Ter Veld: TUT naast VUT is gunstig voor man en vrouw

AMSTERDAM, 9 MAART. De VUT moet deels worden vervangen door de TUT: tijdelijke uittreding uit het arbeidsproces. "TUT-periodes' bieden meer ruimte om werk en zorgarbeid te combineren dan de VUT, die komt op een leeftijd dat de kinderen meestal al de deur uit zijn. Tot TUT-voorstanders verklaarden zich staatssecretaris Ter Veld (sociale zaken) en K. Adelmund, vice-voorzitter van het FNV, gisteren op internationale vrouwendag op een bijeenkomst van het feministische maandblad Opzij.

“Het arbeidspatroon is op een idiote manier ingedeeld”, zo betoogde Ter Veld. “Tien procent arbeidsleven in je totale leven, bepaalt je hele bestaan. Het is absurd om topprestaties te leveren in zo'n korte tijd, terwijl je niet meer hoeft te werken als je de meeste tijd hebt.” Zij pleitte voor een “arbeidsleven waarin de arbeidstijden radicaal kunnen variëren”. Dat geeft volgens Ter Veld mannen en vrouwen niet alleen meer mogelijkheden werk en zorg te combineren, het laat hen ook vrij een paar jaar keihard te werken omdat zij met iets leuks bezig zijn en daar een jaar van “totale gekte” op te laten volgen.

Ter Veld reageerde hiermee op het nationaal zorgplan van prof. dr. J. de Bruijn, hoogleraar arbeidssociologie aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Ook dit plan (volgens Ter Veld “een Deltaplan voor onze samenleving”) voorziet in meer mogelijkheden tot tussentijdse uittreding, naast onder meer een verkorting van de werkweek tot gemiddeld 28 uur. Werk je meer, dan moet je extra belasting betalen - tenzij je zorgarbeid verricht.

Ter Veld steunde het pleidooi voor een herverdeling van zorgtaken tussen man en vrouw. “Vrouwen zijn de afgelopen twintig jaar aanzienlijk meer gaan werken, waardoor mannen zijn vrijgesteld van de verantwoordelijkheid de kost te winnen. Maar die vrijstelling hebben ze niet geïnvesteerd in zorg en huishouden”, aldus de staatssecretaris die gisteren in Den Haag een projectgroep instelde, die zich zal buigen over de herverdeling van onbetaalde arbeid en zorg.

Vice FNV-voorzitter Adelmund toonde zich optimistisch over de wil van mannen om te moederen. “Er zijn weinig mannen die nog zeggen: "Ik wil per week niet meer dan twee dagen vrij en leer mijn kinderen wel kennen na de VUT.' Tegenwoordig heeft een beetje man, een beetje vrouw die een beetje werkt.” Het probleem is dat de realiteit niet in de pas loopt met wat mensen willen, zo zei Adelmund. “Uit een FNV-enquête blijkt dat 43 procent van de ondervraagden in deeltijd zou willen werken, en slechts 2 procent lukt 't.”

Adelmund kondigde aan dat de FNV een nota voorbereidt, waarin de norm van fulltime arbeid zal worden losgelaten en de voorwaarden voor deeltijdarbeid aanzienlijk worden verbeterd. Onderdeel van de nota is een pleidooi voor meer mogelijkheden tot tussentijdse uittreding. Volgens Adelmund zijn er mogelijkheden deze "TUT-periodes' door te betalen, als de mogelijkheden tot VUT worden verminderd.

Adelmund waarschuwde voor de “terug-naar-vroeger romantiek”: werkende vrouwen die als spijtoptant terug naar het aanrecht keren. “Je ziet een beginnetje van de "retro-vrouwen' of zoals ze in Amerika worden genoemd, de "apple pie mothers'. Maar dat kan niet meer.” Daarom moet er volgens haar haast worden gemaakt met TUT-regelingen.

Sceptischer over het nationale zorgplan was VNO-voorzitter A. Rinnooy Kan (“Ik ben hier ingehuurd als kop van Jut”). Hij wees vooral op de beperkte mogelijkheden zo'n plan te financieren. Hoewel ook hij toegaf dat “flexibilisering van de arbeid een gemeenschappelijk belang is van werkgevers en werknemers”, vond hij de voorstellen vooralsnog te duur. Uitbreiding van de mogelijkheden in deeltijd te werken, zag Rinnooy Kan vooral daar waar deze mogelijkheden aansluiten bij de behoefte van werkgevers om te komen tot flexibeler arbeidsverhoudingen.