Nederlandse tomatenteelt moet worden ingekrompen

ROTTERDAM, 11 MAART. De Nederlandse tomatenteelt moet de komende jaren drastisch worden ingekrompen. Als gevolg van een toenemende concurrentie en een stagnerende afzet zal volgens een rapport van het Informatie- en Kennis Centrum Akker- en Tuinbouw (IKC) in de toekomst met 1200 bedrijven kunnen worden volstaan, tegenover de 1500 tomatentelers die Nederland momenteel telt.

De tomaat, jarenlang het paradepaardje van de Nederlandse tuinbouw, verliest zijn aantrekkelijkheid. Vooral in het buitenland, waar de Nederlandse telers vooral concurrentie ondervinden uit Marokko en Spanje, landen die de zogeheten long-life tomaat op de markt brengen die meer dan een maand goed blijft. De Nederlandse tomaat is hooguit een paar weken houdbaar.

Hierdoor komt de prijs onder druk te staan. Vorig jaar brachten de Nederlandse tomaten in het voorjaar nog 3,80 gulden per kilo op terwijl de prijs nu op krap drie gulden ligt. In 1991 werd nog 600.000 ton tomaten geteeld, waarvan 550.000 voor de export, die een waarde van 1,2 miljard gulden vertegenwoordigden. Voor dit jaar wordt rekening gehouden met een bedrag van 815 miljoen gulden.

Ook de concurrentie vanuit België en Frankrijk neemt toe. Daarom denkt het IKC dat, bij een produktie van vijftig kilo per vierkante meter, met 1200 hectare kas kan worden volstaan. Om het imago en de concurrentiepositie van de Nederlandse tomaat te verbeteren moet volgens het IKC ook worden gestreefd naar kwaliteitsverbetering. Daarme erkent het IKC niet dat de wijdverbreide stelling onder consumenten dat tomaten door de intensieve teelt "tegenwoordig nergens meer naar smaken' juist is. Goede kwaliteit en milieuvriendelijke teelt vormen de straks uitgangspunten in de "actie tomaat'.

Volgens het Centraal Bureau Tuinbouwveilingen (CBT) vallen de moeilijkheden van de tomatentelers wel mee. Het bureau maakt slechts gewag van incidentele problemen.