Feyenoord betaalt hoge tol voor winst in Zwolle

ZWOLLE, 11 MAART. Met de zekerheid van een financieel bijzonder lucratieve halve finale tegen Ajax vierde Feyenoord gisteravond de moeizame bekerwinst na strafschoppen tegen het kleine, maar dappere FC Zwolle als een groot succes. De zege eiste echter ook een hoge tol. Op hetzelfde moment dat manager Blankenmeijer stencils rond deelde met informatie over de voorverkoop voor het duel tegen Ajax, belde clubarts Andriessen in een hoek van het rumoerige vertrek naar de EHBO van het Rotterdamse Sint Franciscus-ziekenhuis. Hij kreeg te horen wat hij al vreesde: Henk Fräser had in Zwolle een kuitbeenfractuur opgelopen en zal zes tot acht weken uit de roulatie zijn.

Dat was slecht nieuws voor Feyenoord, amper drie dagen voor de competitietopper tegen PSV in De Kuip. John de Wolf, gisteren ziek aan de wedstrijd begonnen, zal ook al niet meedoen door een schorsing. En de anderen hebben 120 loodzware minuten van de ontmoeting tegen Zwolle in de benen. Verscheidenen van hen hebben ook nog bloeduitstortingen en blauwe plekken. De wedstrijd telde vele onbesuisde en harde acties. De masseurs liepen af en aan. Veel zal er voor de krachtmeting met PSV ook niet meer worden getraind bij Feyenoord. Trainer Geert Meijer: “Een beetje uitlopen en misschien een paar rondo'tjes (positiespel, red).”

Collega Willem van Hanegem toonde geen enkele medelijden met zijn mannen. “Dan hadden ze maar geconcentreerder moeten spelen.” Hij zei ook niet van de spannende bekerkraker te hebben genoten. Hij moet de enige in het stadion zijn geweest. “Dit had weinig met voetballen te maken. Sensatie? Als ik dat zoek koop ik de film van Ben Hur wel.” Van Hanegem en Meijer hadden hun spelers 's middags nog gewaarschuwd voor het gevaar van een eerste-divisieclub. Ze herinnerden aan de zege van Heerenveen op PSV en de eigen benauwde bekeroverwinning in dit seizoen op RBC. Maar wie niet luisteren wil moet voelen. Na acht minuten stond Feyenoord, zonder de geblesseerde Metgod, al op achterstand. De Zwolse verdediger Hansma stond vrij voor doel en kopte de bal uit een voorzet van Roembiak achter Ed de Goey.

In de rommelige fase na het doelpunt lukte het Feyenoord niet de wedstrijd onder controle te krijgen. Daar werd Fräser het slachtoffer van. Hij probeerde Boere de voet hardhandig dwars te zetten, maar blesseerde zichzelf zwaar. Spelers die in de buurt stonden zeiden na afloop dat ze het bot hadden horen kraken. Voorzitter Van den Herik werd van de tribune gehaald om de speler naar Rotterdam terug te rijden.

Feyenoord kreeg daarna een aantal mogelijkheden, maar eigenlijk was Zwolle dichter bij 2-0 dan de bekerhouder bij 1-1. Spits Martin Reijnders, snel en handig, raakte de paal en Buimer verscheen alleen voor De Goey, maar miste kalmte. Aan de andere kant beschikte Zwolle over een uitstekende doelman, Henk Timmer. Hij sprong met gevaar voor eigen lichaam overal voor en tussen. Pas zeven minuten voor het einde moest Timmer capituleren. Van Gobbel schoot uit een vrije trap tegen de paal en John van Loen zorgde uit de rebound voor de gelijkmaker. “Toen het nog 1-0 stond zag ik allemaal meisjes met bloemen aan zijlijn verschijnen. Dat kan toch niet, dacht ik nog. Nadat ik had gescoord gingen ze weer naar binnen”, aldus Van Loen.

Het inzetten van de lange spits was een risico. Van Loen kampt met een vervelende rugblessure. Hij stond oorspronkelijk in de basisopstelling, maar haakte in de warming-up af. Hij wilde zich aankleden en op de tribune gaan zitten, maar werd door Meijer gevraagd om in geval van hoge nood te willen invallen. Dat moment was twintig minuten voor tijd aangebroken. “Hij móest erin. Het financiële belang was groot, een vol stadion tegen Ajax”, legde Meijer uit.

Na zijn doelpunt kon Van Loen nauwelijks meer een stap verzetten door de pijn. Hij hoopt dat hij tegen PSV toch kan meedoen. “Deze blessure moet vooral met rust genezen.” Echt prettig was het daarom niet dat hij in Zwolle alsnog moest opdraven. De kracht van Zwolle had Van Loen verbaasd. “Ze kwamen zo van de boerderij, geloof ik.” Ook na de klap van de gelijkmaker bleef Zwolle op de been. In de verlenging had het zelfs nog de beste kansen. Feyenoord mocht van geluk spreken dat grensrechter Van Buul met enige vertraging en aarzelend de vlag opstak voor buitenspel waardoor Van de Vegt niet alleen op De Goey mocht afgaan.

De beloning voor Zwolle's noeste arbeid bleef bij de strafschoppenserie uit. Waar Feyenoord geroutineerd de ballen inschoot, daar had de thuisclub moeite met de goede richting. Bij Zwolle worden er altijd voor de training strafschoppen genomen. Daarom had coach Hendriks er in de dagen voor de kwartfinale niet extra op laten oefenen. Hij maakte tijdens de tweede verlenging een lijstje met de namen van vijf spelers, maar drie van hen zeiden niet te willen. Vervolgens ging Hendriks op zoek naar andere vrijwilligers. Stam miste Zwolle's eerste penalty, Duim de tweede. Beide keren pakte De Goey de bal. Blinker maakte een einde aan de lange strijd door de vierde strafschop van Feyenoord te benutten. Het was - sinds december 1990 - de dertiende bekerzege op rij voor de Rotterdamse club. En FC Zwolle restte slechts een staande ovatie van zijn aanhang.

“Ik hoop nu dat jullie kampioen worden”, sprak de teleurgestelde Hendriks tot zijn collega van Feyenoord, Meijer. “Dan kunnen wij tenminste zeggen dat we door de kampioen zijn uitgeschakeld.”