Landbouwcommissaris wil groter marktaandeel van boter; EG: melkquotum niet omlaag

STRAATSBURG, 11 MAART. De interventieprijs van boter wordt per 1 juli met vijf procent verlaagd, omdat volgens de Europese Commissie het marktaandeel moet worden vergroot. De vermindering van het melkquotum met een procent wordt uitgesteld en het melkquotum voor Spanje wordt vooralsnog met een half miljoen ton verhoogd.

EG-landbouwcommissaris René Steichen heeft deze voorstellen gisteren in Straatsburg openbaar gemaakt. De tijd is volgens Steichen nog niet rijp voor een voorstel tot verhoging van de melkquota van Griekenland (met 0,1 miljoen ton) en Italië (met 0,9 miljoen ton).

Deze landen krijgen nog twee maanden de tijd om aan te tonen dat zij ernst maken met de naleving van de EG-regels op het gebied van de melkquota en de superheffing. Volgens Steichen heeft Spanje het meeste vooruitgang geboekt met het daadwerkelijk toepassen van het Europese stelsel.

Van geen van de drie landen kan echter al worden gezegd, dat ze in overeenstemming handelen met de EG-voorwaarden. Steichen benadrukte dat het volledig respecteren van het quota-stelsel voor melk in alle EG-lidstaten van het grootste belang is. De hervorming van het EG-landbouwbeleid zal niet slagen als boeren in sommige landen niet geloven dat hun collega's in andere landen zich niet in dezelfde mate aan EG-wetgeving hoeven te houden.

Nederland, in grootte de vierde melkproducent van de EG, heeft zich lang verzet tegen toekenning van een groter melkquotum aan met name Italië, omdat het werd gezien als een beloning voor het jarenlang niet toepassen van EG-regels.

Commissaris Steichen motiveerde de prijsverlaging van boter door erop te wijzen dat de consumptie van boter met 2 tot 2,5 procent per jaar afneemt. Dat komt voor een deel door de trend om meer dieetprodukten te nuttigen, maar ongetwijfeld ook door de veel lagere prijs van margarine, aldus Steichen. Hij zei dat het duidelijk niet in het belang van de boer is als het marktaandeel van boter verder afneemt ten opzichte van goedkopere vervangende produkten.

Tot verlaging van de boterprijs en het verlagen van het totale melkquotum in de EG met twee procent in twee jaar werd in mei vorig jaar door de EG-ministers van landbouw al in beginsel besloten.

Een definitief besluit werd echter afhankelijk gesteld van een onderzoek door de Europese Commissie naar de marktsituatie voor melk en melkprodukten. Op basis daarvan zegt Steichen nu dat de verlaging van de boterprijs moet doorgaan, omdat de marktsituatie sindsdien alleen maar is verslechterd.

Dat geldt niet voor de melkproduktie. Het gevaar voor verstoring van het marktevenwicht en het aangroeien van de melkplas is vandaag de dag minder ernstig dan een jaar geleden, aldus de Commissaris. (ANP)