Iedere dag een handje walnoten is goed voor hart- en bloedvaten

De arts Simon Vestdijk heeft als schrijver gymnasiaal Nederland aan het idee geholpen dat walnoten goed zijn voor het denkvermogen. In Vestdijks roman Ivoren Wachters put de hoofdpersoon geestelijke moed uit walnoten als tussendoortjes. Hij kraakte ze tussen zijn tanden en belandde erdoor in de tandartsstoel.

Het idee dat walnoten de denkkracht bevorderen berust uitsluitend op de gelijkenis tussen noten en hersenen, maar is niet gedocumenteerd in de medische literatuur. Sinds kort is wel gestaafd dat een walnotenrijk dieet helpt om het cholesterolgehalte te verlagen en daarom goed is voor hart- en bloedvaten.

Gesubsidieerd door de California Walnut Commission hebben zes Californische voedselonderzoekers en epidemiologen het effect van walnootconsumptie op hartaanvallen en op cholesterolgehalte onderzocht (The New England Journal of Medicine, 4 maart). Onder adventisten in Californië kwamen ruim 20% minder hartaanvallen voor bij degenen die een- tot viermaal per week noten aten en 50% minder bij wie dat vrijwel iedere dag deed. Dit alles in vergelijking met niet-noten-etende adventisten.

Deze epidemiologische studie was aanleiding voor een dieetstudie waarbij 18 vrijwilligers die acht weken een speciaal dieet kregen. De helft kreeg eerst vier weken een cholesterolverlagend dieet volgens de richtlijnen van het National Cholesterol Education Program. Daarna kregen ze vier weken een dieet met dezelfde hoeveelheden koolhydraten, eiwitten en calorieën waaruit 20% van vooral het vetgehalte bestond uit walnoten. De andere helft van de proefpersonen kreeg eerst vier weken het walnotenrijke dieet en daarna het cholesteroldieet.

De uitkomst van deze cross-overstudie is goed nieuws voor de walnoteneters en -telers. Het overigens al gezonde gemiddelde van 4,7 mmol per liter cholesterol in het bloed van de proefpersonen daalde op het walnotendieet met 0,6 mmol per liter. Het "slechte' LDL-cholesterol daalde met 0,5 mmol per liter, maar het "goede' HDL-cholesterol daalde minder, met 0,1 mmol per liter.

Het verschil is wel terug te voeren op de vetzuursamenstelling van beide diëten, maar een echte verklaring voor de daling is er nog niet. Het walnotendieet bevatte minder verzadigde vetzuren (palmitinezuur en stearinezuur), minder enkelvoudig onverzadigde vetzuren (oliezuur en palmi- tolenezuur), wat minder van het viervoudig onverzadigde vetzuur arachidonzuur, maar veel meer linoleen- en linolzuur (twee- respectievelijk drievoudig onverzadigd). Walnoten bevatten veel vet, ongeveer 80% van hun calorie-inhoud en ruim de helft van hun gewicht. Daarnaast is de noot vezelrijk. De verhouding onverzadigd tot verzadigd vet is met 7 erg hoog. Het gehalte drievoudig onverzadigd linoleenzuur is erg hoog en bevat zelf nauwelijks cholesterol. Het mechanisme van het cholesterolverlagend effect is onbekend en is ook niet direc te begrijpen, want linoleenzuur heeft geen groter cholesterolverlagend effect dan de tweevoudig onverzadigde soortgenoot linolzuur.