Ongenoegen groeit in gevangenis op Curaçao

"Hotel Hemelzicht', noemt de bevolking van Curaçao de gevangenis Koraal Specht. De directeur van de overbevolkte strafinrichting maakt zich ernstige zorgen.

WILLEMSTAD, 8 MAART. Directeur T. Miedema heeft kopzorgen: een opstand, een staking van het personeel, of een overval van Latijns-Amerikaanse bendes. “Ik heb geld nodig om de gevangenis beter te beveiligen tegen onheil van buitenaf”, zegt hij. “Anders ben ik hier, zoals de Amerikanen zeggen, een sitting duck.”

Buiten staat de zon hoog aan de hemel. Op de heetste uren van de dag mogen de gedetineerden uit hun met traliewerk afgezette cellen, boven hun hoofden een toren met schietpost. De meeste mannen, in kaki-uniform met rugnummer, praten in de smalle schaduw van een muur. Een man wast zijn kleren op het pleintje. Ergens wordt gepingpongd.

Binnen klopt Miedema, een Fries die in Nederland adjunct-directeur was van de sociale dienst, op de salontafel: “Tot nu toe is de gevangenis niet overvallen, maar de indicaties dat een overval dreigt, worden steeds sterker.” Begin vorige week werden vier zwaargestraften die hun straf uitzaten op St. Maarten met spoed overgebracht naar zijn gevangenis op Curaçao. Dit gebeurde omdat de Centrale Recherche Informatiedienst (CRI) sterke aanwijzingen had dat de gevangenis op St. Maarten zou worden overvallen om de vier te bevrijden.

Miedema: “Nu zitten er nog drie mensen van de Colombiaanse drughandelaar Pablo Escobar op St. Maarten en ik maak me ernstige zorgen.” In 1982 werd al eens een lid van de Amerikaanse mafia op Curaçao door zijn organisatie tijdens een transport bevrijd. De groep overviel de auto en verdween razendsnel met een snelboot naar Venezuela.

Miedema zegt verder te vrezen voor een opstand. De afgelopen twee jaar zijn er al twee geweest in de afdeling langgestraften. De eerste, in 1991, kon worden opgelost na langdurige onderhandelingen. De tweede keer, vorig jaar augustus, liet Miedema geweld gebruiken. “Het bleef bij een optreden met wapenstok, helm en schild, maar ik vrees dat het de volgende keer een gewelddadige geschiedenis wordt.”

Oorzaak van de onrust in de Curaçaose strafinrichting is de verregaande overbevolking. Koraal Specht heeft 325 plaatsen maar huisvest 485 gedetineerden. Minister Hirsch Ballin (koninkrijkszaken) heeft inmiddels ingestemd met de bouw van 96 plaatsen in barakkenbouw.

De bevolking van Curaçao noemt Koraal Specht eufemistisch "Mira Cielo-hotel' (Hotel Hemelzicht). Ongetwijfeld een verwijzing naar de ligging van de gevangenis, met zijn hoge muren en prikkeldraadomheining, op een heuvel ten oosten van Willemstad. Aan de binnenzijde van de afdeling langgestraften is de buitenmuur afgezet met elektriciteitsdraden waar een spanning van 400 volt op staat. In de hoek uiterst rechts is een getraliede kooi met daarin de cellen van vier gevangenen die levenslang moeten uitzitten.

Pag.8: Nieuwe opstand in gevangenis op Curaçao lijkt "onvermijdelijk'

De schietposten worden volgens Miedema alleen bij uitzonderlijke situaties in staat van paraatheid gebracht. Toen bijvoorbeeld in november vorig jaar een helikopter opdook boven de zoutpan had Miedema al bijna het bevel tot schieten gegeven. “Via de officier van justitie begreep ik echter dat we sinds kort zo'n helikopter-onderneming op het eiland hebben. Maar er geldt een vliegverbod boven en rond de gevangenis. Dus we hebben dat ding bijna neergehaald want je kunt niet wachten tot hij boven je inrichting hangt: dan valt-ie er op.”

De beschuldiging van de Amsterdamse hoofdcommissaris Nordholt dat Antilliaanse autoriteiten criminelen lozen naar Nederland, en dat in sommige gevallen een enkele reis Nederland door de celdeur wordt aangeleverd, vindt Miedema “onbegrijpelijk”. “Ik begrijp ook niet dat hij mij niet eerst over zijn verdenking heeft gebeld; we hebben vorig jaar gezellig met onze vrouwen een dag aan het strand doorgebracht. Dan doe je dat toch niet zo?” Miedema zelf bracht vorige week een tegenbeschuldiging naar buiten: hij zou sterke aanwijzingen hebben dat Nederland Antilliaanse criminelen op het vliegtuig naar Curaçao heeft gezet. Daarover wil hij nu niets meer zeggen; eerst moet het onderzoek worden afgerond.

Koraal Specht voldoet aan de minimum rules of imprisonment, zoals die zijn neergelegd in het verdrag van New York van 1957, zegt Miedema. Het één man per cel-systeem dat in Nederland geldt, bestaat niet in het overzeese deel van het koninkrijk. “Het past ook niet binnen de cultuur hier,” zegt Miedema, “de mensen zouden het als extra straf beschouwen.” Overigens zegt hij wel “zijn vingers af te likken bij het Nederlandse gevangeniswezen”. “Maar dat kun je niet naar hier overplaatsen. Deze eilanden zijn, hoe je het ook wendt of keert, tegen Latijns Amerika aangeplakt. Het is hier Latijns Amerika met een rood-wit-blauwe franje. Ik heb een keer de gevangenis van Caracas bezocht, dat is hier vlak in de buurt. Dat is een gevangenis met 700 plaatsen en ongeveer 3.200 gevangenen. Hoeveel precies weet niemand. De directeur weet ook niet wie hij allemaal binnen heeft. Daar worden 's ochtends de doden uit de cellen gehaald. Vergeleken daarmee zijn we een eiland van beschaving. Ik ben bang dat nog meer aanpassen van het regime aan in Europa geldende normen alleen maar een aanzuigende werking zou hebben op de criminaliteit in de omliggende landen.”

Voor Koraal Specht beschikt Miedema over een budget van 12 miljoen gulden, “terwijl Nederlandse instellingen met deze omvang minstens over het dubbele beschikken. Ondertussen heb ik honderdzestig gedetineerden teveel binnen de muren. Aan de andere kant heb ik maar 170 man personeel voor bewaking terwijl ik het dubbele aantal nodig heb. Dat leidt tot overuren, stress, en ziekteverzuim. Vorig jaar april heb ik hier een protestactie, een walk out, gehad van het personeel.”

De overbevolking van de inrichting zal volgens de directeur onvermijdelijk een nieuwe opstand tot gevolg hebben. “Je kunt niet ongestraft mensen op elkaar blijven douwen.” In april 1991 lukte het Miedema na acht uur onderhandelen de rebelse langgestraften tot bedaren te brengen. Vorig jaar escaleerde de zaak. “Ik heb toen het geweld van de gevangenen met geweld moeten beantwoorden. Veertig man personeel is speciaal voor dat soort gevallen uitgerust met wapenstok, helm en schild. Alles gebeurde onder toezicht van de officier van justitie. Ik ben bang dat het de volgende keer gewelddadiger zal worden.”

Bij het besluit van minister Hirsch Ballin (koninkrijkszaken) om 96 extra plaatsen te financieren in barakken plaatst Miedema een kanttekening: “Het probleem is dat de Nederlandse Antillen geen geld hebben om mijn budget structureel te verhogen. Nederland geeft geen begrotingshulp maar financiert projecten, zoals de bouw van onze noodcellen, eenmalig. De structurele verhoging van de kosten die daaruit voorvloeit is weer voor rekening van de Antillen. Ik vind dat wanneer Nederland het begin van de strafrechtelijke keten versterkt door het sturen van extra officieren van justitie en het verlenen van politiebijstand, er ook geld moet komen voor het sluitstuk van de strafrechtelijke keten: de gevangenis.”

Zijn functie, zegt Miedema, is niet te vergelijken met die van zijn Nederlandse collega's. Hij heeft veel meer mogelijkheden om zelfstandig te opereren omdat de Antillen geen ministerie van justitie hebben en geen directoraat generaal voor het gevangeniswezen. “Je kan dus zelf veel doen. Dat is aantrekkelijk maar heeft ook zijn schaduwkanten. Ik zit op een vooruitgeschoven post waarbij ik met niemand kan overleggen. Ik heb geen klankbord. In Nederland kun je altijd even iets voorleggen aan een collega. Zo van: "hoe zou jij dat doen'. Maar ik ben bang dat wanneer ik dat mijn collega in Caracas zou vragen, het antwoord te vaak zou luiden: zet ze maar tegen de muur.”