Resultaat vol geweld bij finale ijshockey

NIJMEGEN, 10 MAART. Fred houdt de stick van Chris vast. Chris stompt hem in zijn gezicht. Fred haakt de benen van Chris onderuit. Fred wil Chris van de puck afhouden en ligt plotseling op het ijs. Zijn neus is gebroken. Twee minuten ijshockey, gisteren in de laatste wedstrijd om het Nederlands kampioenschap. Het resultaat was letterlijk verwoestend.

Fred Homburg, speler van Nijmegen, trekt een spoor van bloeddruppels over de ijsbaan als hij de scheidsrechter achtervolgt om hem te wijzen op het kwaad dat Chris Brant, speler van Geleen, hem heeft aangedaan. Een elleboog of een stick? De scheidsrechter kan de schuldige niet vinden. Het publiek loeit van woede over zoveel onrecht.

Als Homburg van het ijs af moet om naar het ziekenhuis te gaan, slaat hij uit woede zijn stick kapot op de boarding. Die stick schampt af en belandt in de maagstreek van zijn teamarts. Deze gaat van de klap onderuit.

Een half uur later is Homburg terug op het ijs. In burgerkostuum met een masker van verband op zijn gezicht. “Dokter, zet maar snel recht, want ik wil het einde zien”, had hij in het ziekenhuis gezegd. Onder luid applaus steekt hij de ijsbaan over en neemt plaats in de spelersbank. De feestkapel zet de kraker van Queen in, "We will rock you'.

De Flame Guards uit Nijmegen veroverden de Nederlandse titel door Meetpoint Eaters uit Geleen met 7-3 te verslaan.

IJshockey roept agressie op. De snelheid van het spel op het gladde ijs, de snelheid van de speelschijf en het geoorloofde lichamelijke contact werkt op de zenuwen van de spelers. Geen wedstrijd of de gemoederen raken verhit. In de Verenigde Staten en Canada is de sport populair. In Nederland niet, maar het geweld is niet minder.

Het publiek vindt alles prachtig. Het komt niet alleen voor flitsend spel. Bij een botsing van lichamen springen in Nijmegen de toeschouwers in extase op. Ze zijn kennelijk naar de ijshal gekomen om de tegenstander uit te schelden en zo mogelijk te bespuwen of met bier te gooien.

Pag.13: Geladen Nijmegen kampioen

De Flame Guards uit Nijmegen veroverden gisteravond het Nederlands kampioenschap ijshockey door Meetpoint Eaters uit Geleen met 7-3 te verslaan in de zesde wedstrijd tussen de twee ploegen. De eindstand in de kampioenscompetitie werd 4-2.

Nijmegen had zich de afgelopen tien dagen bekwaam in de rol van slachtoffer en underdog gemanoeuvreerd. Het bloedspoor uit de neus van Fred Homburg na de charge van Chris Brant was hooguit een zoveelste tegenslag. Halverwege het derde duel met de andere finalist Meetpoint Eaters waren drie Nijmeegse spelers door de scheidsrechter van het ijs gestuurd. Een had met zijn stick naar het publiek geslagen en een kind van tien jaar geraakt, de twee anderen hadden zich beklaagd over de straf.

Reden voor de Flame Guards om meteen met de hele ploeg van de baan te stappen onder het motto "de bond heeft besloten dat Geleen kampioen wordt'. De resterende minuten zijn niet uitgespeeld.

Vervolgens kondigde Nijmegen aan niet verder te willen spelen in de play-offs, als de spelers Schaafsma en Tijnagel geschorst zouden worden. Beiden mochten van de tuchtcommissie twee wedstrijden niet spelen. Nijmegen trad de vierde wedstrijd toch aan, alleen Homburg en Janssen melden zich "ziek'. De vijfde wedstrijd, afgelopen zondag, moest een uur onderbroken worden, omdat de politie in Geleen een serieuze bommelding binnenkreeg. In het vervolg won Nijmegen met 3-2. De beslissing viel gisteren.

IJshockey is hard en snel. De spanningen lopen daardoor hoog op. Emoties horen bij een finale. De teams waren aan elkaar gewaagd. Het waren de excuses van de bestuursleden en coaches van Nijmegen en Geleeen voor de gebeurtenissen in de afgelopen dagen, voor het slechte spel en de harde overtredingen.

De bond had de "risico-wedstrijd' drooggelegd. In het stadion mocht geen alcohol verkocht worden. Maar de omroeper meldde vlak nadat Homburg met een gebroken neus van de baan moest, dat “gezien de gunstige stand de tap opengaat”. Nijmegen leidde met 5-2.

De bond en de clubs zullen binnenkort praten over een nieuwe competitie-opzet voor het volgend jaar. Is het niet zonde voor het imago van onze sport, al die incidenten? Dat zal op die vergaderingen ongetwijfeld gezegd worden. Maar zal iemand dan willen toegeven dat ijshockey in Nederland boven zijn stand leeft? IJshockey is een kleine sport, de bond heeft vierduizend leden.

Nationaal gaat het relatief goed met ijshockey. In het B-wereldkampioenschap, dat vanaf 25 maart in Eindhoven wordt gespeeld, eindigde Nederland vorig jaar als tweede. Een fraai resultaat dat het Oranje-team ditmaal zelfs in de race zou houden voor deelname aan de Olympische Spelen.

Deze week kreeg bondscoach Van Wieren twee afmeldingen. Zeer onaangename omdat het de twee beste spelers van nederland betreft. Tonnie Collard van Utrecht, Nederlands meest gelouterde en veruit beste ijshockeyer, zegt zich niet te kunnen motiveren. Hij is niet goed voorbereid. Ben Tijnagel van Nijmegen wil op grond van de straf die van de bond kreeg opgelegd, Nederland niet meer vertegenwoordigen. “Ik ben blij dat ik het gehad heb”, verklaarde Tijnagel. “De bond heeft me vorige week onterecht bestraft. Van Wieren valt te verwijten dat hij niet bij de tuchtcommissie is komen getuigen toen ze over mijn schorsing beslisten.”

Op clubniveau drijft het spelpeil van de nationale competitie op de klasse van "imports', Amerikanen en vooral Canadezen, maar zij zijn duur. Geleen was vorig jaar bijna failliet, Utrecht ging dit jaar helemaal failliet. Alle zeven ploegen uit de eredivisie hadden deelname aan de kampioenscompetitie begroot. Drie clubs kregen daardoor problemen. De transfermarkt voor spelers en coaches is in vrijwel geen enkele tak van sport zover vloeibaar en beweeglijk als in ijhockey. Voor iedere nieuwe sponsor is een nieuw team te vinden.

In de finalereeks compenseerde Nijmegen een tekort aan techniek ten opzichte van Geleen met een teveel aan inzet. Het ongedisciplineerde team uit Geleen liet zich meeslepen in de vicieuze cirkel van fysieke hardheid. De Nederlandse scheidsrechters lieten een aantal zware overtredingen onbestraft.

Was het op de rand? Danny Cuomo, de 38-jarige Nijmeegse coach die ook zelf een paar minuten meespeelde, vond van niet. “Daarom wordt er "best-of-seven' gespeeld. Geleen is absoluut het beste team, met technisch ijshockey. Maar over zeven wedstrijden beslist wilskracht. Dan moet je er blessures, gebroken neuzen, kapotte knieen, dan moet je er alles voor over hebben.”

In de kleedkamer na afloop van de wedstrijd, tijdens de gebruikelijke rituelen van champagne en bier, meldde zich een bekeerde supporter met bloementjesstropdas en paars colbert. “Heren, ik had nog nooit een ijshockeywedstrijd gezien. Ik ben oud-voorzitter van (voetbalclub) Heracles”, verklaart hij. “Ik vond het prachtig. Jullie krijgen duizend gulden van me.” Hij wapperde met een vuist vol honderdjes. De nieuwe kampioenen, Canadese profs en Nederlandse semi-profs, konden het wel waarderen.