Tuur dit jaar in gevecht om de wereldtitel

ROTTERDAM, 8 MAART. “Wie is de nieuwe nummer één van de wereld?”, vroeg Regilio Tuur gisteravond, telefonisch vanuit New York. Zijn zaakwaarnemer Peter Blommaert, aan de andere kant van de lijn, haalde zijn schouders op. Hij wist het niet. “Ik”, riep Tuur. Nog dit jaar bokst hij om de wereldtitel.

De World Boxing Council (WBC), één van de drie belangrijkste boksbonden, zette Regilio Tuur gisteren officieel op de uitdagerslijst in het supervedergewicht. Op 23 maart zet Tuur in Rotterdam zijn Europees kampioenschap nog vrijwillig op het spel, daarna kan de voorbereiding op het gevecht met wereldkampioen Azumah Nelson beginnen. De 34-jarige Ghanees, die Don King als manager heeft, verdedigde op 20 februari voor het laatst zijn titel. Met succes, tegen Ruelas Gabe, in een met 136.000 toeschouwers uitverkocht Azteca-stadion in Mexico City. Tijd en plaats van handeling van het wereldkampioenschap Tuur versus Nelson, zijn nu nog onbekend. De regels van de WBC willen dat de titel om de negen maanden verdedigd moet worden.

“In de herfst van dit jaar dus, en hopelijk in Rotterdam,” zegt Stan Hoffman, sinds begin vorige maand de nieuwe manager van Regilio Tuur. Hij beschouwt dit opvallend snelle succes niet als een verrassing. “Integendeel, Tuur hoort op die positie. Als manager is het mijn taak om de mensen van de WBC dat duidelijk te maken. Dat heb ik gedaan, meer niet. Ik denk, dat Tuur Nelson op alle facetten verslaat. Op snelheid, op conditie, op stootkracht.”

Wie de organisatierechten van het gevecht krijgt is nog een vraagteken. Henc Rühling, de enige Nederlandse bokspromotor die wereldkampioenschappen heeft 'afgesloten", vraagt zich af of het voor een Nederlandse organisatie haalbaar is. “Met de belangstelling van Europese en Amerikaanse televisie wordt er straks flink geboden, waarbij Don King of Madison Square Garden waarschijnlijk over de meeste middelen beschikken. Ik geef Tuur 50 procent kans wereldkampioen te worden als er in Nederland gebokst wordt, in Amerika beduidend minder.”