Gelijkmaker van Feyenoord "lekker moment' voor arbiter; Kaartenrecord voor Blankenstein; Scheidsrechter ook na het zien van beelden nog achter besluit van afgekeurde doelpunt Van Loen

ROTTERDAM, 15 MAART. John Blankenstein bekeek de ochtend na de wedstrijd via de videorecorder de beelden van Feyenoord-PSV. De arbiter speelde een hoofdrol in de competitietopper. Hij gaf negen gele kaarten, waarvan twee aan PSV'er Heintze die acht minuten voor tijd naar de kleedkamer werd gestuurd. Ook keurde Blankenstein al na vier minuten een gekopt doelpunt van Feyenoorder Van Loen af, een zeer cruciaal moment. De aanvaller zou doelman Van Breukelen in diens doelgebied hebben aangevallen. Alle Feyenoorders en zelfs een aantal eerlijke PSV'ers bestreden dat na afloop. Blankenstein bleef echter ook na het terugzien van de situatie bij zijn beslissing. “Absoluut, ja.”

John van Loen vond juist dat de beelden het ongelijk van Blankenstein aantoonden. “Er was echt niets aan de hand. Dat kon je duidelijk zien. Van Breukelen liet de bal door zijn handen glippen.” Van Loen sprintte na het afkeurende fluitsignaal op de scheidsrechter af, duwde een paar ploeggenoten weg en zei toen tegen Blankenstein dat hij Van Breukelen niet had geraakt. “Ik heb hem gevraagd waarom hij het doelpunt had afgekeurd. Hij gaf geen antwoord. Je moet niet zeiken, zei hij alleen.”

Voor Van Loen was een treffer van groot belang geweest. Als de lange spits niet snel genoeg scoort bij Feyenoord gaat de rood-witte aanhang om de in Rotterdam-Zuid razend populaire Kiprich roepen. Zo ook zaterdag. Van Loen werd tot zijn grote woede een kwartier voor tijd gewisseld. De spits begreep wel dat bij een 1-0 achterstand pinchhitter Kiprich moest worden ingezet, maar hij had niet verwacht dat de Hongaar juist hem zou vervangen. “Ik dacht dat ik het niet slecht heb gedaan. Ik zag het bordje met nummer negen omhoog gaan en dacht: jezus, toch niet ik?” De trainers Van Hanegem en Meijer zeiden na de wedstrijd het niet te hebben aangedurfd om én Kiprich én Van Loen in de ploeg te zetten. Kiprich gaf uiteindelijk de beslissende pass voor de gelijkmaker van Gorré.

Van Loen moet leren leven met de eeuwige kritiek op de Feyenoorder met het rugnummer negen en de roep om Kiprich. “De oplossing? Ik moet samen met Kiprich spelen, denk ik.” Hij begrijpt ook wel dat de kans daartoe zeer klein is. “Daarom kan ik niets anders dan zorgen dat ik steeds waardevol voor de ploeg ben.” Met een vroeg doelpunt tegen PSV had Van Loen de toeschouwers de mond weer even gesnoerd. Scheidsrechter Blankenstein gooide roet in het eten.

Blankenstein gaf in zijn lange loopbaan niet eerder zo veel kaarten in één wedstrijd als zaterdagavond in de volle Kuip. “Ik kon er niet onderuit”, constateerde hij. Toch wilde hij het duel niet als onprettig bestempelen. “Dat is het pas als spelers elkaar naar het leven staan en er sprake is van relletjes en opstootjes. Dat was hier zeker niet het geval.” Het feit dat hij negen keer geel moest trekken wil volgens Blankenstein wel zeggen dat de wedstrijd “aan de grove kant was”. Hij hoefde desondanks niet overdreven veel te fluiten, nog geen vijftig keer, maar de overtredingen die er werden gemaakt waren vaak een extra straf waard. Vier keer gaf Blankenstein geel voor het onderuit halen van een tegenstander, twee keer voor vasthouden, een keer voor protesteren, wegschoppen van de bal en tijdrekken. PSV kreeg zeven kaarten, Feyenoord twee.

PSV-verdediger Popescu mocht van geluk spreken dat hij aan het einde van de eerste helft niet een tweede kaart kreeg toen hij Blinker onderuit gleed. Blankenstein kon zich een dag na de wedstrijd de situatie niet meer voor de geest halen. “Ik zal het wel geen gele kaart waard hebben gevonden.” Heintze kreeg wel twee keer geel en dus rood. Hij haalde eerst Taument onderuit en trok even later dezelfde speler onderuit. Dat leek in het strafschopgebied te gebeuren, maar Feyenoord kreeg geen penalty. Blankenstein: “De overtreding begon erbuiten.”

John Blankenstein geeft niet snel straf voor protesteren. “Dan had ik bij Feyenoord-PSV nog wel negen kaarten meer kunnen geven.” De arbiter zegt begrip te hebben voor de emoties van de spelers. “Of ze moeten misbaar met hun armen maken of te grof in hun taal zijn.” Daarom vond hij dat Romario in de eerste helft te ver ging bij grensrechter Van Boekel. De PSV'er was het niet mee eens dat met de uitbal die de assistent van Blankenstein had aangegeven en kwam schreeuwend op de man afgerend en ging vlak voor hem staan. De Braziliaan kreeg geel.

Verscheidene spelers hadden na afloop kritiek op Blankenstein die volgens hen te veel kaarten uitdeelde. De arbiter had er voor gekozen meteen streng op te treden. “Ik had ook kunnen kijken waar het schip zou stranden. Maar dan krijg je later weer het verwijt dat je inconsequent bent geweest. Het is nooit goed. Ik heb nu duidelijk de lijn aangegeven en dan is het aan de spelers om daarop in te spelen.”

Topduels leveren doorgaans meer straffen op dan de andere wedstrijden. Bij PSV-Ajax van een maand geleden deelde Van der Ende zes gele kaarten uit, met ook rood voor Heintze. Toch staan deze wedstrijden ook weer niet op zichzelf. Er zijn tot nu toe in dit seizoen een record aantal gele kaarten uitgedeeld in het betaald voetbal, 547. Blankenstein is er pertinent op tegen om soepeler te gaan fluiten. “Dat werkt verloedering in de hand. Dan lijkt het net of er niets gebeurt en dat is niet waar.” De meest geroutineerde topscheidsrechter van Nederland vindt ook niet dat hij en zijn collega's de oplossing moeten aandragen om tot schoner voetbal en minder straffen te komen. Volgens hem kunnen alleen de trainers en spelers dat. “Het gaat om de wil. De regels zijn bekend. Je vraagt je soms af of ze niet doorhebben dat bepaalde overtredingen consequenties hebben.”

John Blankenstein noemde de gelijkmaker van Feyenoord “een lekker moment” voor zichzelf. “Ik had even daarvoor de voordeelregel toegepast. Dan is het mooi als blijkt dat je daar goed aan hebt gedaan.”