PSV raakt negatief imago niet kwijt met remise in De Kuip; Westerhof: "PSV staat 23 wedstrijden bovenaan en is ook na 34 duels nog leider in eredivisie'

ROTTERDAM, 15 MAART. Zelden zal een gelijkmaker in een competitiewedstrijd zo uitbundig zijn bejubeld als zaterdagavond het doelpunt van Dean Gorré dat hij op de valreep maakte in de topper tussen Feyenoord en PSV (1-1). De vervanger van Peter Bosz, die op het laatste moment met een blessure afhaakte, maakte eerst een vreugderonde langs alle collega's en sprong kort daarna bij het verlaten van het veld de immer stoïcijnse coach Willem van Hanegem om de nek. Die moest daar natuurlijk niets van hebben, want de Kromme vond het al waanzin dat Ajax-trainer Louis van Gaal vorig seizoen met de UEFA Cup in handen zijn emoties de vrije loop liet.

De spontane uitbarsting van Gorré, de held van de avond, had misschien een wat overdreven karakter, toch kon ook de neutrale toeschouwer zijn blijdschap enigszins delen. Afgezien van het feit dat er in de wedstrijd zelf sprake was van gerechtigheid, werd met die ene treffer, gescoord in de derde minuut van de blessuretijd, de spanning in de competitie opgevoerd. Terwijl bij een nederlaag van Feyenoord PSV voor de laatste elf wedstrijden in een fauteuil was terecht gekomen. Ajax en Feyenoord volgen PSV nu op de hielen met twee verliespunten meer en wie de Eindhovenaren zaterdagavond regelmatig met de rug tegen de muur zag staan, weet dat dit geen onoverbrugbare kloof hoeft te zijn. PSV-trainer Hans Westerhof realiseerde zich dat ook, toen hij totaal gedesillusioneerd de kleedkamer opzocht. Hoewel zijn ploeg blij moest zijn met de puntendeling had hij toch behoorlijk de smoor in.

“Die ene treffer scheelt ons twee punten”, rekende Westerhof na afloop zijn gehoor even snel uit het blote hoofd voor. “Dat doelpunt mogen we ons zelf toch wel erg aanrekenen. De organisatie in de verdediging was totaal zoek. Er liep een aantal jongens op dat moment te ver van het doel. En dat mag toch niet met nog enkele seconden te spelen.”

PSV deed in De Kuip geen enkele poging zich te ontdoen van het negatieve imago dat de ploeg deze competitie heeft opgebouwd. Westerhof had weliswaar aangekondigd met vier spitsen de aanval te zullen kiezen, maar daar kwam in de praktijk weinig van terecht. Kieft en Romario stonden tamelijk geïsoleerd voorin te wachten op ballen die sporadisch in een enkele counter werden aangevoerd. Dat er dan onmiddellijk gevaar ontstond, tekent de sluwheid van de twee spitsen maar zegt weinig over de kracht en instelling van het totale elftal. Feyenoord maakte al snel duidelijk niet veel te hebben opgestoken van de slechte ervaringen die Ajax dit seizoen tegen de landskampioen heeft gehad. De Amsterdammers domineerden in de onderlinge titanenstrijd tweemaal, maar liepen zich evenzoveel keer te pletter op de Eindhovenaren die uit de schaarse tegenaanvallen het maximale rendement peurden. De counter waardoor PSV zaterdag op voorsprong kwam was er trouwens een uit het boekje. Linskens passte perfect op Hoekstra die door het midden een rush begon en voor het doel de meegesprintte Romario kon aanspelen. Er ging balverlies van Gorré aan vooraf.

Feyenoord bleef daarna het spel dicteren, maar kwam derhalve pas in de blessuretijd tot scoren toen de beste aanvaller van Nederland, Joszef Kiprich, na een goede actie van Regi Blinker niet zelfzuchtig was en Dean Gorré op maat bediende. De historie herhaalde zich daarmee want ook in Eindhoven was Feyenoord in de laatste minuut langszij gekomen. Net als in het jongste duel tegen Ajax had PSV trouwens de messen vlijmscherp geslepen. Zeven gele kaarten en een rode van Jan Heintze waren ook tekenen van onvermogen. Maar de aantijging dat PSV de koppostie in de eredivisie onwaardig is, zeker gezien het zwakke verweer in de topwedstrijden, vond trainer Hans Westerhof een belediging. Gebelgd gaf hij als repliek: “We hebben twee keer van Ajax gewonnen. We staan al 23 wedstrijden bovenaan. En ook na het 34ste duel zal de eerste plaats onze positie zijn. Dan kun je niet meer over toeval spreken. Dan heb je iets afgedwongen.”

Optimisme vermengde zich met irritatie en hoogmoed. Westerhof camoufleerde op slimme wijze de problemen waarmee PSV kampt. Het was juist de bedoeling geweest om zo compact mogelijk te spelen. Hoogstens was de locatie voor het eigen doel wat ongelukkig gekozen. Dat Feyenoord, dat toch ook niet overloopt van kwaliteit, echter regelmatig regelmatig kansen kreeg liet Westerhof maar even achterwege. Dat linkshalf Rob Witschge als een soort schaduwspits kon opereren waar Linskens als een hijgende hond achteraan rende, kwam ook niet in zijn verhaal voor. En de grote problemen op de vleugels evenmin.

De backs Heintze en Van Aerle waren tegen Feyenoord niet opgewassen tegen de beweeglijke flankspelers Taument en Blinker. Westerhof nam Van Aerle nog in bescherming, maar het blijkt dat de ex-international, die met een onwillige buikspier speelde, na zijn laatste blessure niet meer de oude is. Met name op snelheid moest hij het afleggen tegen de handige Blinker. Die overigens ondanks zijn goede spel toch kritiek kreeg van Willem van Hanegem. “Regi kan nog beter. Hij liet zich te vaak verrassen door Van Aerle die hem voortdurend bij het aanspelen van achteren belaagde.” Het echte manco zat hem bij het duo echter in het rendement. Feyenoord zou aanzienlijk meer punten vergaren als Blinker en Taument wat vaker scoorden. De eerste heeft dit seizoen zes treffers achter zijn naam staan, de tweede vijf. Van Hanegem ziet het echter niet als een dringend probleem. “Je kunt niet alles hebben”, luidt zijn laconieke opvatting.

In de dans om de landstitel moet Feyenoord als een volstrekte outsider worden beoordeeld, vindt Van Hanegem. “Toen we voor het seizoen zeiden dat we mee zouden doen om de titel, begon iedereen hard te lachen. Nu maken we een kans en moeten we kampioen worden.” Terwijl de ontknoping van het seizoen nadert, begint de ziekenboeg van PSV leeg te lopen. Het wegvallen van Heintze, die ongetwijfeld een fikse schorsing krijgt voor zijn tweede rode kaart in een korte tijd, kan Westerhof oplossen door met de talentvolle Van der Gaag in het centrum te spelen en Van Tiggelen op links te posteren. Feit is verder dat PSV van het supertrio het makkelijkste programma heeft. Ajax en Feyenoord ontmoeten elkaar nog in het Olympische Stadion. Verder moet Ajax nog naar MVV en FC Twente. Feyenoord heeft bovendien nog bezoekjes aan MVV en Volendam voor de boeg.