Dodental van aanslagen in Bombay stijgt tot boven 200

BOMBAY, 13 MAART. Meer dan 200 mensen blijken te zijn omgekomen bij de 13 bomaanslagen die gisteren het centrum van de grote Indiase stad Bombay troffen. Ten minste 1.100 mensen liepen verwondingen op. Tot vanochtend had geen enkele organisatie de verantwoordelijkheid voor de aanslagen voor zich opgeëist, en de politie had nog geen enkel spoor van de daders gevonden.

Het Indiase leger werd onmiddellijk in staat van paraatheid gebracht. De politie van Bombay zette controleposten op waar voetgangers gefouilleerd en auto's doorzocht werden in een poging verdere aanslagen te voorkomen. In totaal werden daarbij 33.000 man politie ingezet.

De ziekenhuizen, die de stroom gewonden nauwelijks aankonden, deden een beroep op bloeddonors zich te melden. Veel patiënten moesten met een of twee anderen het bed delen.

De belangrijkste doelwitten van de aanslagen waren de beurs, het gebouw van Air India, twee luxe hotels, een vol winkelcentrum, een bioscoop en een benzinestation in de buurt van het hoofdkwartier van de militante hindoe-organisatie Shiv Sena. Volgens de politie waren in tien gevallen de explosieven in auto's verborgen. De drie overige bommen waren in koffers geplaatst.

Sharad Pawar, de nieuwe premier van Maharashtra, de staat waarvan Bombay de hoofdstad is, sprak van een samenzwering om de Indiase economie te ondermijnen. Hij meende dat het doel van de aanslagen was nieuwe religieuze rellen te veroorzaken. In december en januari stierven in Bombay meer dan 700 mensen bij rellen tussen moslims en hindoes die waren ontketend door de sloop van een antieke moskee in Ayodhya door militante hindoes. Minister van binnenlandse zaken S.B. Chavan op zijn beurt had het over een internationale samenzwering. (Reuter, AFP)