Zwijgen is moeilijk voor waarnemers in Willemstad

WILLEMSTAD, 8 MAART. “Het wordt een soort Europese top”, verzuchtte VVD-Kamerlid Wiebega gisteren in Willemstad. De liberaal, voorzitter van de Commissie voor Antilliaanse en Arubaanse zaken in de Tweede Kamer, doelde daarmee op het wel erg grote aantal deelnemers aan de Toekomstconferentie, die van doorslaggevend belang zou moeten zijn voor de verhoudingen binnen het koninkrijk.

Behalve de delegaties van de regeringen van de drie landen (Nederland, Nederlandse Antillen en Aruba) nemen ook de besturen van de eilanden Curaçao, Bonaire, Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba aan de conferentie deel. Bovendien zijn ook afvaardigingen uit de parlementen van de drie landen als "waarnemers' aanwezig. Daarbij komt dan nog een sliert “adviseurs” die iedere delegatie met zich meebrengt.

De meest opvallende adviseur op de Toekomstconferentie in Willemstad is de Curaçaose vakbondsleider Errol Cova, die vorige week nog hemel en aarde bewoog om de vandaag begonnen conferentie uit te stellen omdat deze achter gesloten deuren wordt gehouden. Cova dreigde met een demonstratie bij de plaats van de conmferentie, het International Trade Center. Sinds vrijdag wordt echter weinig vanuit het vakbondslandhuis Steenen Koraal vernomen: Cova is ingekapseld door de autoriteiten die hij zo vurig kritiseerde, hij mag nu de Caraçaose delegatie adviseren en dus mee naar binnen.

De "waarnemers' uit de Eerste en Tweede Kamer vergaderden gistermiddag nog ijverig op het lommerrijke terras van een groot hotel in Willemstad over de door hen aan te nemen houding tijdens de conferentie. En die houding, zo werd unaniem afgesproken, komt neer op: horen, zien en zwijgen. Dat vooral dat laatste een beproeving is voor Nederlandse Kamerleden bleek wel uit de woorden van Wiebenga,: “We gaan natuurlijk niet elkaar in de gaten lopen houden of moeilijk doen wanneer er her en der tête-à-têtes plaatsvinden.”

Over wat de Toekomstconferentie zal brengen zijn de verwachtingen niet erg hoog gespannen. Wiebenga meent in ieder geval dat er voldoende duidelijkheid moet komen, zodat het koninkrijksstatuut kan worden aangepast. Dat laatste is nodig omdat Aruba twee jaar terug besloot niet langer prijs te stellen op onafhankelijkheid per 1 januari 1996.

En de Antilliaanse premier Maria Liberia-Peters sprak afgelopen vrijdag op een ingelaste persconferentie in het Fort Amsterdam over “uitgangspunten”, “basisakkoorden”, “kaders waarbinnen...” en ook “voorwaarden voor een verdere invulling” waar werkgroepen mee aan de gang moeten. Mevrouw Liberia had dan ook een brief ontvangen van premier Lubbers. Hij zal de conferentie leiden als “onafhankelijk voorzitter”.