"Groote kwaal'

Vroeger zeiden ze dat je er blind van werd en dom of anders dat je er rugklachten van de ernstigste soort van zou krijgen.

“Onanie (zelfbevlekking) behoort tot het gebied der vleeschelijke misdaden en bestaat uit eene onnatuurlijke zelfbevrediging der geslachtsdrift, waardoor geestelijke en lichamelijke zwakte, ontaarding en geheele verwoesting intreden”, schreef F.E. Bilz in 1922 in zijn De Nieuwe Natuurgeneeswijze. “Wanneer ouders deze "groote kwaal' bij hun kinderen ontdekken moeten ze er streng op toezien dat zulke kinderen veel beweging krijgen, koele baden, frissche lucht en een harde matras”, zo luidde het advies.

De seksuele revolutie heeft ook op dit vlak de opinies danig bijgesteld, maar erover praten is voor velen nog steeds erg lastig. Zeker wanneer het onderwerp ter sprake dreigt te komen in een gesprek met de eigen kinderen. Voor die kinderen blijven er derhalve vele vragen open, niet in de laatste plaats de hamvraag: hoe doe ik het?

Journalist en kinderboekenschrijver Jos Lammers kwam die kinderen te hulp met het boekje Vrijen met jezelf. Een boekje voor kinderen die meer over zelfbevrediging willen weten, dat onlangs bij Van Goor verscheen. Lammers: “Ik merkte dat ik er zelf ook niet zo gemakkelijk over kon praten met mijn kinderen en ontdekte toen dat er eigenlijk geen behoorlijke boekjes over waren. Boekjes voor seksuele voorlichting besteden geen of nauwelijks aandacht aan zelfbevrediging en als ze het doen wordt het nog wel eens afgedaan als tweederangs gedoe. Terwijl dit nou juist de soort seks is die je als kind heel gemakkelijk kunt doen.”

De invalshoek van Lammers is een sociologische. Zijn boekje begint met een beschouwing over het begrip schaamte, die inzichtelijk maakt hoe in de loop der tijd steeds meer zaken van het lichaam tot strikte privé-zaken zijn geworden. In de volgende twee hoofdstukken spitst hij die inzichten toe op de seksualiteit in het algemeen en zelfbevrediging in het bijzonder. Opzet is de jonge lezertjes - vanaf 11 jaar, is het advies - gerust te stellen door duidelijk te maken dat, ondanks het angstvallig zwijgen van vooral de grote mensen over dit soort zaken, zelfbevrediging iets heel normaals is. En zeker niet zondig.

Dat gezegd zijnde volgt het praktische gedeelte van het boekje onder het kopje "Hoe doe je het'. Een onomwonden, maar nergens opgewonden of op sensatie beluste handleiding die nog wordt gevolgd door een serie oefeningen voor als het niet meteen lukt. Dat kinderen zulke aanwijzingen nodig hebben, mag blijken uit het laatste gedeelte van het boek, dat wordt gevuld met ervaringen van mannen en vrouwen met zelfbevrediging. Ze schreven ze op op verzoek van Lammers. Nuttig voor kinderen, maar zeker ook interessant voor ouderen, juist omdat masturbatie zo'n weinig besproken onderwerp is.

Lammers: “Het gekke was dat de houding van mannen en vrouwen ten opzichte van dit onderwerp precies andersom bleek dan ik had gedacht. Ik merk het ook nu aan de reacties, vrouwen blijken er veel makkelijker over te praten dan mannen.” En inderdaad, de heren zijn aanmerkelijk korter van stof dan de dames. Maar dat een handleiding voor hen op zijn plaats was geweest blijkt er wel uit. “Ik had geen idee hoe het moest”, schrijft iemand. “Ik heb nog een tijdje geprobeerd mijn ballen in mijn piemel te laten verwijnen door ertegenaan te duwen, in de hoop dat het dan zou gebeuren, maar dat leverde niets op.”

Onthullend is ook de laatste brief, afkomstig van een vrouw die wel op zeer jonge leeftijd begon zichzelf te bevredigen. “Ik was nog maar een klein meisje toen ik begon met masturberen; niet ouder dan een jaar of vier. Hoe ik het ontdekt heb weet ik niet meer, wel dat ik altijd op mijn buik lag, mijn hoofd in het kussen gedrukt en mijn armen om het kussen heen geslagen. Mijn linkerbeen had ik helemaal naar binnen toe getrokken zodat mijn hiel precies tegen mijn kutje aandrukte. Zo lag ik dan te "hopsen' in mijn bed, me helemaal niet bewust van datgene waarmee ik bezig was.”

Het geheel werd alleraardigst geïllustreerd door Helen van Vliet, die er voor koos vrolijke, onschuldige illustraties te maken, als om te onderstrepen dat dit geen stiekem boekje is, maar een handig informatief werkje dat gezien mag worden.