De Servische Mythe

Op het televisienieuws van CBS werd Radovan Karadzic geïnterviewd door Tom Brokaw, de anchorman van dit programma.

Brokaw is iemand die de directe vraag niet schuwt; Karadzic de gelukkige typecasting van een politicus die men geen cent zou toevertrouwen. Een paar dagen tevoren was de bom in het World Trade Center ontploft terwijl de Amerikaanse voedseldroppings in het laatste stadium van voorbereiding waren. De Bosnisch-Servische leider had over deze hulp zijn ongenoegen kenbaar gemaakt en laten doorschemeren dat de Verenigde Staten nog wel vaker het doel van terrorisme konden worden als Washington niet begreep wat de Serviërs als goede manieren in de politiek beschouwden. Was dat waar en zo ja, wat bedoelde Karadzic daarmee? vroeg Brokaw. Een grote vergissing! riep Karadzic uit. Ik ben het slachtoffer geworden van een slechte tolk! Zelden heeft de televisie iemand vertoond die zijn typecasting zo naar de letter opvatte. De schurk, op zo'n manier liegend dat hij duidelijk maakte hoe weinig het hem kon schelen als hij werd doorzien.

Intussen weet men door deze hulp uit de lucht, door de manier waarop die wordt gegeven en door de resultaten, hoe ver de Amerikanen met hun interventie willen gaan: verticaal gemeten tot buiten het bereik van de Servische kanonnen en op de grond helemaal niet. Dat een Bosnisch dorp eerst uit de lucht wordt bevoorraad en dan door de Serviërs wordt veroverd, het voedsel in beslag genomen en de bevolking etnisch "gecleansed' is een nouveauté in het cynisme die zelfs naar de maatstaven van dit strijdtoneel een record betekent.

Het is ook een nieuwe fase in de ontwikkeling van het Joegoslavische vraagstuk. In de eerste fase heeft "Europa" geprobeerd de strijdende partijen te verzoenen. Die onderneming is in "Europese' ruzies geëindigd en daarmee had "Europa' zijn geloofwaardigheid verloren. Toen was het de beurt aan de Verenigde Naties. Die zijn al meer dan een jaar bezig, de strijdende partijen tot een staakt het vuren te bewegen, er is een tribunaal tot berechting van oorlogsmisdadigers in oprichting - hoever is het daarmee - en sinds 1945 is er nog niet zoveel geschoten in Europa en hebben de oorlogsmisdadigers zoveel ruimte voor hun liefhebberijen gekregen. In de derde fase is er sprake van dat de NAVO iets zou kunnen ondernemen. Het denkbeeld op zichzelf heeft bij de lidstaten al zoveel binnenlandse onenigheid veroorzaakt dat de NAVO kan worden afgeschreven. Het roemruchte bondgenootschap dat veertig jaar de Russen op een afstand heeft gehouden, heeft na "Europa' en de Verenigde Naties ook niet kunnen verhinderen dat zijn geloofwaardigheid ten onder is gegaan.

Opnieuw blijven de Amerikanen over. De geschiedenis herhaalt zich: hetzelfde debat dat al bijna twee jaar in groter verband wordt gevoerd, is in de Verenigde Staten gaande. De ene school - niet minder dan de andere vervuld van weerzin tegen de etnische zuivering en wat daarmee samenhangt - zegt dat militair ingrijpen een herhaling van Vietnam in de bergen en bossen van de Balkan tot gevolg zou hebben en ziet er daarom, bewogen door uiteenlopende motieven van af. De andere verdedigt de stelling dat de strijdende partijen, in het bijzonder de Serviërs nog niet met een gelijkwaardige tegenstander te maken hebben gehad, laat staan met gecoördineerde operaties van een moderne land- en luchtmacht.

Een nieuwe, overtuigend klinkende vertegenwoordiger van deze school is J.P. Mackley, een Vietnam-veteraan die de afgelopen anderhalf jaar in het Joegoslavisch oorlogsgebied heeft doorgebracht. Om een aantal redenen die hij in de International Herald Tribune (9 maart) nader verklaart, gelooft hij niet in een herhaling van de "moeras'-tragedie: het steeds verder verstrikt raken in een oorlog die niet te winnen valt, zoals in Vietnam. Hij denkt dat een Amerikaanse pantserdivisie en een gemechaniseerde infanteriedivisie gesteund door de luchtmacht, een maand nodig zouden hebben om de wapenstilstand te bewerkstelligen. Een studie van het Pentagon, gepubliceerd in 1954 (waaruit ik hier op 27 januari heb geciteerd) laat zien dat de Duitsers en Italianen die in de Tweede Wereldoorlog er niet in slaagden de Joegoslavische partizanen te verslaan, bestonden uit slecht bewapende tweederangs eenheden die onderling ruzie hadden. Er is een Servische mythe die de guerilla's daar tot onoverwinlijk heeft uitgeroepen. Die onbeproefde onoverwinlijkheid heeft steeds groter politieke waarde gekregen, waardoor de Bosnische Serviërs in staat worden gesteld, onder algemene afkeuring van de wereld en toezicht van de Verenigde Naties hun etnische waanzin en moordpartijen te bedrijven waar ze willen.

De Amerikaanse voedselhulp uit de lucht zoals die nu wordt uitgevoerd, is mislukt. Wat nu? Door dit initiatief langzaam te laten versukkelen zal Washington de politieke betekenis van de Servische mythe versterken. Met de Amerikaanse geloofwaardigheid gaat het dan dezelfde kant op als met de Europese en die van de VN. Kan president Clinton zich dat veroorloven? Komt hij daardoor niet, zij het nog in de verte maar wel vroeg in zijn carrière, in de buurt van de capitulanten en van John Major, vergeleken bij wie Neville Chamberlain een ijzervreter was (zoals een colmunist in de New York Times schreef)?

Karadzic en op de achtergrond Milosevic wedden op Clintons binnenlandse vernieuwingspolitiek die het Amerikaanse publiek sterk bezighoudt en waarin de president geen militair avontuur kan gebruiken, zeker niet in een gebied waar naar Amerikaanse overtuiging de Europeanen zelf orde op zaken moeten stellen. Door af en toe in de VN te verschijnen en voor de plaatselijke televisie een paar leugens te vertellen kan Karadzic de Amerikanen nog op redelijke afstand houden: meer dan drie kilometer boven de grond. Zo bewijst hij het succes van de Servische mythe en lukt het hem, zelfs de Amerikaanse geloofwaardigheid tot een karikatuur te maken.