Doel en resultaat

NEDERLAND een immigratieland? Nee, was het stellige antwoord van premier Lubbers onlangs in een vraaggesprek met een CDA-blad.

Hij bedoelde dat de jure, het behoort niet zo te zijn. Maar bij eerdere gelegenheden hebben de bewindslieden voor minderhedenbeleid (Dales) en vreemdelingenzaken (Hirsch Ballin en Kosto) openlijk - en in het parlement - uitgesproken dat Nederland de facto wel degelijk te maken heeft met “substantiële immigratie” en dus “immigratieland” is. Beide kwalificaties zijn op zichzelf met elkaar te verenigen. Immigratie is geen doel maar een resultaat. VVD-fractieleider Bolkestein lijkt dit elementaire onderscheid uit het oog te hebben verloren toen hij opperde dat een quotumregeling het vestigingsoverschot kan beteugelen.

Dat het niet klopt is al gebleken in het asielbeleid. Een quotum heeft daarin de betekenis van een uitgenodigd contingent vluchtelingen. Zo'n quotum heeft allerlei voordelen in termen van selectie en opvang. Maar het kan niet afdoen aan het wettelijk en internationaal vastgelegde recht van asielzoekers zich op eigen gelegenheid aan de grens te melden en te worden toegelaten indien zij aan de gestelde voorwaarden voldoen. Bolkestein heeft zijn quotumregeling niet bedoeld voor asielzoekers maar hoofdzakelijk voor gezinshereniging en -vorming. Maar deze immigratievormen liggen niet wezenlijk anders. Nederland heeft zich internationaal verbonden het recht van eenieder op familie- en gezinsleven te eerbiedigen. Daaraan kunnen, met mate, nadere inhoudelijke eisen worden verbonden, maar net als bij asiel geen getalsmatige. Wie aan de voorwaarden voldoet moet worden toegelaten, desnoods bovenop het gestelde quotum. Het valt aan te nemen dat het aanbod altijd groter is dan het quotum. Dat is ook kennelijk het uitgangspunt van Bolkestein.

EEN QUOTUM kan wèl beperkend werken wanneer immigratie een afzonderlijk en niet-verplicht beleidsdoel is, zoals in de Verenigde Staten (ook al is de remmende werking daar nogal theoretisch gebleken). Maar de regels waaraan Nederland is gebonden hebben het karakter van minimum-normen waar het niet onder mag gaan. Dat is nu precies het verschil tussen doel en resultaat. Het is op zijn minst gratuit om het maar meteen voor te stellen alsof de noodzaak de Nederlandse woningvoorraad uit te breiden voor wat betreft het vestigingsoverschot met behulp van een quotumregeling kan worden ondervangen.

De vraag is integendeel of Nederland niet een stap verder moet gaan door een actief immigratiebeleid te voeren bovenop de bestaande stromen. Het illegalenprobleem zal er niet mee kunnen worden ondervangen. Maar de toelating van speciaal gekwalificeerde migranten uit de thuislanden kan wel een trekkersfunctie vervullen voor allochtone groepen in Nederland. De toenemende vergrijzing alleen al maakt versterking van de demografische basis geen overbodige luxe.