Rabo boos over bevoordeling fiscus bij faillissementen

ROTTERDAM, 12 MAART. Rabo-topman drs. H.H.F. Wijffels heeft kritiek geuit op het wetsvoorstel om het fiscaal bodemrecht te verruimen en de aanpassing van de faillissementswet, waardoor de belastingdienst sterker bevoordeeld wordt ten opzichte van andere krediteuren.

Beide initiatieven hebben volgens de Rabo-topman een averechtse werking: de overheid overschat de mogelijke extra inkomsten, terwijl bedrijven en consument minder kunnen besteden. Wijffels uitte de kritiek als voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) bij de presentatie van het jaarverslag van de belangenorganisatie.

Als de overheid haar plannen doorzet om zekerheden voor crediteuren steviger aan te pakken, zal dit ten koste gaan van de kredietverlening door banken. Een “creditcrunch” zoals in de Verenigde Staten, waar banken tot voor kort bijna helemaal geen nieuwe leningen meer verstrekten, is daarvan een mogelijk gevolg. Dat zal de Nederlandse economie, zeker nu het wat slechter gaat, geen goed doen, aldus Wijffels.

Bij het fiscaal bodemrecht gaat het vooral om de zakelijke kredietverlening. Een aantal ministeries heeft een wetsontwerp in voorbereiding dat de belastingdienst en andere (semi-)overheidsinstanties het recht geeft beslag te leggen op een grotere categorie goederen dan nu het geval is. De NVB bepleit afschaffing van dit in haar ogen verouderde rechtsmiddel dat volgens directeur mr. L.M. Overmars, behalve in Nederland, verder nergens in Europa wordt toegepast.

In de praktijk laat het bodemrecht zich volgens de NVB-directeur meestal het beste vertalen als het recht van de snelste: “Doet zich een faillissement voor dan leidt dat vaak tot beschamende vertoningen, zowel van onze zijde als van de kant van de overheid. Gelukkig zijn wij doorgaans een tikkeltje sneller.”

Overmars toonde zich voorstander van een methodiek waarbij overheid en banken vaste afspraken maken over de verdeling van de opbrengst bij excecutie van onderpanden. “Daarmee zijn beide partijen het meest gebaat.”

De overheid krijgt van de NVB ook op andere terreinen de zwarte piet toegespeeld. Zo maakt de vereniging zich in toenemende mate zorgen om initiatieven om banken te betrekken bij de opsporing van fiscale fraude. Sinds 1987 zijn banken verplicht de fiscus opgave te doen van betaalde rente op spaartegoeden (renterenseignering). Er bestaan serieuze plannen om die renseignering uit te breiden met ontvangen dividenden, (hypotheek)-rente en lijfrentepremies. Zo zal het ministerie van financiën binnenkort een steekproef uitvoeren naar de dividendverantwoording van 8.000 personen.

“Bankemployees worden steeds meer onbezoldigd ambtenaar van de belastingdienst”, aldus Wijffels. Volgens de bankier is het principieel verkeerd de particuliere sector op te zadelen met publieke taken: “Het evenwicht tussen publiek en privaat belang raakt zoek. Het wordt taak dat de politiek zich hierover uitspreekt.”

De NVB toont zich bezorgd over het toenemend aantal bankovervallen. In 1992 werden in Nederland 570 kantoren beroofd; elf procent meer dan in 1991. De stijging was minder explosief dan in 1991, toen het aantal overvallen met 33 procent aantrok. Het aantal overvallen in Amsterdam en Rotterdam daalde sterk, maar in Den Haag en Utrecht sprake was van een flinke toeneming.