Koerdische PKK zou strijd willen opgeven

ANKARA, 15 MAART. Aan de vooravond van het Koerdische nieuwjaar, nevroz, heeft de leider van de Koerdische Arbeiders Partij (PKK), Abdullah Öcalan, de Turkse regering naar verluidt een staakt-het-vuren aangeboden. De PKK zou bereid zijn de guerrilla-oorlog, die al negen jaar duurt en 6.000 levens heeft geëist in het Turkse zuidoosten, op te geven om zo de weg vrij te maken voor een politieke oplossing van het Koerdenvraagstuk in Turkije.

Het aanbod van Öcalan, dat met scepsis is ontvangen in Ankara, is een uitvloeisel van een ontmoeting eerder deze maand in Damascus tussen hem en de Noordiraakse Koerdenleider Jalal Talabani. In een brief aan president Turgut Özal, premier Süleyman Demirel, minister van buitenlandse zaken Hikmet Çetin en de chef van de generale staven, Dogan Güres, somt Talabani op tot welke concessies de PKK bereid zou zijn: veroordeling van terroristische strijdmethoden, het zoeken van een politieke oplossing voor het Koerdenvraagstuk, de bereidheid om de gewapende strijd op te geven, niet de PKK maar de Koerdische afgevaardigden in het parlement kunnen als onderhandelaars dienen, de territoriale eenheid van de Turkse republiek staat niet ter discussie, het afzweren van seperatisme en de bereidheid om binnen de grenzen van de Turkse wetten politiek te bedrijven.

De brief werd vorige week via de vertegenwoordiger van Talabani in Turkije, Sercil Kazaz, in Ankara aangeboden, maar de inhoud ervan lekte pas dit weekeinde naar de Turkse pers. Öcalan zal woensdag in Beiroet voor een klein gezelschap van door hem geselecteerde Turkse en buitenlandse journalisten ook zelf nog eens uitleggen wat de toekomstige rol van de PKK zal zijn en op welke manier hij denkt dat er een oplossing kan worden gevonden voor het Koerdenvraagstuk in Turkije.

In Ankara wordt evenwel betwijfeld of Öcalan wel zo ver wil gaan als de brief van Talabani voorspelt. In het verleden heeft de Noordiraakse Koerdenleider zich al vaker opgeworpen als vredesduif, zonder dat dat tot concrete resultaten leidde. Bovendien heeft het Koerdische Persagentschap (Kürd-ha), de spreekbuis van de PKK in Duitsland, aangekondigd dat er op de persconferentie van Öcalan “belanrijke, nieuwe ontwikkelingen bekend zullen worden gemaakt, maar dat het uitgesloten is dat de negen jaar durende gewapende strijd in Zuidoost-Turkije met een eenzijdig staakt-het-vuren zal worden beëindigd”.

Özal en Demirel hebben dan ook laten weten op de persconferentie van de PKK-leider te willen wachten, alvorens met reacties te komen. In een interview onderstreept Demirel bovendien nog eens dat hij “een staakt-het-vuren niet zonder meer terzijde zal schuiven, maar dat de Turkse staat niet bereid is tot welke consessies dan ook aan de PKK.”

In legerkringen wordt het aanbod van Öcalan gezien als een handige manier om de veiligheidstroepen in de regio, aan de vooravond van het Koerdische nieuwjaar dat op 21 maart wordt gevierd, tot een passieve opstelling te dwingen. De militaire arm van de PKK heeft in de afgelopen maanden belangrijke verliezen geleden.