Japan: slechte leningen toch aftrekbaar

TOKIO, 17 MAART. Japanse banken die hun "slechte' leningen voor een deel overhevelen naar een daartoe pas opgericht instituut, kunnen op die manier hun miljardenverliezen op de Japanse belastingbetaler afwentelen. Volgens officiële cijfers van het ministerie van financiën hebben de 21 grote banken in totaal voor 12,3 biljoen aan "slechte' leningen uitstaan (leningen waarover al zes maanden geen rente meer is ontvangen).

Voor alle financiële instellingen overschrijdt dit bedrag waarschijnlijk de 30 biljoen yen (430 miljard gulden), zo schatten analisten. Aanvankelijk wilde de Japanse regering de benarde Japanse banken rechtstreeks te hulp schieten. De belastingwet staat namelijk niet toe dat banken verliezen op slechte leningen fiscaal afschrijven. Tegen het voornemen rees veel verzet, omdat velen vinden dat de banken hun problemen aan zichzelf hebben te wijten. Ze leenden te veel geld uit tijdens de luchtbel-economie van buitensporige speculatie in onroerend goed en effecten. Toen de luchtbel barstte zaten ze opgescheept met een aanzienlijk aantal dubieuze debiteuren, vooral onder onroerend-goedfirma's.

Het instituut, dat is opgericht in nauwe samenwerking met Financiën, stelt de banken in staat de belastingwet te omzeilen. Zodra ze het onderpand op "slechte' leningen met verlies verkopen aan het instituut, mogen ze het verlies wel fiscaal afschrijven. Zodoende wordt via een omweg de rekening alsnog gepresenteerd aan de belastingbetaler. Dit boekjaar voor 100 miljard yen (1,4 miljard gulden), oplopend via 350 miljard yen (5 miljard gulden) in het boekjaar '94 tot 450 miljard yen (6,4 miljard gulden) in het boekjaar '95. Een bankier bevestigde vandaag desgevraagd deze bedragen.

De banken financieren overigens zelf het instituut. Dat betekent dat het instituut de "slechte' leningen op zijn balans krijgt en de banken op hun balans "goede' leningen, namelijk het geld dat zij aan het instituut hebben gegeven om de "slechte' leningen te kunnen kopen.

De constructie is, volgens de bankier die anoniem wenst te blijven, alleen houdbaar indien het instituut erin slaagt het onroerend goed door te verkopen aan derden. Maar door de ingezakte prijzen op de onroerend-goedmarkt ziet het daar volgens hem niet naar uit. “Het is inderdaad een truc”, beaamt hij.

Volgens analisten worden alleen de grote banken door het instituut bediend. De vele kleine financiële instellingen die veel dieper in de problemen zitten en met bankroet worden bedreigd, worden door allerlei belemmeringen van gebruik van het instituut geweerd.