‘Lightrail is noodzaak in Randstad’

Mobiliteit Laat pensioenfondsen infrastructuur betalen, bepleiten wethouders en stadsvervoerders.

Foto Rick Keulen

Zonder nieuwe lightrail-verbindingen slibt de Randstad dicht. De aanleg van deze vorm van openbaar vervoer, een combinatie van trein, tram en metro, loopt echter vertraging op omdat de steden en het ministerie van Infrastructuur niet voldoende geld kunnen bijdragen. Daarom moet het kabinet met spoed externe financiers, zoals pensioenfondsen, overhalen om te investeren in nieuwe tram- en metrolijnen.

Die oproep doen acht verkeerswethouders van steden in de Randstad, vier directeuren van de stadsvervoerders in Rotterdam, Den Haag, Amsterdam en Utrecht en de topman van NS. Zij doen dat in een opiniestuk in NRC, een dag voordat de Tweede Kamer met staatssecretaris Stientje van Veldhoven (Infrastructuur en Waterstaat, D66) spreekt over openbaar vervoer.

Lees ook dit opiniestuk dat is ondertekend door vervoersbedrijven en wethouders van Verkeer: Investeer nu in lightrail om verkeersinfarct te voorkomen

In een reactie zegt Van Veldhoven dat zij „het initiatief en de regie zal nemen om op korte termijn met de regio’s te bespreken hoe lightrail een oplossing kan zijn”. Zij wil daarbij ook betrekken „of er andere partijen zijn die willen meefinancieren”.

Concurrentiepositie

De nood is hoog, zegt de Rotterdamse wethouder Pex Langenberg. „Wij willen dat de staatssecretaris en de minister van Infrastructuur het kabinet zeggen: dit overstijgt ons ministerie, dit gaat om de nationale economie. De concurrentiepositie van Nederland staat op het spel. De verstedelijking gaat door, de Randstad krijgt er 700.000 inwoners bij. Maar de wegen staan vol en het openbaar vervoer kan de groei niet aan. De Rotterdamse haven en Schiphol worden onbereikbaar.”

Vervoersdeskundigen bepleiten al langer uitbreiding van lightrail in de Randstad. Lightrail leent zich goed voor de verbinding tussen stad en regio, en voor woon-werkverkeer met een afstand van 20 à 30 kilometer. De vele stations maken het vervoer toegankelijk, de rijfrequentie is hoog. De RandstadRail, tussen Rotterdam, Den Haag en Zoetermeer, is zeer succesvol. Het aantal dagelijkse reizigers groeide van 40.000 in 2006 naar 120.000 in 2016. Den Haag en Rotterdam willen de RandstadRail uitbreiden naar Leiden in het noorden en Dordrecht in het zuiden. Langenberg: „Alleen al voor Den Haag en Rotterdam, hebben we 2,5 miljard euro nodig voor infrastructuur.”

Cofinanciering

Probleem is de financiering. Het Rijk eist voor eenderde van de investeringen cofinanciering door de steden, die echter een beperkt budget hebben. Waar de twee regio’s Amsterdam en Rotterdam/Den Haag in 2005 nog 395 miljoen euro konden besteden aan nieuwe infrastructuur, was dat in 2016 nog maar 90 miljoen euro. De rijksbijdrage voor verkeer en vervoer is gedaald, de uitgaven voor beheer, onderhoud en vervanging zijn sterk gestegen.

De 2 miljard euro extra die het nieuwe kabinet voor de komende drie jaar heeft gereserveerd voor infrastructuur, waarvan 800 miljoen euro voor openbaar vervoer, schiet dan ook te kort. De oplossing is volgens de wethouders en stadsvervoerders een verruiming van de regels voor cofinanciering door derden, zoals pensioenfondsen of de Europese Investeringsbank. Volgens Langenberg zijn daar al verkennende gesprekken over gevoerd. „Iedereen vindt dit belangrijk.”

Het kabinet wil nieuwe infrastructuur pas serieus verkennen als er zicht is op 75 procent van de financiering. Dat veroorzaakt volgens de wethouders en stadsvervoerders een patstelling. Langenberg: „Aanleg van lightrail duurt tien jaar. We moeten nu beginnen, anders hebben we over tien jaar een heel groot probleem.”