Van Ommeren mikt op omzetstijging door "ambitieuze' overnames

ROTTERDAM, 10 MAART. Het transport- en opslagconcern Van Ommeren wil de komende jaren de omzet fors vergroten via een reeks “ambitieuze” overnames. Het Rotterdamse concern heeft mede als gevolg van het verkopen van de handelsdivisie Ceteco daartoe de beschikking over een "oorlogskas' van een half miljard gulden.

Dat bleek vanmorgen bij de presentatie van de jaarcijfers 1992 van Van Ommeren. Volgens topman G.J. van den Driest moet door overnames en nieuwbouw de omzet in de sector tankopslag met zeker 10 procent per jaar groeien. Ook de scheepvaartactiviteiten moeten fors groeien, maar Van den Driest wilde voor deze sector geen percentage noemen.

De netto winst van Van Ommeren is vorig jaar met ruim 26 procent gedaald van 61,7 miljoen tot 45,5 miljoen, maar het transport- en opslagbedrijf handhaaft het dividend op 1,95 gulden. De omzet daalde van 1,61 miljard tot iets meer dan 1 miljard gulden. Dat kwam door het afstoten van de handelsbelangen, die in 1991 een omzet boekten van 565 miljoen gulden.

Gisteren werd bekend dat de deelneming van 49 procent in Ceteco versneld aan het handelsconcern Borsumij Wehry wordt overgedragen. Van Ommeren wil zich richten op de kernactiviteiten: tankopslag en scheepvaart. De onderneming verwacht daarvan op korte termijn een positieve uitwerking op de ontwikkeling van de resultaten.

Desondanks wilde Van Den Driest vanmorgen geen concrete winstverwachting voor 1993 uitspreken, gezien de “zorgelijke economische ontwikkeling” in een aantal Europese landen. Vooral de resultaten in de binnentankvaart en opslag worden gedrukt door de inzinking in de chemische industrie. De koers van het aandeel Van Ommeren (slot gisteren: 37,10 gulden) op de Amsterdamse beurs was omstreeks het middaguur 1,40 gulden lager.

Het bedrijfsresultaat daalde vorig jaar van 143,3 miljoen tot 79,9 miljoen gulden. In de tankopslag werd een goed resultaat geboekt, maar de uitkomst in de scheepvaart zakte met 36,5 miljoen tot 13,8 miljoen gulden. Dat was het gevolg van een daling van de tarieven, kostenstijgingen en de zwakte van de Amerikaanse dollar wat betreft de droge-ladingvaart en de zeetankvaart. De zware-ladingvaart toonde daarentegen verdere winstverbetering.

Van den Driest zei verder dat de Nederlandse overheid onvoldoende gunstige financiële voorwaarden schept om het voor Van Ommeren aantrekkelijk te maken schepen onder Nederlandse vlag te laten varen. De helft van de schepen Van Ommeren vaart inmiddels onder vreemde vlag. Van den Driest voorziet dat binnen enkele jaren geen enkel schip meer onder Nederlandse vlag zal varen. Hij voorziet een “enorm probleem” voor de vervulling van sleutelfuncties in de Rotterdamse haven doordat het aantal Nederlanders met ervaring in de zeevaart fors afneemt.