Nederland is "uit' bij de economen VS

Tijdens een verblijf aan de Harvard-universiteit deed de politicoloog De Beus (TU Twente) vorig jaar een ontnuchterende ontdekking: de toonaangevende Amerikaanse sociale wetenschappen verkeren in de ban van het vergelijken en Nederland komt in die vergelijking niet voor.

De Beus: “Nederland was ooit speciaal vanwege de Gouden Eeuw (Schama), de zuilen (Lijphart), de geleide loonpolitiek (Windmuller) en de Hollanditis (Daalder), maar is tegenwoordig niks bijzonders meer.”

Misschien houdt de Nederlandse overlegeconomie stand. Ze is weliswaar niet uniek, maar onderscheidt zich toch van die in andere landen, door een veel grotere rol van de overheid in de arbeidsverhoudingen. Telkens opnieuw wenst "Den Haag' zich ermee te bemoeien, naarstig op zoek naar tripartiete sociale consensus. Geen geleide, maar wel begeleide loonpolitiek.

Blijft dat zo, of past Nederland zich aan de doorsnee in zijn omgeving aan? De Sociaal-Economische Raad noemde “revitalisering van de overlegeconomie” onlangs een belangrijke voorwaarde voor de Nederlandse economie om optimaal te profiteren van de kansen die de Europese integratie biedt. De Vereniging voor het onderzoek van Arbeidsverhoudingen (NVA) wijdt er op woensdag 24 maart een congres aan, ter gelegenheid van haar 25-jarig bestaan: de toekomst van de overlegeconomie in Nederland.