Krabbelaar in luilekkerland

The Distinguished Gentleman. Regie: Jonathan Lynn. Met: Eddie Murphy, Joe Don Baker, James Garner, Sheryl Lee Ralph, Lane Smith, Kevin McCarthy. In: 46 theaters.

De recente films van superster Eddie Murphy, tot stand gekomen onder de voorwaarden van een meerjarig contract met de Paramount-studio, zijn zielloze oefeningen in narcisme en mannetjesmakerij. De verbintenis stond Murphy één film toe voor een andere maatschappij; het werd de door Disney-filiaal Hollywood Pictures geproduceerde politieke satire The Distinguished Gentleman, geschreven door de voormalige campagnemanager van Walter Mondale, de ook als Disney-executive werkzame Marty Kaplan. Vergeleken met Murphy's Harlem Nights of Boomerang is The Distinguished Gentleman een meesterwerk van ingetogenheid, discipline en intelligentie; dat betekent nog niet dat de film goed genoemd kan worden.

De premisse van het script is dat alle politici in Washington hun zakken vullen, gespekt door lobbyisten en het militair-industrieel complex. Voor de kleine krabbelaar Thomas Jefferson Johnson (Murphy) uit Florida doemt het Congres op als een luilekkerland. Als beroepsoplichter en -afperser kost het hem weinig moeite om zich als opvolger van een voortijdig overleden afgevaardigde, die toevallig Jeff Johnson heet (James Garner), louter op grond van naamsbekendheid te laten kiezen. De gemiddelde Amerikaanse kiezer, zo luidt nog steeds de redenering van het scenario, weet immers niet of zijn kamerlid dood is of leeft.

Uiteraard neemt het scenario op drie kwart een andere wending. Net als Mr. Smith die in de film van Frank Capra naar Washington trok, bekeert Mr. Johnson zich tot democratisch idealisme, dat het aan de kaak stellen van de corruptie plaatst boven persoonlijk gewin.

Als regisseur van The Distinguished Gentleman werd de Brit Jonathan Lynn waarschijnlijk niet aangetrokken op grond van zijn twee eerdere speelfilms, Nuns on the Run en My Cousin Vinny, maar omdat hij in zijn vaderland de satirische televisieserie Yes, Prime Minister gemaakt had. Op Amerikaanse bodem gedijt zo'n beeldenstorm tegen het politieke establishment toch minder. Murphy mag een paar aardige nummertjes ten beste geven, maar als genadeloze analyse van het cliëntelisme in de Amerikaanse politiek blijft de film steken in armzalige karikaturen. Slechts de aanwezigheid van enkele oudgedienden in bijrollen (Kevin McCarthy, Joe Don Baker) redt The Distinguished Gentleman van instant-vergetelheid.