Concentratie captains geen recent verschijnsel

ROTTERDAM, 13 MAART. Drs T.C. Braakman is een drukbezet man. Hij bekleedt onder meer bestuursfuncties bij de BAM Groep, Content, DAF, DSM, de Kas Associatie, Philips, VRG (nu onderdeel van KNP BT), de Optiebeurs, Internationale Nederlanden Groep en KNPM, de Nederlandse houdstermaatschappij van de Koninklijke/Shell Groep. Braakman, voormalig bestuursvoorzitter van Nationale-Nederlanden, is niet de enige oud-topman in het Nederlandse bedrijfsleven die kan bogen op zo'n imposante verzameling van functies. Het is gebruikelijk dat voormalige topbestuurders uit het bedrijfsleven in de nadagen van hun carrière een uitgebreide verzameling van adviestaken en commissariaten ten deel valt.

Met het onderzoek naar de concentratie van sleutelfuncties in het bedrijfsleven dat de Vereniging van Effectenbezitters (VEB) gisteren openbaar maakte, legt de vereniging een kwestie bloot die de buitenwereld wellicht tot de verbeelding spreekt, maar niemand in het bedrijfsleven zelf zal verbazen. De VEB selecteerde 191 belangrijke ondernemingen, waar in totaal 2366 bestuursfuncties voorhanden zijn. In die functies zit een groep van in totaal 1420 personen. Volgens de criteria van de VEB bezet een selecte groep van 188 personen (13 procent van het totaal) een naar verhouding groot aantal (37 procent) van de zware advies- en commissariaatsfuncties in het Nederlandse bedrijfsleven. Vijf procent van de groep bezet 20 procent van de functies en dertig personen (2 procent) bezetten 258 functies (11 procent).

Hoe is die opeenstapeling van functies tot stand gekomen, wordt de concentratie sterker en zo ja, schuilt daar gevaar in? Een deel van de concentratie van topfuncties bij een naar verhouding klein aantal personen is te verklaren uit de kwaliteit van die personen zelf. Elke onderneming zal blij zijn een ervaren captain of industry als commissaris aan te kunnen trekken. En van dat soort zijn er Nederland nu eenmaal niet veel. Een ander deel van de concentratie wijt de VEB aan de opbouw van het bestuur van de structuurvennootschap, de juridische vorm waarin de grotere Nederlandse ondernemingen zijn gegoten. Daarin dragen commissarissen zelf nieuwe de leden voor hun raad voor. Vers bloed van buiten het circuit, bijvoorbeeld van de kant van aandeelhouders en werknemers, kan alleen worden toegevoerd met goedkeuring van de zittende raad. Bovendien signaleert het onderzoek een naar verhouding groot aandeel van personen uit de bancaire sector in de selecte groep van meervoudig bestuurders. Met name via ABN Amro lopen veel lijnen van het netwerk van commissarissen en bestuurders in het bedrijfsleven.

Generaties oud-bestuurders wisselen elkaar gemiddeld af door in de periode die ligt tussen de pensionering als bestuurder (in de regel 65 jaar) en pensionering als commissaris (72 jaar). Elk jaar verlaat een aantal illustere leden het gezelschap. De vorige generatie bestond uit mensen als de voormalige ABN-bestuurder A. van den Bos en de ex-Koninklijke/Shell-bestuurders als De Bruyne en Werner. De volgende groep dient zich, bijvoorbeeld in de persoon van ABN Amro-topman R. Hazelhoff, aan.

Op de vraag of de concentratie van functies bij een klein aantal personen toeneemt, is moeilijk antwoord te geven. Regelmatig onderzoek naar meervoudige bestuurs- en commissariaatsfuncties in het bedrijfsleven is niet voorhanden. De groeiende concentratie die de VEB signaleert, kan even goed zijn veroorzaakt door de gelijktijdige concentratie in het bedrijfsleven zelf. Van de grote beursfondsen kent Nederland er steeds minder. NMB en Nationale-Nederlanden, ABN en Amro, zojuist Bührmann-Tetterode, KNP en VRG, op korte termijn formeel ook Bols en Wessanen, het zijn enkele voorbeelden van de fusiegolf die de laatste jaren door het bedrijfsleven waart.

Krachtige commissarissen maken de meeste kans om bij de samenvoeging van de raden van de fuserende bedrijven hun zetel te behouden.

Is het schadelijk dat zoveel topfuncties in handen zijn van een naar verhouding kleine groep? De VEB vindt van wel. Zij wijst op het gevaar van belangenvermenging, die kan optreden wanneer een commissaris verschillende functies combineert. Ook bestaat de kans dat een commissaris minder geneigd zal zijn zich te keren tegen een besluit van een collega waarmee hij ook in andere fora moet samenwerken. Tijdgebrek door overbezette agenda's kan verder een rol spelen. De VEB signaleert hiermee de mogelijke gevaren van de concentratie, die echter niet noodzakelijkerwijs tot problemen hoeven leiden. De situatie bij DAF kan niettemin pleiten voor de bezwaren van de VEB. Van de drukbezette commissarissen van dit teloorgegane bedrijf was Aegon-topman J. Peters onder meer ook lid van de raad van advies van DAF's huisbankier ABN Amro.