Uit protest tegen plannen in EG en VS voor milieubelasting op olieprodukten; Golfstaten dreigen met daling olie-export

ROTTERDAM, 15 MAART. De zes oliestaten aan de Golf, verenigd in de Samenwerkingsraad voor de Golf (GCC), dreigen hun oliekranen half dicht te draaien als de plannen van de Europese Gemeenschap en de Amerikaanse regering doorgaan om nieuwe milieubelastingen op olieprodukten in te voeren.

Saoedi-Arabië, de grootste olie-exporteur ter wereld, voert de GCC-landen aan. De andere lidstaten zijn Koeweit, de Verenigde Arabische Emiraten, Bahrein, Qatar en Oman. Vier van de zes zijn ook lid van de Organisatie van olie-exporterende landen (Opec) die zich ook van meet af aan heeft verzet tegen de nieuwe belastingen op energie. In Jeddah is ook besloten dat de Opec-landen en de overige olieproducerende landen volgende maand in de Omaanse hoofdstad Muscat bijeenkomen om hun verzet tegen de energiebelastingen onderling af te stemmen en hun produktiebeleid aan te passen.

Op een vergadering in Jeddah hebben de olieministers van de zes staten “gezworen” hun exportbelangen te verdedigen tegen de gevolgen van de nieuwe belastingplannen. Het communiqué dat werd uitgegeven bevat vooral harde tal tegen de EG, omdat de nieuwe CO2-belasting die in Brussel in de maak is, geïntroduceerd zou worden terwijl de kolenproduktie in Duitsland en kernenergie in Frankrijk en Groot-Brittannië nog worden gesubsidieerd. Volgens de Golfstaten zijn die energiebronnen schadelijker voor het milieu dan olie.

De GCC-landen ramen de vermindering van hun gezamenlijke inkomsten als gevolg van het eerste deel van de nieuwe EG-belasting op olie 15 miljard dollar per jaar. De Europese Commissie wil dat eerste deel, een heffing van 3 dollar per vat olie, per 1 januari 1994 laten ingaan. Elk jaar zou de belasting van 1 dollar per vat verhoogd worden tot in 2001 een totale energiebelasting van 10 dollar is bereikt. Ook de Amerikaanse president Clinton heeft in zijn State of the Union een energiebelasting voorgesteld. Met de opbrengst wil hij milieuprojecten financieren en het begrotingstekort verminderen.

Volgens het persbureau van Bahrein zei de olieminister van dit land, Yousef Shirawi, bij terugkeer uit Jeddah dat de GGC-landen hebben besloten niet alleen hun olie-export naar de Westerse landen te beperken als de nieuwe belastingen worden ingevoerd, maar ook hun “produktie-ontwikkeling” te zullen aanpassen. Dat betekent een beperking in de miljardenprojecten die in de Golfstaten zijn voorbereid om de olieproduktie uit te breiden en e moderniseren. Die uitbreiding is nodig om aan de groeiende vraag naar Opec-olie te voldoen, nu de produktie in het Westen (Noordzee en Noord-Amerika) geleidelijk aan terugloopt. Opec heeft nu een marktaandeel van bijna 40 procent en het Internationaal Energie Agentschap in Parijs voorspelt dat dit aandeel de komende tien jaar substantieel zal groeien.

Door een beperking van de olie-aanvoer uit de Golfstaten en een teruglopen van de produktiecapaciteit kan de olieprijs de komende tijd drastisch stijgen, waardoor de olielanden automatisch compensatie ontvangen voor een lagere afzet in de Westerse landen.