijgebouwtje staan een paar VWO-eindexamenkandidaten te praten. Eigenlijk hebben ze nu economie of wiskunde. Maar, zo zegt Ellen (19), gekleed in een slordig leren jasje, als je niet op de les verschijnt, wordt er nauwelijks iets van gezegd. Alleen wie te laat komt krijgt straf. “Maar dat is ook logisch, want dan verstoor je de les. Of je wel of niet spijbelt moet je zelf weten, vind ik.” Michiel (17) denkt daar anders over: “Ik heb een spijbellijst van misschien wel dertig centimeter, maar het blijft altijd bij waarschuwingen. Zo krijg ik nooit zelfdiscipline”, zegt hij een beetje spijtig.

Als Lubbers zo graag tucht wil moet hij eerst maar eens iets aan de discipline van leraren doen, zegt het vriendenclubje. Sebastiaan (19): “Ik heb een Spaanse leraar, het is ontzettend gezellig en we praten over van alles en nog wat, maar grammatica krijgen we niet. Dat is toch stom?” En wat hen ècht ergert zijn de leraren die zelf te laat komen, en de conrector die gewoon zijn sigaar rookt in de gangen, waar roken verboden is. “Ik houd de sigaar alleen maar brandende, zegt hij dan. Maar dat is toch belachelijk!” reageren de spijbelaars verontwaardigd.

Als ze weglopen komt Cynthia uit HAVO 5 hen op de brommer achterop rijden. Eigenlijk had ze Nederlands, maar er kwamen maar vijf mensen opdagen, dus kregen ze vrij. Ze vertelt dat ze vorig jaar erg slecht leerde. “Nou, toen ben ik wel hard aangepakt. Nu leer ik een stuk beter. Opeens lukte het weer.” Voor sommigen is het wel goed als ze eventjes hard worden aangepakt, vinden de scholieren. Alleen Sebastiaan denkt er anders over. “Ik ben al vijf keer geschorst, je went er gewoon aan. Ik ben pas gemotiveerd geraakt om een diploma te halen toen ik merkte dat ik inmiddels tussen kereltjes op school zit die tot mijn middel komen. Ik wil hier weg!”